Schriftelijke vragen : Het toezicht op commercieel longevity-aanbod en de handhaving van de Wet op het bevolkingsonderzoek.
Vragen van het lid Claassen (Groep Markuszower) aan de Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport over het toezicht op commercieel longevity-aanbod en de handhaving van de Wet op het bevolkingsonderzoek (ingezonden 21 augustus 2026).
Vraag 1
Bent u bekend met het bericht «Zorgen over longevity-hype: gezond ouder worden begint
niet bij een total body scan»?1
Vraag 2
Hoeveel vergunningen op grond van de Wet op het bevolkingsonderzoek zijn op dit moment
van kracht voor het verrichten van een total body scan?2
Vraag 3
Op welke datum is de meest recente vergunning op grond van Artikel 3, eerste lid,
van de Wet op het bevolkingsonderzoek verleend voor een bevolkingsonderzoek dat niet
van rijkswege wordt aangeboden?
Vraag 4
Op welke wijze is de Wet op het bevolkingsonderzoek van toepassing op een in Nederland
gedaan aanbod van een total body scan die in het buitenland wordt verricht?
Vraag 5
In hoeveel gevallen heeft de Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd (IGJ) sinds 1 januari
2020 aangifte gedaan of proces-verbaal opgemaakt wegens overtreding van Artikel 3,
eerste lid, van de Wet op het bevolkingsonderzoek?
Vraag 6
Indien deze gevallen niet als afzonderlijke categorie worden geregistreerd, onder
welke categorie worden zij dan wel geregistreerd?
Vraag 7
Over welke aanwijzingsbevoegdheid beschikt u ten aanzien van het toezichtprogramma
van de IGJ op preventief gezondheidsonderzoek?
Vraag 8
Klopt het dat het wetsvoorstel tot wijziging van de Wet op het bevolkingsonderzoek
in verband met actuele ontwikkelingen op het terrein van preventief gezondheidsonderzoek
op 24 januari 2025 is ingetrokken?3 4
Vraag 9
Blijft in het vervangende wetsvoorstel de vergunningplicht voor preventief gezondheidsonderzoek
naar kanker gehandhaafd?5
Vraag 10
Op welke wettelijke grondslag kan de IGJ op dit moment optreden tegen een aanbieder
die zonder de vereiste vergunning preventief gezondheidsonderzoek verricht?
Vraag 11
Onder welk wettelijk kader valt het toezicht op het aanbieden van intraveneuze vitamine-infusen
aan personen zonder medische indicatie?
Vraag 12
Welke wettelijke eisen gelden op dit moment voor het commercieel aanbieden van een
test die op basis van bloedwaarden de biologische leeftijd bepaalt?
Vraag 13
Bent u bereid te borgen dat medisch-wetenschappelijk onderzoek dat reeds onder de
Wet medisch-wetenschappelijk onderzoek met mensen valt, in het vervangende wetsvoorstel
niet aan een aanvullende vergunningplicht wordt onderworpen?
Indieners
-
Gericht aan
S.T.M. Hermans, minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport -
Indiener
René Claassen, Kamerlid
Gerelateerde documenten
Hier vindt u documenten die gerelateerd zijn aan bovenstaand Kamerstuk.