Antwoord schriftelijke vragen : Antwoord op vragen van het lid Teunissen over de illegale onderschepping van de Global Sumud Flotilla en het gevangennemen van opvarenden door Israël op internationale wateren
Vragen van het lid Teunissen (PvdD) aan de Minister van Buitenlandse Zaken over de illegale onderschepping van de Global Sumud Flotilla en het gevangennemen van opvarenden door Israël op internationale wateren (ingezonden 20 mei 2026).
Antwoord van Minister Berendsen (Buitenlandse Zaken) (ontvangen 11 juni 2026).
Vraag 1
Bent u bekend met de berichten over de illegale onderschepping van de Global Sumud
Flotilla door het Israëlische leger op internationale wateren?1
Antwoord 1
Het kabinet is bekend met de berichtgeving hierover.
Vraag 2
Bent u bekend met de berichten eerder deze week over de onderschepping van de Global
Sumud Flotilla door het Israëlische leger op internationale wateren voor de kust van
Cyprus?2 Zo ja, hoe beoordeelt u deze illegale actie?
Antwoord 2
Het kabinet is bekend met de berichtgeving hierover. Op basis van de beschikbare informatie
acht het kabinet de recente onderscheppingen van de Global Sumud Flotilla een schending
van het internationaal (zee)recht. Het kabinet heeft de Israëlische autoriteiten ter
zake om opheldering verzocht. Deze is tot dusverre niet ontvangen, zoals weergegeven
in het antwoord op vragen 8 en 10. Voorts heeft het kabinet de Israëlische autoriteiten
meermaals opgeroepen zich aan het internationaal recht te houden.
Vraag 3
Klopt het dat de onderschepping volgens berichtgeving plaatsvond op internationale
wateren? Hoe beoordeelt u dit in het licht van het internationaal zeerecht?
Antwoord 3
Het klopt dat de onderschepping volgens berichtgeving plaatsvond op internationale
wateren. Zie overigens het antwoord op vraag 2.
Vraag 4
Welke informatie had het kabinet vooraf over de geplande onderschepping van de Flotilla
en de aanwezigheid van Nederlandse burgers aan boord?
Antwoord 4
Naast de berichtgeving in de media heeft het kabinet voorafgaand aan de onderschepping
geen informatie ontvangen over de planning van de onderschepping. Verder was het kabinet
bekend met de aanwezigheid van Nederlandse burgers aan boord vanwege de berichtgeving
daarover. Ook stond het Ministerie van Buitenlandse Zaken in contact met familieleden
en naasten van betrokken Nederlanders.
Vraag 5
Bent u op de hoogte dat bij de entering op 19 mei 2026 er ook Nederlandse journalisten
van De Marker (BNNVARA) op internationale wateren zijn gevangengenomen?3 Zo ja, wat vindt het kabinet dat Israël op internationale wateren Nederlandse journalisten
gevangenneemt?
Antwoord 5
Ja. Op basis van de beschikbare informatie acht het kabinet de recente onderscheppingen
van de Flotilla een schending van het internationaal (zee)recht. Zie overigens het
antwoord op vraag 2. Verder benadrukt het kabinet dat journalisten altijd ongehinderd
en veilig hun werk moeten kunnen doen.
Vraag 6
Welke consulaire bijstand is sinds de onderschepping verleend aan de Nederlandse opvarenden?
Antwoord 6
Het Ministerie van Buitenlandse Zaken heeft Nederlandse deelnemers aan de Flotilla
die daar om verzochten consulair bijgestaan. Het ging onder meer om het faciliteren
van contact met familieleden en het op weg helpen bij de zelfstandige doorreis vanuit
Griekenland en Turkije, via de posten ter plaatse. Ook stond het Ministerie van Buitenlandse
Zaken in contact met familieleden en naasten van betrokken Nederlanders.
Verder heeft het kabinet rondom de recente onderscheppingen van de Flotilla de Israëlische
autoriteiten meermaals opgeroepen de veiligheid van betrokken Nederlanders te waarborgen,
hen goed te behandelen en hen zo snel mogelijk vrij te laten.
Vraag 7
Welke concrete stappen zet het kabinet om ervoor te zorgen dat de Nederlandse opvarenden
onmiddellijk en ongedeerd kunnen terugkeren naar Nederland?
Antwoord 7
Zie het antwoord op vraag 6 en 8.
Vraag 8
Hoe beoordeelt u de berichten dat opvarenden tijdens en na de onderschepping zijn
mishandeld, gemarteld en vernederd?4
Antwoord 8
Het kabinet heeft kennisgenomen van de schokkende en ontoelaatbare beelden van de
aangehouden Flotilladeelnemers die de Israëlische Minister Ben-Gvir op 20 mei jl.
heeft gedeeld. Volgens het kabinet gaat deze behandeling in tegen de menselijke waardigheid.
Het kabinet heeft de Israëlische regering daarop aangesproken en de Israëlische ambassadeur
ontboden om opheldering te vragen. Daarbij heeft het kabinet opnieuw benadrukt dat
alle opvarenden in lijn met het internationaal recht moeten worden behandeld, de veiligheid
van Nederlandse opvarenden moet worden gegarandeerd en ze zo snel mogelijk moeten
worden vrijgelaten. Ook heeft het kabinet om formele excuses van de Israëlische regering
gevraagd. Deze oproep heeft Nederland ook herhaald in Europees verband in lijn met
de motie-Van Baarle (21 501-02, nr. 3421). Israël ging de dag erna, op 21 mei jl., over tot vrijlating van alle deelnemers.
Vraag 9
Bent u bereid om in internationaal verband aan te dringen op onafhankelijk onderzoek
naar de gewelddadige onderschepping van de Flotilla, de mogelijke marteling van opvarenden
en de rol van betrokken staten? Zo nee, waarom niet?
Antwoord 9
Conform de motie-Van Baarle (21 501-02, nr. 3420), steunt het kabinet de oproep van de Canadese Minister-President van 26 mei jl.,
richting de Israëlische autoriteiten, tot een onafhankelijk onderzoek naar de behandeling
van de aangehouden Flotilla-opvarenden. Het kabinet zal in dat kader ook in contact
blijven met landen die ook duidelijkheid willen over de behandeling van Flotilla-opvarenden,
ook in Europees verband.
Vraag 10
Klopt het dat het kabinet na een eerdere Israëlische onderschepping van een Flotilla
in oktober 2025 vragen heeft gesteld aan Israël over de rechtsbasis voor het ingrijpen?5 Zo ja, heeft Israël daarop inmiddels inhoudelijk gereageerd en bent u bereid die
reactie met de Kamer te delen?
Antwoord 10
Zoals onder meer aangegeven in de beantwoording van Kamervragen van Dassen (Volt),
Teunissen (PvdD), Dobbe (SP), Piri en Hirsch (beiden GroenLinks- PvdA) op 15 december
2025, heeft het kabinet de Israëlische autoriteiten naar aanleiding van de onderschepping
in oktober 2025 verzocht om een onderbouwing van de juridische basis voor het Israëlische
handelen rondom de onderschepping van de schepen. Het kabinet heeft, ondanks herhaald
verzoek, geen reactie ontvangen van de Israëlische autoriteiten.
Vraag 11
Kunt u deze vragen binnen 48 uur beantwoorden?
Antwoord 11
De vragen zijn zo snel mogelijk beantwoord.
Ondertekenaars
T.B.W. Berendsen, minister van Buitenlandse Zaken
Bijlagen
Gerelateerde documenten
Hier vindt u documenten die gerelateerd zijn aan bovenstaand Kamerstuk.