Schriftelijke vragen : Een wetsvoorstel dat de vrijheid van christelijke organisaties in India verder onder druk zet.
Vragen van het lid Diederik van Dijk (SGP) aan de Minister van Buitenlandse Zaken over een wetsvoorstel dat de vrijheid van christelijke organisaties in India verder onder druk zet (ingezonden 7 augustus 2026).
Vraag 1
Bent u bekend met het bericht «Wetsvoorstel bedreiging voor christelijke organisaties in India»1 waarin wordt gesteld dat het Indiase parlement een wetsvoorstel behandelt dat de
Foreign Contribution Regulation Act (FCRA) aanscherpt, waardoor de mogelijkheden van
de overheid worden uitgebreid om op te treden tegen maatschappelijke en religieuze
organisaties die afhankelijk zijn van buitenlandse financiering?
Vraag 2
Hoe beoordeelt u de zorgen van Indiase christelijke organisaties dat deze wetswijziging
ertoe kan leiden dat kerken, scholen, ziekenhuizen en andere maatschappelijke instellingen
hun werkzaamheden niet langer kunnen voortzetten en zelfs eigendommen kunnen verliezen
wanneer hun FCRA-registratie vervalt of wordt ingetrokken?
Vraag 3
Deelt u de opvatting dat het uitsluiten van evangeliserende activiteiten van de religieuze
activiteiten waarvoor buitenlandse middelen mogen worden aangewend, op gespannen voet
staat met de vrijheid van gedachte, geweten en godsdienst, zoals beschermd in Artikel
18 van het Internationaal Verdrag inzake Burgerrechten en Politieke Rechten (IVBPR),
waaronder ook de vrijheid om een godsdienst of levensovertuiging individueel of gezamenlijk
te belijden en uit te dragen? Zo nee, waarom niet?
Vraag 4
Hoe beoordeelt u deze wetswijziging in het licht van de bredere verslechtering van
de positie van christenen en andere religieuze minderheden in India, waaronder meldingen
van toenemende beperkingen van de vrijheid van godsdienst, geweld en intimidatie?
Vraag 5
Heeft de Nederlandse regering haar zorgen over dit wetsvoorstel of over de gevolgen
ervan voor de vrijheid van godsdienst en levensovertuiging reeds overgebracht aan
de Indiase autoriteiten? Zo ja, op welke wijze en met welke boodschap? Zo nee, bent
u bereid dit alsnog te doen?
Vraag 6
Is dit wetsvoorstel of de positie van christenen en andere religieuze minderheden
in India aan de orde gesteld in de politieke dialoog tussen de Europese Unie en India
of in andere EU-overleggen met India? Zo ja, op welke wijze? Zo nee, bent u bereid
zich ervoor in te spannen dat de Europese Unie dit wetsvoorstel en de gevolgen ervan
voor de vrijheid van godsdienst expliciet aan de orde stelt bij de Indiase autoriteiten?
Vraag 7
Bent u bereid zich zowel bilateraal als in EU-verband actief in te zetten voor de
bescherming van de vrijheid van godsdienst en levensovertuiging in India, overeenkomstig
de EU-richtsnoeren inzake de bevordering en bescherming van de vrijheid van godsdienst
of levensovertuiging, en daarbij specifiek aandacht te vragen voor de positie van
christelijke organisaties die door dit wetsvoorstel worden geraakt? Zo nee, waarom
niet?
Vraag 8
Welke mogelijkheden ziet u om, samen met gelijkgezinde landen binnen de Europese Unie
en daarbuiten, de Indiase autoriteiten aan te spreken op hun verplichtingen uit hoofde
van het IVBPR en andere internationale mensenrechtenverdragen ten aanzien van de bescherming
van religieuze minderheden?
Ondertekenaars
Diederik van Dijk, Tweede Kamerlid
Gerelateerde documenten
Hier vindt u documenten die gerelateerd zijn aan bovenstaand Kamerstuk.