Antwoord schriftelijke vragen : Antwoord op vragen van de leden Boelsma-Hoekstra en Bühler over het bericht ‘Strenger handhaven bij brug kanaal Roosteren’
Vragen van de leden Boelsma-Hoekstra en Bühler (beiden CDA) aan de Minister van infrastructuur en Waterstaat over het bericht «Strenger handhaven bij brug kanaal Roosteren» (ingezonden 26 juni 2026).
Antwoord van Minister Karremans (Infrastructuur en Waterstaat) (ontvangen 5 augustus
2026).
Vraag 1
Bent u bekend met de berichten over de verslechterde staat van de brug over het Julianakanaal
bij Roosteren en de zorgen van inwoners, ondernemers en agrariërs over de gevolgen
van de ingestelde gewichtsbeperkingen?1
Antwoord 1
Ja.
Vraag 2
Klopt het dat nieuwe informatie wijst op ernstigere veiligheidsrisico’s van de brug
bij Roosteren dan eerder bekend was? Zo ja, wat houden deze risico’s precies in en
welke gevolgen heeft dit voor de veiligheid van weg- en vaarweggebruikers?
Antwoord 2
Om de veiligheid van weg- en vaarweggebruikers en de betrouwbaarheid van de infrastructuur
te waarborgen zijn eind 2025 in overleg met de provincie Limburg en andere wegbeheerders
voorzorgsmaatregelen in de vorm van een beperking voor het vrachtverkeer getroffen.
Nadien is er geen nieuwe informatie bekend geworden die wijst op ernstigere veiligheidsrisico’s.
Wel zijn in mei de verkeersmaatregelen samen met de provincie en de politie geëvalueerd
en is geconstateerd dat het verbod voor vrachtverkeer onvoldoende werd opgevolgd/nageleefd.
Hierna is besloten om aanvullende maatregelen te nemen om navolging verder af te dwingen.
Denk aan de inzet van verkeersregelaars en de voorbereiding voor een portaal om een
fysieke hoogtebeperking te realiseren.
Voor de veiligheid van de scheepvaart zijn op dit moment geen directe risico’s vastgesteld,
maar de situatie wordt continu gemonitord.
Vraag 3
Deelt u de opvatting dat de huidige situatie voor Roosteren uitzonderlijk is, nu vrachtverkeer
en landbouwvoertuigen zwaarder dan 3,5 ton geen gebruik meer kunnen maken van de brug
en een deel van de omgeving feitelijk alleen nog via België bereikbaar is? Welke gevolgen
ziet u hiervan voor inwoners, ondernemers en agrarische bedrijven?
Antwoord 3
De gekozen maatregelen zijn erop gericht om volledige afsluiting te voorkomen en de
brug, zij het met beperkingen, veilig beschikbaar te houden. De huidige situatie heeft
gevolgen voor de bereikbaarheid voor zwaar verkeer. Voor vrachtwagens is de extra
rijtijd, afhankelijk van de route, onder de 10 minuten, voor landbouwvoertuigen is
dit ongeveer 12 minuten. Er is geen beperking voor langzaam verkeer en personenauto’s.
Vraag 4
Waarom vindt de fysieke inspectie van de brug volgens de huidige planning pas eind
november plaats, terwijl sprake is van ernstige veiligheidsrisico’s en grote gevolgen
voor de bereikbaarheid van de regio? Ziet u mogelijkheden om dit onderzoek te versnellen?
Antwoord 4
De onderzoeken naar de staat van de brug kennen een gefaseerde aanpak, waarbij verschillende
technische onderzoeken op elkaar aansluiten. In de komende periode worden achtereenvolgens
inspecties en berekeningen uitgevoerd. Daarbij wordt steeds bezien of optimalisatie
of versnelling mogelijk is, binnen de randvoorwaarden van zorgvuldigheid en beschikbare
capaciteit. Visuele inspecties worden eerder uitgevoerd en staan nu voor juli gepland.
Vraag 5
Welke afstemming heeft plaatsgevonden met de provincie Limburg, de betrokken gemeenten
en belangenorganisaties van ondernemers en landbouwers over de gevolgen van de beperkingen
en de mogelijke oplossingsrichtingen? Wat zijn de uitkomsten van deze gesprekken?
Antwoord 5
Er vindt doorlopend afstemming plaats met de provincie Limburg en andere betrokken
wegbeheerders (ook met de gemeente Maaseik en het Vlaamse agentschap wegen). Zij zijn
eind 2025 geïnformeerd over de situatie. De provincie Limburg heeft daarop het verkeersbesluit
genomen. In gezamenlijkheid wordt gekeken naar handhaving en aanvullende maatregelen,
ieder vanuit de eigen verantwoordelijkheid.
Vraag 6
Ziet u mogelijkheden om samen met Rijkswaterstaat te bezien welke tijdelijke of structurele
maatregelen mogelijk zijn om de bereikbaarheid van Roosteren en omgeving te verbeteren
en om het onderzoek naar de staat van de brug te versnellen? Zo ja, welke stappen
bent u bereid hiervoor te zetten en op welke termijn kunnen betrokkenen hierover duidelijkheid
verwachten?
Antwoord 6
Rijkswaterstaat is in overleg met regionale partners om te bezien welke aanvullende
maatregelen mogelijk en passend zijn. Dit hangt ook af van de uitkomsten van vervolgonderzoek
en inspecties. De inzet is gericht op het borgen van de veiligheid en het zo goed
mogelijk in stand houden van de bereikbaarheid binnen de gegeven omstandigheden. Eventuele
aanvullende maatregelen moeten worden afgewogen in het afweegkader waarover de Tweede
Kamer is geïnformeerd2.
Ondertekenaars
V.P.G. Karremans, minister van Infrastructuur en Waterstaat
Bijlagen
Gerelateerde documenten
Hier vindt u documenten die gerelateerd zijn aan bovenstaand Kamerstuk.