Schriftelijke vragen : Het instellen van een uitzondering voor de import van Russisch sabelbont bij de nieuwe EU-sanctieverordening tegen Rusland
Vragen van het lid Teunissen (PvdD) aan de Minister van Buitenlandse Zaken over het instellen van een uitzondering voor de import van Russisch sabelbont bij de nieuwe EU-sanctieverordening tegen Rusland (ingezonden 1 september 2026).
Vraag 1
Heeft u meegekregen dat de Europese Raad in zijn recent aangenomen nieuwe sanctieverordening
tegen Rusland ((EU) 2026/1848), een uitzondering heeft gemaakt voor de import van
Russisch sabelbont (van de sabelmarter) naar de Europese Unie (EU), terwijl deze import
eerder wel verboden was?1
Vraag 2
Bent u bekend met de gruwelijke wijze waarop de sabelmarters in hele kleine kooitjes
worden gehouden?2
Vraag 3
Bent u ermee bekend dat er voor één bontjas 40 sabelmarters worden gedood?3
Vraag 4
Bent u ermee bekend dat uit onderzoek van Politico blijkt dat de International Fur
Federation haar Europese beleidswerk heeft gefinancierd via een Liechtensteins trustfonds
dat ook Russisch veilinggeld ontving?4 En bent u ermee bekend dat uit de jaarrekening van 2023 van de lobbyorganisatie blijkt
dat 223 870 EUR afkomstig was van het Russische bontveilinghuis Sojoezpoesjnina, dat
gevestigd is in Sint-Petersburg, en dat 216 000 EUR daarvan zou zijn gebruikt om de
lobbyist van de International Fur Federation in Brussel te betalen?5
Vraag 5
Deelt u de mening dat lobbyorganisaties die Russische inkomsten ontvangen, geen invloed
zouden mogen hebben op EU-beleid?
Vraag 6
Wat vindt u ervan dat, met risico voor de Oekraïense en Europese veiligheid, op dit
moment sancties op Rusland worden verlicht? Wat vindt u ervan dat dit dan specifiek
ook nog eens sancties zijn die mogelijk dierenleed verminderen?
Vraag 7
Kunt u bevestigen dat bepaalde EU-lidstaten hebben verzocht tot het invoeren van de
uitzondering? Zo ja, welke lidstaten? Zo nee, kunt u bevestigen of dit een voorstel
was van de Hoge Vertegenwoordiger en de Europese Commissie?
Vraag 8
Hoe beoordeelt u het feit dat mogelijk bepaalde EU-lidstaten en bedrijven zich verzetten
tegen sancties op Rusland vanwege belangen van de dieronvriendelijke luxe-industrie?
Vraag 9
Heeft u zich tegen deze uitzondering expliciet verzet in Europees verband in de afgelopen
maanden? Zo nee, waarom niet?
Vraag 10
Bent u bereid om het Nederlandse standpunt, «dat het op ethische gronden niet verantwoord
is om dieren te houden enkel om hun pels» (Kamerstuk 22 112, nr. 4224), per brief bekend te maken aan andere lidstaten en de Europese Commissie? Zo nee,
op welke andere wijze blijft u medelidstaten hierop wijzen?
Vraag 11
Op welke momenten en in welke Europese gremia zal Nederland zich de komende periode
concreet inzetten voor een EU-breed verbod op bont en het opheffen van deze uitzondering?
Vraag 12
Kan de Staatssecretaris de Kamer per brief over de Nederlandse positie informeren
zodra een voorstel over bont op de agenda staat van een Europees overleg?
Vraag 13
Kunt u aangeven welke juridische en beleidsmatige mogelijkheden momenteel worden onderzocht
om bont, dons van levend geplukte dieren, angorawol en kangoeroeleer uit Nederlandse
winkels te weren, ter uitvoering van de aangenomen motie-Van Esch (Kamerstuk 36 254, nr. 16)?
Vraag 14
Bent u bereid om in de Europese Raad aan te kaarten dat het voor Nederland onbestaanbaar
is dat de oorlogskas van Vladimir Poetin gespekt wordt met geld uit deze walgelijke
industrie? Zo nee, waarom niet?
Vraag 15
Bent u bereid om, als een Europees bontverbod uitblijft, dan wel als de uitzondering
op de sancties tegen Rusland blijft bestaan, te onderzoeken welke nationale maatregelen
juridisch mogelijk zijn om de verkoop en import van (Russisch) bont in Nederland alsnog
te beperken? Zo nee, waarom niet?
Vraag 16
Welk precedent schept het invoeren van deze uitzondering op sancties tegen Rusland
volgens u voor de belangen van andere industrieën in Europa? Deelt u de mening dat
door het toekennen van deze uitzondering een hellend vlak ontstaat en andere particuliere
bedrijfsbelangen ook voorrang kunnen krijgen boven het belang van de Oekraïense en
Europese veiligheid?
Vraag 17
Hoe straalt deze uitzondering af volgens u op het imago van Europa, waar men zich
erop voor laat staan dat regelgeving rechtvaardig moet zijn en niet corrupt? Wat denkt
u dat dit doet met het vertrouwen van Europese burgers in Europees beleid en Europese
beleidsmakers?
Vraag 18
Kunt u deze vragen één voor één beantwoorden?
Indieners
-
Gericht aan
T.B.W. Berendsen, minister van Buitenlandse Zaken -
Indiener
Christine Teunissen, Kamerlid
Gerelateerde documenten
Hier vindt u documenten die gerelateerd zijn aan bovenstaand Kamerstuk.