Antwoord schriftelijke vragen : Antwoord op vragen van de leden Kostic´ en Teunissen over de stapeling van overtredingen en niet voldoen aan wet en regelgeving door Tata Steel
Vragen van de leden Kostić en Teunissen (beiden PvdD) aan de Staatssecretaris van Infrastructuur en Waterstaat en de Minister van Klimaat en Groene Groei over de stapeling van overtredingen en niet voldoen aan wet- en regelgeving door Tata Steel (ingezonden 21 mei 2026).
Antwoord van Minister Van Veldhoven-van der Meer (Klimaat en Groene Groei), van Staatssecretaris
De Bat (Klimaat en Groene Groei) en van Staatssecretaris Bertram (Infrastructuur en
Waterstaat) (ontvangen 6 juli 2026). Zie ook Aanhangsel Handelingen, vergaderjaar
2025–2026, nr. 2185.
Inleiding
Een aantal vragen komen overeen met wat verzocht is in de motie Kostic1 over het uiteenzetten hoe de stapeling van compliance-tekortkomingen van Tata Steel
wordt beoordeeld in het licht van artikel 15.3 van de Joint Letter of Intent. Met
het beantwoorden van deze vragen is deze motie dan ook afgedaan.
Gegeven de overlap in onderwerp komen wij via deze weg ook graag terug op het verzoek
van de heer Dassen (Volt), ingediend tijdens de regeling van werkzaamheden van 15 mei
jl., waarin werd verzocht om een kabinetsreactie op een aantal recente ontwikkelingen,
waaronder de publicatie van de jaarcijfers van Tata Steel en de berichtgeving over
de aankondiging procedure intrekking vergunning Kooksgasfabrieken Tata Steel2, en de gevolgen hiervan voor de maatwerkafspraken. Met verzending van de Kamerbrief
van 19 mei jl.3 en deze beantwoording is aan dit verzoek voldaan.
Tenslotte wijs ik uw Kamer graag op de recent verschenen voortgangsbrief van de provincie
Noord-Holland4. Hierin zijn de meest actuele ontwikkelingen op het gebied van vergunningverlening,
toezicht en handhaving bij Tata Steel geschetst.
Vraag 1
Wanneer heeft u de brief die de Omgevingsdienst Noordzeekanaalgebied (ODNZKG) op 23 april
2026 naar Tata Steel verstuurde, die ziet op de intrekking van de vergunningen voor
de Kooksgasfabrieken (KGF) 1 en 2, ontvangen?
Antwoord 1
De Ministeries van EZK en IenW hebben de brief op 23 april 2026 ter informatie ontvangen
van de Omgevingsdienst Noordzeekanaalgebied (OD NZKG).
Vraag 2
Wanneer wist u dat de ODNZKG voornemens was de vergunningen van de KGF 1 en 2 in te
trekken? Kunt u aangeven of dit voor of na het plenaire debat van 7 april jl. was?
Antwoord 2
De ministeries zijn op 20 april jl. mondeling vertrouwelijk geïnformeerd over de situatie.
Dat is dus na het plenaire debat van 7 april 2026. Voor Kooksgasfabriek 2 geldt dat
de OD NZKG al eerder heeft aangegeven intrekking van de vergunning te overwegen, daar
liep immers al een aanzeggingsprocedure.5
Vraag 3
Indien u de brief op hetzelfde moment of rond dezelfde tijd ontving: waarom heeft
u die brief dan niet meteen met de Kamer gedeeld?
Antwoord 3
Vergunningverlening, toezicht en handhaving zijn aan het bevoegd gezag, de provincie
Noord-Holland en de door haar gemandateerde OD NZKG. Het is dan ook allereerst aan
de provincie en de OD NZKG om publiekelijk te informeren over stappen op dit gebied.
De Kamer is steeds zo snel mogelijk daarna geïnformeerd in het kader van het maatwerktraject,
bijvoorbeeld met de brief van 19 mei jl.6
Vraag 4
Bent u het ermee eens dat de Staat zeer zorgvuldig en terughoudend moet omgaan met
het uitgeven van geld van burgers aan een commercieel, Indiaas bedrijf, al helemaal
in tijden waarin het kabinet kiest voor harde bezuinigingen op o.a. de Nederlandse
zorg? Zo nee, waarom niet?
Antwoord 4
Het kabinet onderschrijft het (algemene) principe dat er zeer zorgvuldig omgegaan
moet worden met de besteding van middelen. Het kabinet heeft de intentie om deze subsidie
te verstrekken aan Tata Steel Nederland omdat verduurzaming van het bedrijf hiermee
mogelijk wordt gemaakt en dit tot positieve effecten voor het klimaat en het milieu
leidt. Het kabinet toetst de haalbaarheid van de plannen en de businesscase van het
bedrijf (doorlopend) zorgvuldig en maakt hierbij ook gebruik van externe deskundigen.
In de uiteindelijke overeenkomst zullen allerlei (financiële) zekerheden door de staat
gevraagd worden aan TSN. Voor de staat is het essentieel dat de ondersteuning gebruikt
gaat worden voor het beoogde doel: gezondheidswinst en verduurzaming van de productiefaciliteit.
Vraag 5
Weet u nog dat de Partij voor de Dieren in debatten en in schriftelijke vragen van
de afgelopen jaren de regering er meermaals op heeft gewezen dat Tata Steel zich al
jaren niet houdt aan wet- en regelgeving en dat er een grote kans bestaat dat niet
alleen KGF 2, maar ook KGF 1 gedwongen dicht moet, dat dat het plan waar de Staat
over aan het onderhandelen is zou veranderen en dat geld geven aan Tata Steel een
extra risico vormt voor de belastingbetaler? Zo ja, bent u het ermee eens dat deze
signalen te licht zijn opgevat in het verleden, en hoe gaat u ervoor zorgen dat dit
soort signalen in de toekomst evenwichtig worden meegenomen?
Antwoord 5
Het kabinet is zich bewust van de diverse handhavingszaken die bij het bedrijf lopen.
Hierover is de Kamer in de afgelopen jaren ook regelmatig geïnformeerd.7
Het is mede om die reden dat het kabinet in de Joint Letter of Intent (JLoI) specifieke
afspraken overeen is gekomen op het gebied van compliance en cultuur. Zo is in artikel 12.4
van de JLoI vastgelegd dat het bedrijf een cultuurverandering moet doormaken en de
control en compliance van haar operaties moet verbeteren. TSN moet hiervoor een plan
aanleveren bij de staat. Dit plan wordt extern getoetst. Dit is belangrijk om tot
een maatwerkafspraak te komen en het kabinet is hier dan ook intensief over in gesprek
met het bedrijf. Daarnaast zijn in de JLoI ook afspraken vastgelegd met als doel om
de (financiële) risico's voor de staat te minimaliseren.
Zoals in de eerdere Kamerbrief aangegeven8 wordt onderzocht of, en zo ja welke, implicaties het voornemen van de OD NZKG tot
het intrekken van de vergunningen van KGF2 en KGF1 voor de maatwerkafspraak met het
bedrijf heeft.
Vraag 6 en 7
Bent het ermee eens – tegen de achtergrond dat de omgevingsdienst overgaat tot intrekking
van de vergunningen voor beide kooksfabrieken, omdat Tata Steel de normen stelselmatig
jarenlang overschrijdt en er geen reden is om te veronderstellen dat dat nog gaat
veranderen – dat er in lijn met de Joint Letter of Intent (JLoI) art.15.3 (d) sprake
is van een (potentiële) opzeggingsgrond? Waarom wel/niet?
Bent u voornemens deze opzeggingsgrond aan te wenden om de inspanningsverplichting
te stoppen, aangezien in de kabinetsbrief van 7 april jl. (Kamerstuk 28 089, nr. 350) wordt gesteld dat bij het sluiten van een maatwerkafspraak het «van groot belang
is dat het bedrijf wet- en regelgeving naleeft»? Zo nee, kunt u dat heel nauwkeurig
onderbouwen?
Antwoord 6 en 7
Bedrijven in Nederland moeten zich aan de wet houden, ook TSN. Ondanks dat handhaving
en toezicht hierop primair bij het bevoegd gezag – in dit geval de provincie Noord-Holland
– ligt, is compliance van TSN van groot belang voor het kabinet en om die reden is
dit ook expliciet opgenomen in de JLoI, bijvoorbeeld in artikel 12.4.
Zoals opgenomen in het antwoord op vraag 5 moet TSN een plan aanleveren bij de staat
voor het verbeteren van de compliance en cultuur. Dit plan wordt extern getoetst.
Als er ontwikkelingen op het gebied van handhaving- en toezicht, de uitkomsten van
bovengenoemde onderzoeken zijn en dit invloed heeft op de conclusies die het kabinet
hieraan verbindt (mede in het licht van artikel 15.3), wordt de Kamer hiervan op de
hoogte gebracht. Op dit moment kan hier niet op vooruit worden gelopen.
Vraag 8
Wat gebeurt er op het moment dat uit het lopende strafrechtelijk onderzoek9 blijkt dat Tata Steel opzettelijk en onrechtmatig de gezondheid van mensen in gevaar
heeft gebracht? Welke invloed heeft het lopende onderzoek op de gesprekken over de
maatwerkafspraken?
Antwoord 8
Hoewel de vraag begrijpelijk is, kan het kabinet niet vooruitlopen op de mogelijke
uitkomsten van een onafhankelijk strafrechtelijk onderzoek en/of strafrechtelijke
vervolging. Het kabinet hecht zeer aan het naleven van wet- en regelgeving door alle
burgers en bedrijven. Daarom gelden bepaalde uitkomsten van onderzoeken en strafrechtelijke
veroordelingen ook als mogelijke opzeggrond voor de JLoI. Bij de vormgeving van de
definitieve maatwerkafspraak wordt hier rekening mee gehouden.
Vraag 9
Kunt u bevestigen dat er geen enkele invloed op de ILT en de ILT-IOD, direct of indirect,
wordt uitgeoefend vanuit het ministerie in hun werk rondom Tata Steel en dat de instanties
onafhankelijk van de gesprekken over de maatwerkafspraken tot hun oordeel kunnen komen?
Antwoord 9
De ILT en ILT-IOD doen hun onderzoek onafhankelijk en kunnen dus ook onafhankelijk
van de gesprekken over de maatwerkafspraak tot hun oordeel komen.
Vraag 10
Bent u ermee bekend dat experts zeggen dat KGF 2 zo verouderd is dat het al in de
jaren negentig gesloten had moeten worden, maar dat het nooit gebeurd is, omdat kortetermijnwinst
belangrijker werd geacht dan de gezondheid voor omwonenden?
Antwoord 10
Het kabinet verwijst hiervoor naar eerdere antwoorden op schriftelijke vragen uit
2023.10 Zie verder het antwoord op vraag 5 t/m 7.
Vraag 11 t/m 14
Welke invloed op de maatwerkafspraakgesprekken heeft het stilleggen van een bedrijfsonderdeel
door Tata Steel op verzoek van de toezichthouder, omdat na metingen is gebleken dat
het te veel van de kankerverwekkende stof chroom-6 uitstoot? Wanneer moet Tata dit
hebben opgelost volgens u, om in aanmerking te komen voor geld van de Nederlandse
belastingbetaler?
Welke invloed op de maatwerkafspraakgesprekken heeft het overschrijden van verschillende
normen voor gevaarlijke stoffen bij de Sinterfabriek door Tata Steel? Wanneer moet
Tata dit hebben opgelost volgens u, om in aanmerking te komen voor geld van de Nederlandse
belastingbetaler?
Welke invloed op de maatwerkafspraakgesprekken heeft het overtreden van regels bij
de Oxystaalfabriek door Tata Steel? Wanneer moet Tata dit hebben opgelost volgens
u, om in aanmerking te komen voor geld van de Nederlandse belastingbetaler?
Welke invloed op de maatwerkafspraakgesprekken heeft het feit dat de toezichthouder
heeft geconstateerd dat Tata Steel toezicht en controles belemmert en vertraagt? Welke
consequenties zijn er vanuit het kabinet richting Tata Steel als belemmering en vertraging
van de toezichthoudende taken nogmaals worden geconstateerd?
Antwoord 11 t/m 14
In vraag 11 t/m 14 haalt u een aantal overtredingen aan en vraagt u naar de invloed
hiervan op de maatwerkafspraken. Allereerst geldt dat het handhaven van overtredingen
een zaak is van het bevoegd gezag, in dit geval de provincie Noord-Holland. Het bevoegd
gezag voert deze taak actief uit, blijkend uit de recente brief over de uitvoering
van haar taken op het gebied van vergunningverlening, toezicht en handhaving.11
Voor wat betreft de maatwerkafspraken geldt, zoals in het antwoord op vraag 5 t/m
7 is aangegeven, dat het van belang is dat TSN voldoet aan de geldende wet- en regelgeving.
Het kabinet loopt nu niet vooruit op de uitkomst van die gesprekken en de inspanningen
die TSN onder andere conform artikel 12.4 van de JLoI verricht.
Vraag 15
Wat vindt u ervan dat de omgevingsdienst al in 2025 heeft geconstateerd dat Tata Steel
een aanzienlijk hogere uitstoot van schadelijke stoffen rapporteert in het elektronisch
milieujaarverslag (e-MJV) van 2024 ten opzichte van voorgaande jaren, en dat de omgevingsdienst
nog steeds geen goede verklaring voor deze veel hogere uitstoot heeft ontvangen van
Tata Steel? Wat zegt dit over de bedrijfscultuur en betrouwbaarheid van Tata Steel?
Antwoord 15
De OD NZKG is vaker eigen metingen gaan uitvoeren en heeft daarmee meer inzicht gekregen
in de emissies van het bedrijf. Zo heeft de OD NZKG in 2024 stoffen gemeten die niet
eerder door Tata Steel zijn gemeten of gerapporteerd. Ook meet de OD NZKG op meerdere
plaatsen op andere manieren dan het staalbedrijf dat zelf eerder heeft gedaan. Tata
Steel heeft deze nieuwe metingen op aandringen van de OD NZKG meegenomen in het e-MJV
over 2024. Er kunnen ook andere oorzaken zijn voor verschillen tussen uitstootgegevens,
bijvoorbeeld wijzigingen in de productie- of procesomstandigheden van de fabriek.
Verder is het noodzakelijk dat Tata Steel zich open en transparant opstelt om te voorkomen
dat dit soort zaken zich in de toekomst opnieuw voordoen. Dit is ook afgesproken in
artikel 8.2 van de JLoI, waarin Tata Steel zich heeft gecommitteerd om te onderzoeken
hoe onafhankelijke en transparante monitoring versterkt kan worden.
Vraag 16
Klopt het dat Tata Steel tot nu toe meer dan 25 miljoen euro aan boetes heeft moeten
betalen voor het overtreden van regels? Zo nee, wat is het bedrag precies?
Antwoord 16
Navraag bij de OD NZKG levert op dat Tata Steel in de periode 2025–2026 € 22.215.000
aan dwangsommen heeft voldaan. Op de website van de OD NZKG is een overzicht te zien
van alle handhavingsacties, zo ook het verbeuren van dwangsommen.12
Vraag 17
Wat vindt u van de cultuur van het buitenlandse bedrijf, dat zich jarenlang, structureel,
niet aan wet- en regelgeving houdt, handhaving en toezicht traineert en belemmert,
onvolledige of misleidende cijfers en informatie deelt, door de toezichthouder «calculerend
en opportunistisch» wordt genoemd, en onvoldoende en ontijdig heeft geïnvesteerd in
gezonde bedrijfsvoering en onderhoud?
Antwoord 17
Een goede cultuur is van belang om compliant te kunnen zijn met regelgeving. De cultuurverandering
die in de JLoI (artikel 12.4) genoemd wordt, moet eraan bijdragen dat het bedrijf
zich proactief en transparant opstelt in het voldoen aan de wet- en regelgeving. Zie
hiervoor ook antwoord 5 t/m 7.
Vraag 18
Welke risico’s voor de maatwerkafspraken, de Staat en de belastingbetaler zijn er
door de stapeling van alle schendingen van wet- en regelgeving (waarvan een aantal
in vorige vragen genoemd), de bovengeschetste cultuur van het bedrijf en door de lopende
rechtszaken? Kunt u met de Kamer delen welke adviezen u daarover heeft ontvangen?
Antwoord 18
Het kabinet zal een analyse van de juridische consequenties en risico’s voor de staat
van (bepaalde bepalingen uit) de maatwerkafspraken laten uitvoeren door een externe
juridisch adviseur. Dat is conform de motie Van Oosterhout en Kostic,13 ingediend tijdens het debat over de JLoI met Tata Steel op 7 april jl. Deze analyse
is op dit moment nog niet beschikbaar. Voor het belang van een transparant en compliant
bedrijf, zie antwoorden op de vragen 5 t/m 7.
Vraag 19
Kunt u uitgebreid uitleggen en onderbouwen hoe u de stapeling van alle schendingen
van wet- en regelgeving en lopende onderzoeken en rechtszaken beoordeelt vanuit art.15.3
van de JLoI?
Antwoord 19
In het antwoord op de vragen 5 t/m 7 is uitgebreid toegelicht hoe het kabinet omgaat
met deze situatie.
Vraag 20
Aangezien u eerder schreef dat bij het sluiten van een maatwerkafspraak het «van groot
belang is dat het bedrijf wet- en regelgeving naleeft», en Tata Steel zich al jaren
niet aan wet- en regelgeving houdt, tot wanneer precies geeft u Tata Steel de tijd
om eindelijk aan de wet- en regelgeving te voldoen?
Antwoord 20
In het antwoord op de vragen 5 t/m 7 is uitgebreid toegelicht hoe het kabinet hiermee
omgaat.
Vraag 21
Kunt u uitsluiten dat u een maatwerkafspraak maakt met Tata Steel, als het bedrijf
zich nog steeds niet aan wet- en regelgeving kan houden? Zo nee, wat is dan uw uitspraak
over het belang van naleving van wet- en regelgeving waard?
Antwoord 21
Zoals ook aangegeven in de beantwoording van vragen 6 en 7 dienen bedrijven in Nederland
zich aan de wet te houden, ook TSN. Compliance van TSN is van groot belang voor het
kabinet en om die reden is dit ook expliciet opgenomen in de JLoI, bijvoorbeeld in
artikel 12.4. Als er ontwikkelingen op het gebied van handhaving- en toezicht, de
uitkomsten van bovengenoemde onderzoeken zijn en dit invloed heeft op de conclusies
die het kabinet hieraan verbindt (mede in het licht van artikel 15.3), wordt de Kamer
hiervan op de hoogte gebracht. Op dit moment kan hier niet op vooruit worden gelopen.
Vraag 22
Aangezien Tata Steel zich jarenlang, structureel, niet aan wet- en regelgeving houdt
en door toezichthouders «calculerend en opportunistisch» wordt genoemd, welk signaal
denkt u dat het afgeeft dat de Staat alsnog bereid is om zo’n bedrijf belastinggeld
te geven? Waarom zou u Tata Steel belonen voor het jarenlang overtreden van regels,
het traineren van handhaving en toezicht, het onvoldoende investeren in onderhoud
en tijdige vervanging van fabrieken en het uitstoten van te veel kankerverwekkende
stoffen waar mensen aantoonbaar ziek van worden?
Antwoord 22
De maatwerkafspraak waarover het kabinet onderhandelt met Tata Steel dient ertoe afspraken
met het bedrijf te maken om te komen tot CO2-reductie en verbetering van de leefomgeving voor gezondheid van omwonenden. Dit is
de snelste manier om, binnen een bredere belangenafweging, tot een verbetering van
de leefomgeving rond het bedrijf en klimaatwinst te komen.
Zoals eerder in deze beantwoording al benoemd is onderdeel van de JLoI het verbeteren
van de cultuur en compliance. In het antwoord op de vragen 5 t/m 7 is uitgebreid toegelicht
hoe het kabinet omgaat met dit onderwerp.
Vraag 23
Hoe beïnvloedt het vroegtijdig sluiten van KGF 2 en met name KGF 1 de levensvatbaarheid
van de plannen zoals vastgelegd in de JLoI, aangezien het originele plan op basis
waarvan de Staat de onderhandelingen in is gegaan, uitgaat van het nog jarenlang openhouden
van KGF 1? Op welke onafhankelijke experts baseert u zich hierin?
Antwoord 23
Zoals eerder aangegeven14 wordt onderzocht of, en zo ja welke, implicaties het voornemen van de OD NZKG tot
het intrekken van de vergunningen van KGF2 en KGF1 voor de maatwerkafspraak met het
bedrijf heeft.
Zoals bekend toetst het kabinet of de plannen van het bedrijf haalbaar zijn en leiden
tot een levensvatbaar bedrijf. De staat heeft experts ingehuurd om de voorstellen
en businesscase juridisch, technisch en financieel te toetsten, zoals KPMG en Mott
Macdonald. Ook de Europese Commissie (EC) hanteert als uitgangspunt voor steunverlening
dat een bedrijf economisch levensvatbaar moet zijn.
Vraag 24
Hoe ziet het plan van Tata er dan nu precies uit, welke wijzigingen zijn/worden gemaakt
ten opzichte van het plan op basis waarvan de Staat een JLoI is aangegaan?
Antwoord 24
De provincie Noord-Holland en de OD NZKG volgen voor de intrekking van de vergunningen
een zorgvuldige procedure. Voor beide KGF’en is een vooraankondiging gestuurd. Hierna
volgen ontwerp-intrekkingsbesluiten, waarop zienswijzen ingediend kunnen worden. Na
het wegen van de zienswijzen, volgen definitieve intrekkingsbesluiten van de vergunningen.
Voor de termijn waarbinnen sluiting plaats moet vinden worden onder andere het gedrag
van de overtreder, de milieueffecten van de sluiting zelf, de bescherming van het
milieu in het algemeen, verschillende technische aspecten en de bedrijfsvoering van
Tata Steel in overweging genomen. De provincie Noord-Holland heeft recent ook een
brief gestuurd waarin uitgebreide toelichting staat over dit proces15. Wanneer er meer duidelijkheid is over de termijn waarop sluiting plaats moet vinden,
kan ook inzichtelijk gemaakt worden of en in hoeverre de huidige plannen aangepast
moeten worden. Zodra hierover meer bekend is zullen wij de Kamer informeren.
Vraag 25
Aangezien Tata Steel Nederland in 2025 een verlies van ruim 200 miljoen euro noteert,
welk financieel risico neemt de Staat bij de toekenning van 2 miljard euro subsidie?
Hoe is dit risico bepaald en afgewogen en kunt u de exacte onderbouwing daarvan delen
met de Kamer?
Antwoord 25
In het proces wordt er doorlopend getoetst op de levensvatbaarheid van het bedrijf
en de (langetermijn) vooruitzichten. Dit gebeurt zowel door externe adviseurs van
de staat als door de EC aangezien er op basis van het staatssteunkader dat van toepassing
is geen staatssteun mag worden verleend om een verlieslatend bedrijf overeind te houden.
Daarnaast is de staat voornemens om garanties en zekerheden in te bouwen in de maatwerkafspraak.
Zo wordt de maximaal 2 miljard euro aan subsidie niet in één keer overgemaakt, maar
in tranches na het behalen van vooraf vastgestelde mijlpalen en na bewijs van gemaakte
kosten en volledige financiering van het project. De laatste tranche van de subsidie
wordt pas overgemaakt nadat alle projecten zijn opgeleverd. Door aan de voorkant zekerheden
voor de verstrekte tranches te stellen kan in het uiterste geval het uitbetaalde voorschot
worden teruggevorderd.
Tot slot kijken TSL en externe financiers ook kritisch naar de financiering van hun
eigen investering en de levensvatbaarheid van het bedrijf voor er geld beschikbaar
wordt gesteld.
Vraag 26
Is dit risico volgens u nog verantwoord, nu de materiële en financiële situatie bij
Tata Steel Nederland volledig anders is dan bij het ondertekenen van de JLoI en nu
de auditor van Tata Steel spreekt van «material uncertainty to going concern»?16 Kunt u nauwkeurig onderbouwen waarom wel/niet?
Antwoord 26
De eerdere sluiting van de Kookgasfabrieken heeft naar verwachting impact op het verdienvermogen
van het bedrijf. Het bedrijf moet haar processen versneld aanpassen en dit brengt
kosten en risico's met zich mee. Om die reden heeft TSL ook melding gemaakt over deze
materiële onzekerheden. Het doen van deze melding in het jaarverslag is immers een
verplichting voor beursgenoteerde ondernemingen zoals TSL. Zoals hiervoor aangegeven
wordt de mogelijke impact op de maatwerkafspraak nog verder onderzocht.
Vraag 27
Hoe verhoudt de geambieerde staatssteun zich nog tot de financiële feiten, gezien
het oordeel van de auditor van Tata Steel dat de aangekondigde intrekking van vergunningen
«material uncertainty to going concern» oplevert, gezien het feit dat Tata Nederland
een verlies van ruim 200 miljoen euro noteert én gezien het feit dat volgens Europese
regels geen staatssteun gegeven mag worden aan een financieel noodlijdend bedrijf?
Hoe onderbouwt u dit en op welke onafhankelijke experts baseert u zich?
Antwoord 27
Zoals ook aangegeven in het antwoord op de vorige vraag is TSL, in het kader van de
accountantsverplichtingen die TSL als beursgenoteerd bedrijf heeft, verplicht elke
zogenaamde materiele onzekerheid over de continuïteit van de onderneming te vermelden.
Daarbij betekent het feit dat het bedrijf een verlies heeft gemaakt van ruim 200 miljoen
euro nog niet dat het bedrijf ook een financieel noodlijdend bedrijf is. Zoals eerder
aangegeven wordt momenteel onderzocht of, en zo ja welke, implicaties het voornemen
van de OD NZKG tot het intrekken van de vergunningen van KGF2 en KGF1 voor de maatwerkafspraak
met het bedrijf heeft. Hierbij wordt ook de levensvatbaarheid van het bedrijf en de
financiële haalbaarheid betrokken.
Vraag 28
Heeft u naar aanleiding van de ontstane situatie al contact gehad met de Europese
Commissie, die de eventuele subsidie moet goedkeuren in lijn met de Europese regels?
Zo ja, kunt u de inhoudelijke reactie van de Commissie met de Kamer delen?
Antwoord 28
Vooruitlopend op formele toetsing door de EC, wordt informeel met de EC gesproken
over alle voor de staatssteunbeoordeling relevante aspecten. Gelet op het informele
en vertrouwelijke karakter van het overleg van de EC worden geen inhoudelijke reacties
van de EC gedeeld. Voor zover er (financiële) gevolgen zijn voor de plannen en de
businesscase, wat naar verwachting zo zal zijn zoals in antwoord 25 aangegeven, is
dit relevant voor de formele beoordeling van de EC. Op dit moment zijn de consequenties
nog niet precies bekend en kan dus ook geen beoordeling op grond van de staatssteunregels
worden gemaakt. Helder is dat het bedrijf zich aan de wet- en regelgeving dient te
houden, dat geen staatssteun mag worden verleend voor activiteiten die niet aan Europese
regelgeving voldoen en dat een eventuele maatwerksubsidie moet (blijven) voldoen aan
de Europese voorwaarden voor staatssteun onder het geldende staatssteunkader, de Guidelines
on State aid for climate, environmental protection and energy 2022 (CEEAG).
Vraag 29
Aangezien tijdens de aandeelhoudersvergadering op 16 mei jongstleden CEO Thachat Narendran
de volgende uitspraak over de winstgevendheid van Tata Steel Nederland bij het sluiten
van de beide kooksfabrieken heeft gedaan: «So going forward, if the coke ovens close, we expect it to continue to be EBITDA
positive, maybe making less EBITDA than we had hopefully would make, but it will always
be EBITDA positive. And so far, the Netherlands operation has operated without any
support from India. So I think we expect that to continue»17, onderschrijft de Minister dat de overgangstermijn voor het sluiten van de beide
kooksgasfabrieken beperkt kan worden tot de technische haalbaarheid? Zo nee, waarom
niet?
Antwoord 29
Zoals ook aangegeven in het antwoord op vraag 24 volgen de provincie Noord-Holland
en de OD NZKG een zorgvuldige procedure, waarin verschillende belangen gewogen worden.
De OD NZKG heeft (in mandaat van de provincie Noord-Holland) de expertise om te bepalen
welke termijn Tata Steel krijgt voor een veilige, verantwoorde en gecontroleerde sluiting.
Vraag 30
Is de datum van de sluiting van de kooksgasfabrieken onderwerp van de onderhandelingen,
of is dit een zuiver technische afweging van de omgevingsdienst?
Antwoord 30
De datum van de sluiting is een afweging van het bevoegd gezag. Zie hiervoor ook het
antwoord op vraag 24.
Vraag 31 en 32
Wat vindt u ervan dat de omwonenden al heel lang aandringen op sluiting van de kooksgasfabrieken
wegens jarenlange overtredingen van de regels, maar dat Tata Steel de provincie Noord-Holland
en de Tweede Kamer steeds heeft voorgehouden dat het een vroegtijdige sluiting van
alleen al KGF 2 financieel niet kan dragen?
Beweert Tata Steel nu wel die vroegtijdige sluiting van de kooksgasfabrieken te kunnen
betalen en, zo ja, hoe en wat is er dan precies veranderd in die korte tijd?
Antwoord 31 en 32
Het klopt dat hier sprake is van een andere positie van het bedrijf dan voorheen.
Hierover is navraag gedaan bij het bedrijf. Het bedrijf geeft aan dat het in de context
van de handhavingstrajecten door de OD NZKG en in reactie op de aanvullende normen
uit het Besluit Activiteiten Leefomgeving (BAL), waar KGF1 niet op korte termijn aan
kan voldoen, op basis van nieuwe inzichten is gaan kijken naar mogelijkheden om de
Kooksgasfabrieken eerder te sluiten en de financiële gevolgen hiervan. Zoals bekend
zijn hier ook gesprekken met de staat over gevoerd.18
Deze ontwikkeling benadrukt het belang van zorgvuldige en onafhankelijke beoordeling
van de plannen en de businesscase, wat de staat dus ook doet met financieel adviseur
KPMG en ook de beoordeling van de EC voordat eventuele goedkeuring voor de staatssteun
wordt verleend.
Het kabinet wil nogmaals benadrukken dat de staat alleen bovenwettelijke maatregelen
kan steunen en niet meer steun zal verlenen dan zij in de JLoI maximaal heeft toegezegd.
Vraag 33
Gezien artikel 15.4 van de JLoI waarin opzeggronden voor Tata zijn bepaald voor de
inspanningsverplichting rondom de maatwerkafspraken, hoe interpreteert u deze zin
uit het persbericht van Tata India: «Tata Steel Netherlands is also engaged with the regulators on evolving standards
relating to classification and disposal of steel slag, where local requirements in
Netherlands now not only exceed EU standards but are threatening to become infeasible.»?
Antwoord 33
De inhoud van deze presentatie laat ik voor rekening van het bedrijf. Het kabinet
maakt een eigenstandige afweging over het al dan niet aangaan van de maatwerkafspraak
en over beleid en wet- en regelgeving. Zoals in eerdere beantwoording van Kamervragen
aangegeven maakt de staat beleid dat zij nodig acht voor klimaat, gezondheid en veiligheid.
De opzeggronden in de JLoI beperken de staat hier op geen enkele manier in, noch geven
ze enige financiële garanties of enig recht op subsidies aan TSN.19
Vraag 34
Aangezien de beslisnota van 18 mei schrijft dat het kabinet een vinger aan de pols
hierover houdt en dat wordt onderzocht of en, zo ja, welke implicaties dit voor de
maatwerkafspraak met het bedrijf heeft, kunt u precies uitleggen wat u bedoelt met
het onderzoek en welke implicaties mogelijk zijn?
Antwoord 34
Zoals aangegeven in de beslisnota van 18 mei jl. heeft TSL in het jaarverslag aangegeven
dat TSN in gesprek is met de regelgevende instanties over de classificatie en verwijdering
van staalslakken. De lokale eisen in Nederland overschrijden momenteel volgens TSL
de EU-normen en dreigen onhaalbaar te worden. Naar aanleiding hiervan heeft de staat
haar technische en financiële adviseurs gevraagd deze ontwikkeling en de implicaties
voor de maatwerkafspraak te onderzoeken.
Vraag 35
Houdt u daarbij de uitvoering van de opdracht van de moties-Zalinyan/Kostic (Kamerstuk
28 089, nr. 343) en -Teunissen c.s. (Kamerstuk 29 383, nr. 428) nog scherp, en zorgt u ervoor dat onderhandelingen over de maatwerkafspraken op
geen enkele manier invloed hebben op de noodzakelijke beleidsstappen die moeten worden
gezet om mens, dier en milieu (uit voorzorg) te beschermen tegen staalslakken?
Antwoord 35
Het kabinet heeft deze moties scherp. Zoals eerder ook aangegeven laten de JLoI en
beoogde maatwerkafspraak met TSN de mogelijkheden voor het kabinet om nationaal beleid
op staalslakken aan te passen onverlet.20 Daarbij staan ook in de maatwerkafspraak de verbetering van gezondheid en leefomgeving
centraal.
Vraag 36
Hoe interpreteert u het feit dat in het laatste kwartaalverslag van Tata Steel India
voor het eerst in twee jaar (en dus acht kwartaalverslagen) het «Groen» Staalplan
en de maatwerkafspraken niet worden genoemd in de investeerderspresentatie?
Antwoord 36
De inhoud van deze investeerderspresentatie laat het kabinet voor rekening van het
bedrijf.
Vraag 37
Aangezien Tata India investeerders liet weten dat er onzekerheid is rondom de plannen
in Nederland en de CFO tijdens de investors call zei; «there is an alternative path forward too», bent u op de hoogte van dat alternatieve pad? Zo ja, kunt u de Kamer daar zo snel
mogelijk, maar in ieder geval bij de beantwoording van deze vragen, schriftelijk over
informeren?
Antwoord 37
Het kabinet is niet bekend met een alternatief pad.
Vraag 38
Bent u zelf ook bezig met een plan B, tegen de achtergrond van deze ontwikkelingen
en de mogelijke gevolgen van die ontwikkelingen voor de inwoners van de IJmond en
meer specifiek de werknemers van Tata Steel? Waarom wel/niet? Zo ja, kunt u de Kamer
dan zo snel mogelijk informeren over alternatieve plannen?
Antwoord 38
Zoals in de beantwoording van eerdere Kamervragen21 al aangegeven, zet het kabinet in op een maatwerkafspraak met TSN. Met een maatwerkafspraak
met TSN wil het kabinet de verduurzaming en het schoner worden van de staalproductie
met oog op de gezondheid van omwonenden in de IJmond helpen realiseren en de staalindustrie,
en de economische en strategische waarde daarvan, behouden in Nederland. Er wordt
nog onderzocht of en zo ja welke implicaties het intrekken van de vergunningen heeft
voor de maatwerkafspraak met het bedrijf. Op basis van die uitkomsten worden vervolgstappen
geformuleerd.
Vraag 39
Kunt u deze vragen afzonderlijk en vóór half juni 2026 beantwoorden, gezien de urgentie?
Antwoord 39
Vanwege de hoeveelheid vragen en de benodigde interbestuurlijke afstemming is het
niet gelukt om de vragen binnen de gestelde termijn te beantwoorden.
Ondertekenaars
-
Eerste ondertekenaar
S. van Veldhoven-van der Meer, minister van Klimaat en Groene Groei -
Mede ondertekenaar
A.W.H. Bertram, staatssecretaris van Infrastructuur en Waterstaat -
Mede ondertekenaar
J. de Bat, staatssecretaris van Economische Zaken en Klimaat
Bijlagen
Gerelateerde documenten
Hier vindt u documenten die gerelateerd zijn aan bovenstaand Kamerstuk.