Amendement : Amendement van het lid Dobbe over middelen voor kinderbrillen
36 915 XVI Wijziging van de begrotingsstaten van het Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (XVI) voor het jaar 2026 (wijziging samenhangende met de Voorjaarsnota)
Nr. 37 AMENDEMENT VAN HET LID DOBBE
Ontvangen 17 juni 2026
De ondergetekende stelt het volgende amendement voor:
De departementale begrotingsstaat wordt als volgt gewijzigd:
I
In artikel 2 Curatieve zorg worden het verplichtingenbedrag en het uitgavenbedrag verlaagd met € 70 (x € 1.000).
II
In artikel 2 Curatieve zorg worden het verplichtingenbedrag en het uitgavenbedrag verhoogd met € 230 (x € 1.000).
III
In artikel 3 Langdurige zorg en ondersteuning worden het verplichtingenbedrag en het uitgavenbedrag verlaagd met € 80 (x € 1.000).
IV
In artikel 4 Zorgbreed beleid worden het verplichtingenbedrag en het uitgavenbedrag verlaagd met € 80 (x € 1.000).
Toelichting
Een bril is geen luxemiddel. Ieder kind heeft recht op een bril als deze nodig is
om goed te kunnen functioneren in onze maatschappij. Op dit moment zijn er kinderen
die geen bril dragen omdat de kosten hiervan voor ouders te hoog zijn. Op basis van
schattingen van het Amsterdam UMC gaat het om ongeveer 64.000 kinderen «die een bril
(nodig) hebben en waarvan de ouders veel moeite zullen hebben om een deze te bekostigen».1 Een bril wordt op dit moment namelijk niet vergoed vanuit de basisverzekering. Ouders
kunnen bij verschillende organisaties een aanvraag doen om de kosten van een bril
voor hun kinderen vergoed te krijgen.
Het Jeugdeducatiefonds en het Nationaal Fonds Kinderhulp ontvangen momenteel een subsidie
van € 250.000 om kinderen te helpen die een bril nodig hebben. Daarmee doen zij goed
werk, maar zij kunnen daarmee slechts een klein deel van de kinderen helpen die een
bril nodig hebben. Om ieder een kind een bril te kunnen geven zal er moeten worden
gekeken naar een structurele oplossing voor dit probleem. Daarom wordt momenteel door
het Zorginstituut gewerkt aan een advies over opname van kinderbrillen in het basispakket.
Dit zal echter pas op zijn vroegst kunnen leiden tot opname in het basispakket vanaf
volgend jaar. Daardoor zijn kinderen in 2026 echter nog afhankelijk van de subsidieregeling.
De indiener stelt daarom voor om te kijken naar een oplossing waarmee in 2026 meer
kinderen te kunnen helpen. Met dit amendement wordt geld vrijgemaakt voor zowel Stichting
Kinderhulp als voor het Jeugdeducatiefonds om het aantal toegenomen aanvragen in 2026
te kunnen bekostigen en ouders via een actieve benadering aan te sporen een aanvraag
te doen. Dit betreft een bedrag van € 230.000 in 2026. De dekking voor dit amendement
wordt voor € 70.000 gevonden in de in de vrij besteedbare middelen op artikel 2 Curatieve
Zorg, voor € 80.000 in de in de vrij besteedbare middelen op artikel 3 Langdurige
Zorg en ondersteuning en voor € 80.000 in de in de vrij besteedbare middelen op artikel 4
Zorgbreed Beleid.
Dobbe
Ondertekenaars
Sarah Dobbe, Tweede Kamerlid