Schriftelijke vragen : Het zware werk op Schiphol
Vragen van de leden Patijn (PRO) en Jimmy Dijk (SP) aan de Ministers van Sociale Zaken en Werkgelegenheid en van Werk en Participatie over het zware werk op Schiphol (ingezonden 1 september 2026).
Vraag 1
Heeft u kennisgenomen van het bericht van Nieuwsuur: «Rechter fluit Arbeidsinspectie
terug over zwaar bagagewerk op Schiphol»?1
Vraag 2
Heeft u kennisgenomen van de uitspraak van de rechtbank Oost-Brabant: «Pakketdienst
moet maatregelen treffen om gezondheid medewerkers te borgen»?2
Vraag 3
Heeft u kennisgenomen van de uitspraak van de rechtbank Noord-Holland: «Minister moet
opnieuw besluit nemen over bagage-afhandelbedrijven Schiphol»?3
Vraag 4
Heeft u kennisgenomen van het bericht van de Schiphol Group: «The next era of baggage
handling at Schiphol: safer, smarter and mechanised» (27 juli 2026)?4
Vraag 5
Deelt u de opvatting dat bagageafhandeling tot de kern behoort van het bedrijfsproces
op luchthavens en dat het voorkomen van gezondheidsschade van werknemers door fysieke
overbelasting daarom behoort te prevaleren boven het technische, operationele en economische
belang van betrokken werkgevers?
Vraag 6
Kan bij de beantwoording van vraag 5 ook het onderdeel 4.5 uit de uitspraak van de
rechtbank Oost-Brabant van 7 juli 2026 betrokken worden?5
Vraag 7
Deelt u de opvatting van de rechtbank Noord-Holland die het eerste element van haar
uitspraken op 14 juli 2026 als volgt samenvat: «De rechtbank oordeelt in de eerste
plaats dat de afhandelbedrijven de afhandeling van bagage niet geheel zelf konden
automatiseren. Daarvoor zijn zij afhankelijk van Schiphol.»?
Vraag 8
Klopt volgens u de bewering van Schiphol Group dat zij, ondanks haar positie als eigenaar,
beheerder en haar bevoegdheid om te beslissen over het ontwerp, de vervaardiging of
het onderhoud van arbeidsplaatsen en arbeidsmiddelen, niet juridisch verantwoordelijk
is voor de arbeidsomstandigheden?
Vraag 9
Deelt u de mening dat het onwenselijk is dat bedrijven met een dergelijke positie
niet juridisch aangesproken kunnen worden op de wijze waarop zij de arbeidsomstandigheden
van werknemers buiten hun bedrijf beïnvloeden?
Vraag 10
Wat is uw reactie op de stelling die de rechtbank Noord-Holland doet in vier verschillende
uitspraken, namelijk «Aanvullend wijst de rechtbank erop dat de Minister zich niet
noodzakelijkerwijs enkel hoeft te richten tot [naam bagageafhandelaar] als werkgever.
Artikel 16, lid 8, van de Arbeidsomstandighedenwet voorziet immers in de mogelijkheid
om bij algemene maatregel van bestuur te bepalen dat de verplichting tot naleving
van bepaalde voorschriften rust op iemand anders dan de werkgever. De wetsbepaling
noemt de eigenaar, beheerder, of degene die anderszins bevoegd is te beslissen over
het ontwerp, de vervaardiging of het onderhoud van arbeidsplaatsen en arbeidsmiddelen.
Uit het vierde lid van Artikel 27 van de Arbeidsomstandighedenwet volgt dat die aangewezen
persoon gelijk wordt gesteld met een werkgever, als het gaat om een eis tot naleving.»?
Vraag 11
Hoe beoordeelt u de analyse van Henk Brandsma, Schiphol Airport’s Strategic Process
Developer for Baggage, die op de website van «Internationaal Airport Review» schrijft
dat de huidige verhoudingen tussen luchthaven, bagageafhandelaars en luchtvaartmaatschappijen
leidt tot een verantwoordelijkheid vacuüm, afgebeeld als een Bermudadriehoek waarin
ideeën, initiatieven en innovatie spoorloos verdwijnen? Wat vindt u hiervan?
Vraag 12
Het feit dat Artikel 16, lid 8, van de Arbeidsomstandighedenwet voorziet in de mogelijkheid
om bij algemene maatregel van bestuur te bepalen dat de verplichting tot naleving
van bepaalde voorschriften rust op iemand anders dan de werkgever, wijst erop dat
in de noodzaak daartoe is voorzien, waarom is dit niet zodanig uitgewerkt in het Arbeidsomstandighedenbesluit
zodat het grootschalig en ruim overschrijden van tilnormen op luchthaven Schiphol
kon worden voorkomen?
Vraag 13
Op welke manier is er precies vervolg gegeven aan de aanbeveling van de SER om bestuursrechtelijke
ketenaansprakelijkheid van arbeidsomstandigheden te verkennen. De SER heeft op 28 mei
2025 onder andere geadviseerd in Arbovisie 2040 deel 2 hier naar te kijken: «Verken
of bestuursrechtelijke ketenaansprakelijkheid voor arbeidsomstandigheden kan bijdragen
aan verbeterde arbeidsomstandigheden in sectoren met een hoge mate van werkuitbesteding,
met name voor kwetsbare groepen zoals laagbetaalde zzp’ers en flexwerkers.» De Staatssecretaris
van SZW heeft op 5 december geantwoord in een Kamerbrief (25 883, nr. 543) dat dat de voor de hand liggende opties juridisch en qua uitvoerbaarheid voor de
toezichthouder niet haalbaar worden geacht. In de bijlage «Verkenning bestuursrechtelijke
aanpak» wordt niet besproken hoe bestuurlijke ketenverantwoordelijkheid conform Artikel
16, lid 8, Arbeidsomstandighedenwet geregeld kan worden met een algemene maatregel
van bestuur. Waarom niet? Is de verkenning wel zorgvuldig verlopen? Ziet u aanleiding
hier verder naar te kijken?
Vraag 14
Betekent het vernietigen van de handhavingsbesluiten dat juist tijdens de piekperiode
in de zomer, met het meeste risico op fysieke overbelasting en overtredingen van de
Arboregelgeving, de Nederlandse Arbeidsinspectie (NLA) minder doeltreffend kon handhaven?
Vraag 15
Hoe beoordeelt u dat uit de uitzending van Nieuwsuur naar voren komt dat de Schiphol
Group nog steeds geen indicatie kan geven wanneer de nieuwe geautomatiseerde bagagekelder
opgeleverd wordt? Kunt u dat wel en kunt u een tijdpad delen van wat wel uitgevoerd
is afgelopen periode met betrekking tot de bouw van de nieuwe geautomatiseerde bagagekelder?
Vraag 16
Bent u bereid een concrete einddatum af te kondigen en zelf in te grijpen?
Vraag 17
Uit de stukken van de rechtbank Noord-Holland komt het volgende naar voren: «Op 14 februari
2024 heeft de NLA gereageerd op het eerder ingediende Plan van Aanpak en te kennen
gegeven dat het Plan van Aanpak nog niet voldoet aan de gestelde eis tot naleving
(actie 2). Ook het aangepaste plan van aanpak van 30 december 2024 met de titel «Roadmap
Mechaniseren en automatiseren bagagehallen Schiphol» voldoet volgens de NLA niet aan
de eis tot naleving.», waarom voldeden de Plannen van Aanpak niet?
Vraag 18
Is uitstel van de bouw van een nieuwe geautomatiseerde bagagekelder besproken op een
aandeelhoudersvergadering van de Schiphol Group, hoe werd dat uitgelegd, is besproken
dat het Plan van Aanpak volgens de NLA onvoldoende is en wat was de reactie van de
Nederlandse staat als aandeelhouder? Welke positie heeft de Nederlandse Staat ingenomen?
Vraag 19
Deelt u de opvatting van FNV die in de uitzending aan gaf dat ze vreest dat er drie
jaren verloren zijn gegaan, doordat de Schiphol Group ondanks haar duidelijke rol
in de kwaliteit van de arbeidsomstandigheden, niet juridisch verantwoordelijk gehouden
kan worden door de NLA voor uitstel en vertraging bij de bouw van een nieuwe bagagekelder,
wat is uw reactie?
Vraag 20
Is het mogelijk voor u om met een algemene maatregel van bestuur de verantwoordelijkheden
rondom rolsystemen in vliegtuigen, zogeheten pdu’s, vast te leggen, denk aan de verantwoordelijkheden
van de eigenaar, beheerder, of degene die anderszins bevoegd is te beslissen over
het ontwerp, de vervaardiging of het onderhoud van arbeidsplaatsen en arbeidsmiddelen,
constaterende dat de eerste uitzending van Nieuwsuur over fysieke overbelasting ook
meldt dat kapotte rolsystemen in vliegtuigen, zogeheten pdu’s, regelmatig niet werken
waardoor medewerkers moeten duwen tegen vrachtplaten van duizenden kilo’s én dat dit
volgens de risicoanalyse van werkgevers een te zware belasting is?
Vraag 21
Klopt het dat op die manier luchtvaartmaatschappijen juridisch verantwoordelijk gehouden
kunnen worden wanneer de systemen binnen een vliegtuig niet functioneren of niet geautomatiseerd
worden?
Vraag 22
Deelt u de overtuiging dat het makkelijker is om goede arbeidsomstandigheden te realiseren
als luchtvaartmaatschappijen juridisch aansprakelijk zijn voor hun rol bij de arbeidsomstandigheden
voor werknemers buiten haar bedrijf?
Vraag 23
Deelt u de overtuiging dat het makkelijker is goede arbeidsomstandigheden te realiseren
als de eigenaren van rolcontainers juridisch aansprakelijk zijn voor hun rol bij de
arbeidsomstandigheden voor werknemers buiten haar bedrijf, constaterende dat duw-
en treknormen voor werknemers het snelst worden overschreden door kapotte en slecht
onderhouden rolcontainers?
Vraag 24
Heeft de NLA signalen ontvangen dat het ontbreken van juridische ketenverantwoordelijkheid
voor arbeidsomstandigheden (bijvoorbeeld bij een eigenaar, beheerder, of degene die
anderszins bevoegd is te beslissen over het ontwerp), leidt tot ongezonde arbeidsomstandigheden
in andere productieketens?
Vraag 25
Is er op dit moment een risico dat opdrachtgevers juridisch onkwetsbaar zijn, als
zij vanuit bijvoorbeeld vanwege financiële belangen opdrachtnemers dwingen te werken
met ongeschikte, slecht onderhouden, kapotte of zonder arbeids- en hulpmiddelen?
Vraag 26
Hoe kijkt u naar het handelen van de overheid? Heeft de overheid gefaald om wetgevende
of andere praktische maatregelen te nemen om te waarborgen dat de werknemers op Schiphol
voldoende worden beschermd tegen de risico’s van fysieke overbelasting voor hun gezondheid
en hun leven?
Vraag 27
Kunt u bij de beantwoording van de vorige vraag het volgende aspect meenemen: namelijk
dat het recht op leven en respect voor een privéleven zijn vastgelegd in Artikel 2
en 8 van het Europees verdrag van de rechten van de mens? De NLA negeerde jarenlang
individuele meldingen over fysieke overbelasting op luchthaven Schiphol omdat het
Ministerie van SZW dit gekwalificeerd had als «overige overtreding.» Sinds september
2022 is door het werk van Nieuwsuur bekend hoe het ontbreken van inspecties en juridische
verantwoordelijkheid leidt tot ernstige overschrijdingen van gezondheidsnormen op
Schiphol, maar de handhavingsbesluiten zijn vernietigd in 2026. Het was in 2024 duidelijk
dat het Plan van Aanpak van de Schiphol Group voor een nieuwe geautomatiseerde bagagekelder
onvoldoende is, op 22 juli 2026 kon de Schiphol Group nog steeds geen indicatie geven
wanneer de nieuwe geautomatiseerde bagagekelder opgeleverd wordt én de Schiphol Group
is nog steeds niet juridisch verantwoordelijk voor haar rol bij de Arbeidsomstandigheden.
Vraag 28
Hoe en op welke termijn gaat u het gat in rechtsbescherming van werknemers vanuit
de Nederlandse regelgeving herstellen?
Indieners
-
Gericht aan
J.A. Vijlbrief, minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid -
Gericht aan
A.A. Aartsen, minister van Werk en Participatie -
Indiener
Mariëtte Patijn, Kamerlid -
Medeindiener
Jimmy Dijk, Kamerlid
Gerelateerde documenten
Hier vindt u documenten die gerelateerd zijn aan bovenstaand Kamerstuk.