Antwoord schriftelijke vragen : Antwoord op vragen van het lid Westerveld over de uitzending van BOOS over Yes We Can Clinics
Vragen van het lid Westerveld (GroenLinks-PvdA) aan de Minister van Langdurige Zorg, Jeugd en Sport over de uitzending van BOOS over Yes We Can Clinics (ingezonden 8 april 2026).
Antwoord van Minister Sterk (Langdurige Zorg, Jeugd en Sport) (ontvangen 26 mei 2026).
Zie ook Aanhangsel Handelingen, vergaderjaar 2025–2026, nr. 1754.
Vraag 1
Heeft u de uitzending van BOOS van 7 april 2026 gezien, over de misstanden bij Yes
We Can Clinics?1
Antwoord 1
Ja.
Vraag 2
Wat vindt u van de in de uitzending getoonde bevindingen waaruit blijkt dat een flink
aantal jongeren trauma’s hebben opgelopen na hun behandeling bij Yes We Can Clinics?
Antwoord 2
Ik ben geschrokken van de ervaringen die jongeren met BOOS hebben gedeeld. Een behandeling
dient gericht te zijn op het verminderen en opheffen van problemen. Een behandeling
mag nooit (gezondheids-)schade aanbrengen.
Vraag 3
In hoeverre zijn signalen die binnenkwamen bij de redactie van BOOS ook bij de Inspectie
Gezondheidszorg en Jeugd (hierna: Inspectie) of het Ministerie van VWS bekend? Zijn
er signalen binnengekomen bij de Inspectie? Zo ja, kunt u inzichtelijk maken hoeveel,
in welke jaren en wat de aard is van de meldingen?
Antwoord 3
Als jongeren of ouders bellen met het Landelijk Meldpunt Zorg (onderdeel van de Inspectie
Gezondheidszorg en Jeugd, hierna LMZ) registreert de IGJ dit als signaal. De IGJ geeft
aan dat er sinds 2022 29 signalen zijn binnengekomen. Hieronder uitgesplitst per jaar:
2022: 2
2023: 1
2024: 2
2025: 2
2026: 22, waarvan tot uitzending BOOS (1-1-26 t/m 7-4-26): 2 signalen en na uitzending
BOOS (8-4-26 t/m 29-4-26): 20 signalen.
Vanwege het recent gestarte toezichtstraject deelt de IGJ geen verdere informatie
over de aard van de meldingen.
Vraag 4
Als er signalen bekend waren, was dit reden voor de Inspectie om een nieuw onderzoek
te doen of voor gemeenten om in te grijpen? Zo nee, waarom niet? Als er geen signalen
binnenkwamen, wat zegt dat over de bekendheid van de Inspectie bij de doelgroep?
Antwoord 4
Iedereen kan met klachten of signalen bij het LMZ van de IGJ terecht. De IGJ heeft
geen zicht in de overwegingen van jongeren of ouders in deze casus om wel of niet
contact op te nemen met het LMZ. De IGJ heeft de afgelopen twee jaar gewerkt aan haar
toegankelijkheid voor jongeren door het uitvoeren van een jongerencampagne via sociale
media. Hierbij werden jongeren uitgenodigd om hun ervaringen met jeugdhulp anoniem
te delen2.
De IGJ besluit op basis van de bij haar bekende informatie om wel of niet een onderzoek
in te stellen. Hierbij betrekt de IGJ de informatie uit onder andere meldingen, signalen
en uitkomsten van eerdere inspectiebezoeken. Dit vormde sinds 2018 geen aanleiding
om een toezichtstraject te starten. De IGJ geeft aan dat zij gezien de aard en de
ernst van de signalen die onlangs bekend zijn gemaakt, recent een toezichtstraject
is gestart bij Yes We Can Clinics.
Het is mij niet bekend of individuele gemeenten signalen hebben ontvangen.
Vraag 5
Zijn er elders signalen binnengekomen, bijvoorbeeld bij de vertrouwenspersonen van
Jeugdstem?
Antwoord 5
Ja, Jeugdstem geeft aan dat er drie klachten zijn geuit over Yes We Can Clinics bij
vertrouwenspersonen. De laatste klacht dateert van november 2025.
Vraag 6
Is ooit onderzocht of de bewering op de website van Yes We Can Clinics dat 74% van
de jongeren geen specialistische behandeling meer nodig had, klopt? Had dat moeten
gebeuren en zo ja, door wie? Zo nee, waarom niet?
Antwoord 6
Yes We Can Clinics geeft op haar website aan dat de bewering in kwestie is gebaseerd
op herhaaldelijk onafhankelijk onderzoek, waarbij het meest recente onderzoek is uitgevoerd
in 2023. De IGJ heeft tot op heden geen onderzoek gedaan naar de bewering op de website
van Yes We Can Clinics. De IGJ kijkt in haar toezicht naar de kwaliteit, veiligheid
en betrouwbaarheid van de zorg en jeugdhulp en is recent een toezichtstraject gestart
bij Yes We Can Clinics.
Vraag 7
Hoe kan het dat een methode die oorspronkelijk werd gebruikt in de verslavingszorg,
door Yes We Can Clinics ook wordt toegepast op tieners en adolescenten die kampen
met (de gevolgen van) allerlei andere soorten problematiek, van depressie tot ADHD
tot borderline? Wie heeft beoordeeld dat de methode van Yes We Can Clinics toegepast
mag worden op jongeren met deze uiteenlopende zorgvraag? Aan welke criteria is dit
getoetst en wanneer?
Antwoord 7
Het is aan een behandelaar om een behandelmethode te kiezen die aansluit bij een jongere,
zodat de jongere daar baat bij heeft, en deze op de juiste wijze toe te passen. Behandeling
vindt plaats conform professionele standaarden, richtlijnen en kwaliteitskaders. Daarnaast
is het belangrijk dat jongeren en hun ouders worden betrokken bij de keuze voor de
behandelmethode en inspraak hebben tijdens de behandeling. Er kunnen verschillende
behandelmethoden in de zorg worden gebruikt.
De IGJ ziet toe op de kwaliteit van de geleverde zorg. De bekwaamheid van de jeugdzorgprofessionals
is hier onderdeel van. Tijdens een onderzoek beoordeelt de IGJ onder andere of een
behandelmethode conform professionele richtlijnen wordt uitgevoerd. Daarnaast beoordeelt
de IGJ of de zorgaanbieder samen met de jongeren en ouders de hulpvraag, de doelen
en de vorm van de geboden hulp bepalen.
Vraag 8
Klopt het dat het laatste Inspectiebezoek aan Yes we Can Clinics plaatsvond op 10 december
2018? Zijn er sindsdien nog aangekondigde of onaangekondigde bezoeken geweest? Hoe
kan het dat de Inspectie onderzoekt of de «zorgverlening aan de voorwaarden voor goede
en veilige zorg voldoen,» terwijl niet met jongeren zelf wordt gesproken, maar enkel
vijf dossiers zijn bekeken? Welke rol hebben gemeenten die jongeren plaatsen bij Yes
We Can Clinics?
Antwoord 8
Het klopt dat het laatste onderzoek naar de kwaliteit door de IGJ aan Yes We Can Clinics
plaatsvond op 10 december 2018. Het bezoek in 2018 vond plaats in het kader van een
specifieke toezichtronde op middelgrote ggz- en verslavingszorginstellingen. Deze
toezichtronde was gericht op het beter in beeld krijgen van dit type organisaties.
Door het specifieke doel van dit toezicht, toetste de inspectie een beperkt aantal
normen. Daarnaast is er op hoofdlijnen getoetst. De IGJ heeft in deze toezichtronde
gesproken met de bestuurders en zorgverleners, individuele dossiers beoordeeld en
beleid beoordeeld. Er is niet met cliënten gesproken. Welke bronnen de IGJ bij een
toezichtbezoek gebruikt, hangt af van de onderzoeksvragen.
De drie thema’s die tijdens het bezoek centraal stonden waren persoonsgerichte zorg,
deskundige zorgverlener, en sturen op kwaliteit en veiligheid. Op het thema persoonsgerichte
zorg toetste de inspectie normen over het behandelplan en dossiervoering. Om deze
normen te toetsen voerde de IGJ gesprekken met leden van het management/directie,
regiebehandelaren en uitvoerende medewerkers, deed dossieronderzoek en kreeg inzage
in kwaliteitsdocumenten. In het onderzoek dat de IGJ nu is gestart naar Yes We Can
Clinics zullen gesprekken met jongeren onderdeel zijn.
Gemeenten zijn verantwoordelijk voor organisatie en financiering van de jeugdhulp.
Zij maken afspraken met aanbieders over de in te kopen zorg. Gemeenten kunnen daarbij,
naast de kwaliteitseisen die gelden vanuit de Jeugdwet, specifieke kwaliteitseisen
stellen aan de te leveren diensten. Dit betekent dat de gemeente niet altijd inhoudelijk
betrokken is bij een casus.
Verwijzing naar specialistische zorg kan verlopen via de huisarts, jeugdarts, medisch
specialist, lokaal team of gecertificeerde instelling (GI). De jeugdhulpaanbieder
is verantwoordelijk voor het verlenen van verantwoorde hulp.
Vraag 9
Is het overnemen van een jeugdzorginstelling door een private equity organisatie,
zoals bij Yes We Can Clinics gebeurde in 2021 door Holland Capital en in september
2025 door Bencis Capital Partners, reden voor extra toezicht of een Inspectiebezoek?
Zo nee, waarom niet?
Antwoord 9
Een overname door een private equity organisatie is geen reden voor extra toezicht.
Iedere zorgaanbieder dient zich aan de geldende wet- en regelgeving te houden, ook
als er een private equity investeerder betrokken is. Vanuit de toezichthouders wordt
er bij betrokkenheid van een private equity organisatie daarom ook niet anders gehandeld
dan bij elke andere zorgaanbieder.
Vraag 10
Vindt u het verantwoord dat jeugdzorginstellingen zoals Yes We Can Clinics worden
gekocht door private equityorganisaties die primair gericht zijn op het maken van
winst en doorverkoop? Worden gecontracteerde gemeenten en zorgverzekeraars actief
op de hoogte gesteld wanneer een private equity organisatie een instelling opkoopt?
Zo ja, op welke wijze gebeurt dit? Zo nee, waarom niet?
Antwoord 10
Er is geen verbod op overname van jeugdhulpaanbieders door private equity partijen.
Private equity kan uitkomst bieden voor zorgaanbieders die moeite hebben met het vinden
van financiering of opvolging. Dit kan een positief effect hebben op de beschikbaarheid,
continuïteit en kwaliteit van zorg. Tegelijkertijd ziet het kabinet ook dat er risico’s
verbonden zijn aan private equity investeringen, waarbij de betaalbaarheid en kwaliteit
van zorg onder druk kan komen te staan. Daarom is dit kabinet voornemens te zorgen
voor duidelijke en aangescherpte normen voor verantwoord ondernemerschap, waaronder
het inperken van de uitwassen van private equity.
Of gemeenten en zorgverzekeraars actief op de hoogte gesteld worden als een private
equity organisatie investeert in een zorg- of jeugdhulpaanbieder, is afhankelijk van
de contractafspraken die gemeenten/zorgverzekeraars en aanbieders met elkaar maken.
Zorginkopers kunnen nu al in de contractvoorwaarden opnemen dat zij vroegtijdig meegenomen
worden in voorgenomen fundamentele beslissingen in de bedrijfsvoering, zoals een fusie
of overname.
Vraag 11
Kan de overname van een jeugdzorginstelling door een private equity-partij reden vormen
om een contract open te breken door bijvoorbeeld een gecontracteerde gemeente of zorgverzekeraar?
Antwoord 11
Gemeenten of zorgverzekeraars kunnen contractueel bedingen dat zij voorafgaand aan
een overname of fusie geïnformeerd worden over een overname of fusie. Dit betekent
echter niet automatisch dat een contract open gebroken kan worden. Of een contract
open gebroken kan worden bij een overname door een private equity partij, hangt af
van het geheel van contractuele afspraken die partijen onderling hebben gemaakt en
de omstandigheden van het geval.
Vraag 12
Wat vindt u ervan dat tussen 2021 en 2024 de omzet van 35 miljoen naar 56 miljoen
euro is gestegen en er jaarlijks miljoenen winst wordt gemaakt? Zijn dergelijke overnames
en winsten een reden voor nader onderzoek of toezicht? Zo nee, waarom niet? Wat vindt
u ervan dat er miljoenen winst wordt gemaakt, terwijl de behandeling van publiek geld
wordt betaald? Vinden er ook winstuitkeringen plaats en zo ja, aan wie?
Antwoord 12
Een stijgende omzet of winst zijn op zichzelf geen directe signalen voor misstanden
en/of niet integer gedrag in de zorg. Winst maken, of een positief bedrijfsresultaat
behalen, is noodzakelijk om als zorg- of jeugdhulpaanbieder gezond te blijven en is
in het belang van de continuïteit van zorg voor cliënten en jeugdigen. Een winstuitkering
mag echter nooit ten koste gaan van de kwaliteit, toegankelijkheid of betaalbaarheid
van zorg en dient altijd verantwoord plaats te vinden. Dit wordt meegenomen in het
wetsvoorstel integere bedrijfsvoering zorg- en jeugdhulpaanbieders (Wibz). In dit
wetsvoorstel worden voorwaarden gesteld aan het uitkeren van winst.
Overnames en winsten zijn geen directe redenen voor nader onderzoek of toezicht. Wel
kan aanvullend onderzoek plaatsvinden door NZa of IGJ als zorg- en jeugdhulpaanbieders3 niet voldoen aan de eisen voor een transparante financiële bedrijfsvoering en/of
als er signalen zijn dat door overname of winstuitkering sprake is van risico’s voor
de kwaliteit, veiligheid of continuïteit van zorg.
Vraag 13
Voor welk bedrag heeft Bencis Capital Partners in 2024 het oprichtersechtpaar Jan
Willem en Petra Poot uitgekocht?
Antwoord 13
Deze informatie heeft het Ministerie van VWS niet.
Vraag 14
Het Inspectierapport uit 2018 stelt al dat de klachtenfunctionaris «niet geheel onafhankelijk»
is, hoe is dit momenteel geregeld? Is er inzicht in de hoeveelheid en de aard van
de klachten en wat ermee is gedaan? Deelt u de mening dat een klachtenfunctionaris
altijd onafhankelijk van de instelling zou moeten opereren?
Antwoord 14
De onafhankelijkheid van de klachtenfunctionaris is een wettelijke eis, zie artikel 15,
lid 2 van de Wkkgz. In dit artikel staat het vereiste dat een klachtenfunctionaris
zijn functie onafhankelijk kan uitvoeren.
In de klachtenregeling4 van Yes We Can Clinics, die te vinden is via de website van de organisatie, zegt
Yes We Can Clinics te beschikken over een onafhankelijke klachtenfunctionaris. De
IGJ zal in het lopende onderzoek nagaan of jeugdigen en hun ouders de mogelijkheid
hebben om voor hun belangen op te komen conform de Wkkgz en de Jeugdwet.
De jeugdzorgaanbieder rapporteert jaarlijks via het Jaardocument Maatschappelijke
verantwoording hoeveel klachten er zijn ingediend bij de klachtencommissie, het aantal
klachten dat door de klachtencommissie in behandeling is genomen, en het aantal klachten
waarover de klachtencommissie advies heeft uitgebracht. Deze informatie is ook voor
Yes We Can Clinics openbaar toegankelijk.
Vraag 15
Is u bekend dat het Inspectierapport uit 2018 beschrijft dat de personele bezetting
bestaat uit «psychiaters, verpleegkundigen, GZ-psychologen, basispsychologen, jongerencoaches,
groepswerkers ervaringsdeskundigen en groepscounselors,» terwijl uit de uitzending
van BOOS het beeld naar voren komt dat met name ervaringsdeskundigen en counselors
betrokken zijn bij de behandeling? Is het personeelsbestand veranderd of heeft de
Inspectie hier iets over het hoofd gezien? Is de regiebehandelaar nog steeds altijd
een psychiater?
Antwoord 15
Volgens het openbare kwaliteitsstatuut5 van Yes We Can Clinics is de regiebehandelaar, afhankelijk van de behandelvariant,
een psychiater, psychotherapeut, GZ-psycholoog, verpleegkundige specialist, sociaal
psychiatrisch verpleegkundige of klinisch psycholoog. De term regiebehandelaar is
gekoppeld aan het Landelijk Kwaliteitsstatuut GGZ. Dit Kwaliteitsstatuut is alleen
van toepassing op curatieve GGZ die valt onder de Zorgverzekeringswet (18+). In deze
afspraken is aan het regiebehandelaarschap de voorwaarde van een registratie in het
register voor Beroepen in de Individuele Gezondheidszorg (BIG) verbonden. Voor alle
zorgmedewerkers in de jeugdhulp is de norm van de verantwoorde werktoedeling van toepassing,
en het daaraan gekoppelde kwaliteitskader jeugd. Dit betekent dat voor werkzaamheden
die een bepaalde mate van complexiteit of risico met zich meebrengen, de zorgmedewerker
geregistreerd moet zijn in het BIG-register of bij Stichting Kwaliteitsregister Jeugd
(SKJ).
Het inspectierapport uit 2018 benoemt de inzet van ervaringsdeskundigen en counselors.
In 2018 voldeed de zorgaanbieder aan de door de IGJ getoetste normen met betrekking
tot de deskundigheid en inzet van de medewerkers. De IGJ zal in het lopende onderzoek
nagaan of er voldoende deskundige hulpverleners beschikbaar zijn, afgestemd op wat
de jeugdigen nodig hebben.
Vraag 16
Wat vindt u van de geschetste methode waarbij jongeren worden geconfronteerd met hun
aandoening of verslaving, en dit ook geldt voor jongeren die slachtoffer zijn van
seksueel grensoverschrijdend gedrag en misbruik, eetstoornissen en depressies? Acht
u dit verantwoord?
Antwoord 16
De methodiek die toegepast wordt moet passend zijn bij de problematiek van de jeugdigen.
Voor de jeugdzorg zijn verschillende basisrichtlijnen beschreven. Het kan zijn dat
er door de problematiek meerdere professionele richtlijnen van toepassing zijn, en
op basis daarvan een maatwerktraject wordt vormgegeven. Zie verder vraag 7. De IGJ
kijkt in het toezicht naar de manier waarop Yes We Can Clinics de (behandel)richtlijnen
toepast.
Vraag 17
Kunnen jongeren met de behandeling stoppen op ieder moment dat zij willen? Wat vindt
u ervan dat uit de uitzending blijkt dat dit niet in alle gevallen mogelijk is?
Antwoord 17
Jongeren die in het zogenaamd vrijwillig kader jeugdhulp ontvangen kunnen er – met
hun ouders – altijd en op elk moment voor kiezen om een behandeling te stoppen. Een
zorgaanbieder kan dat niet verbieden. Ook moet een zorgaanbieder ervoor zorgen dat
jongeren en hun ouders over voldoende informatie beschikken om een keuze te maken.
Als er een andere plek gevonden is, moet een zorgaanbieder zorgdragen voor een duidelijke
overdracht naar het vervolgverblijf.
Ik vind het zorgelijk dat er signalen zijn dat cliënten niet konden stoppen met de
behandeling die zij ondergingen. Om de informatiepositie van ouders en jongeren te
versterken wordt er op dit moment gewerkt aan voorlichtingsmateriaal over de rechten
van ouders en jongeren, o.a. bij vrijwillige jeugdhulp. In dit materiaal wordt ook
aangegeven wat je kunt doen als je het niet eens bent met de jeugdhulp, wilt stoppen
met jeugdhulp en waar je als ouders of jongere ondersteuning kunt vinden. Het voorlichtingsmateriaal
zal na de zomer gepubliceerd worden.
Ondertekenaars
W.R.C. Sterk, minister van Langdurige Zorg, Jeugd en Sport
Bijlagen
Gerelateerde documenten
Hier vindt u documenten die gerelateerd zijn aan bovenstaand Kamerstuk.