Schriftelijke vragen : De stijgende huurprijzen en het krimpende aanbod in de vrije huursector
Vragen van het lid Russcher (FVD) aan de Ministers van Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening en van Financiën over de stijgende huurprijzen en het krimpende aanbod in de vrije huursector (ingezonden 16 juli 2026).
Vraag 1
Bent u bekend met het bericht «Voor gemiddelde vrije sectorhuurwoning is maandinkomen
van 5.650 euro nodig»?1
Vraag 2
Hoe beoordeelt u het gegeven dat de huurprijzen per vierkante meter in de vrije sector
in het tweede kwartaal van 2026 met circa vijf procent stegen ten opzichte van een
jaar eerder, harder dan zowel de inflatie als de prijzen van koopwoningen?
Vraag 3
Deelt u de analyse dat de Wet betaalbare huur een afname van het huuraanbod in het
gereguleerde middensegment veroorzaakt, waardoor huurders noodgedwongen uitwijken
naar de vrije sector, met prijsstijgingen aldaar tot gevolg? Zo nee, waarom niet?
Vraag 4
Erkent u dat de stapeling van de gestegen box 3-heffing, de overdrachtsbelasting voor
beleggers en de Wet vaste huurcontracten het verhuren van woningen structureel minder
rendabel heeft gemaakt?
Vraag 5
Zo nee, hoe verklaart u dan de structurele afname van vrije sector huurwoningen?
Vraag 6
Deelt u de zorg dat het huidige fiscale en huurrechtelijke regime kleine lokale verhuurders
van de markt drukt, terwijl grote buitenlandse beleggingsfondsen met schaalvoordelen
en goedkopere financiering wél overeind blijven, waardoor de Nederlandse huurmarkt
mogelijk consolideert in buitenlandse handen?
Vraag 7
Kunt u aangeven welk aandeel van de Nederlandse huurvoorraad inmiddels in handen is
van grote institutionele en buitenlandse beleggers, en hoe dit aandeel zich de afgelopen
10 jaar heeft ontwikkeld?
Vraag 8
Hoe verklaart u dat een huishouden dat geacht wordt maandelijks de gemiddelde vrije
sector huurprijs van 1.882 euro te kunnen dragen, volgens de geldende leennormen veelal
geen hypotheek met vergelijkbare maandlasten kan krijgen voor diezelfde woning?
Vraag 9
Kunt u aangeven wat de stand van zaken is van de uitvoering van de aangenomen motie-Russcher
(Kamerstuk 32 847, nr. 1415) over een pilot waarbij starters op basis van minimaal drie jaar huurgeschiedenis
een hypotheek kunnen verkrijgen ter hoogte van de gemiddelde maandelijkse huur?
Vraag 10
Op welke termijn verwacht u deze pilot in overleg met financiële instellingen en toezichthouders
te starten?
Vraag 11
Kunt u aangeven hoeveel extra huishoudens er jaarlijks door immigratie een beroep
doen op de Nederlandse huurmarkt, en hoe deze vraagtoename zich verhoudt tot het krimpende
aanbod?
Vraag 12
Bent u bereid de Wet betaalbare huur, de box 3-heffing op verhuurd vastgoed, de overdrachtsbelasting
voor beleggers en de Wet vaste huurcontracten in samenhang te laten evalueren op hun
cumulatieve effect op het huuraanbod en de huurprijzen? Zo nee, waarom niet?
Vraag 13
Kunt u deze vragen afzonderlijk van elkaar en zo snel mogelijk beantwoorden?
Indieners
-
Gericht aan
E. Heinen, minister van Financiën -
Gericht aan
E. Boekholt-O’Sullivan, minister van Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening -
Indiener
Tom Russcher, Kamerlid
Gerelateerde documenten
Hier vindt u documenten die gerelateerd zijn aan bovenstaand Kamerstuk.