Schriftelijke vragen : De uitbraak van het Hantavirus
Vragen van het lid Bushoff (GroenLinks-PvdA) aan de Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport over de uitbraak van het Hantavirus (ingezonden 13 mei 2026).
Vraag 1
Hoe beoordeelt u op dit moment de ernst en het potentiële risico van het Hantavirus
voor de volksgezondheid?
Vraag 2
Zou u uiteen kunnen zetten hoe momenteel de prevalentie van het Hantavirus in Nederland
concreet wordt gemonitord? Welke methodologieën worden daarbij toegepast?
Vraag 3
Heeft u reeds de verschillende mogelijke methodologieën om de besmettingen met en
de verspreiding van het Hantavirus te monitoren in kaart gebracht en/of externe expertise
ingewonnen om deze methodologieën in kaart te brengen?
Vraag 4
Welke methodologieën passen andere landen reeds toe?
Vraag 5
Zijn er op dit moment meerdere varianten van het Hantavirus in omloop? Zo ja, welke
varianten betreft het en in welke regio’s of landen worden deze vastgesteld?
Vraag 6
Kunt u de laatste stand van zaken geven van de wetenschappelijke kennis met betrekking
tot de besmettelijkheid van de verschillende varianten?
Vraag 7
Welke cruciale kennis ontbreekt momenteel nog? Laat u bijkomend onderzoek uitvoeren
naar die ontbrekende kennis?
Vraag 8
Bent u bekend met de casus van een Italiaanse man die in het ziekenhuis opgenomen
werd met symptomen van het Hantavirus?1
Vraag 9
Beschikt u over meer informatie of deze man in contact is gekomen met de Nederlandse
vrouw die met eenzelfde KLM-vlucht wilde meereizen en even later aan de gevolgen van
het Hantavirus overleed? Wordt hier nader onderzoek naar gevoerd?
Vraag 10
Klopt het dat er aanwijzingen zijn dat bepaalde varianten van mens op mens overdraagbaar
zouden kunnen zijn? Zo ja, wat is hierover bekend? Welke acties onderneemt u om hierover
meer kennis te vergaren?
Vraag 11
Hoe verloopt momenteel het bron- en contactonderzoek indien sprake is van een vermoedelijke
of bevestigde besmetting?
Vraag 12
Beschikt Nederland momenteel over voldoende capaciteit om, indien noodzakelijk, snel
en effectief bron- en contactonderzoek uit te voeren en op te schalen?
Vraag 13
Kunt u stap voor stap toelichten welke procedures in werking treden wanneer iemand
besmet blijkt te zijn? Welke stappen moeten besmette mensen en hun omgeving doorlopen?
Vraag 14
Welke behandelmogelijkheden zijn momenteel beschikbaar of in ontwikkeling voor besmette
patiënten? Zijn die van toepassing op verschillende varianten van het virus?
Vraag 15
Wordt gewerkt aan de ontwikkeling van vaccins of andere preventieve maatregelen om
besmetting met het Hantavirus te voorkomen? Zo ja, welke rol speelt Nederland hierin?
Vraag 16
Werkt Nederland op het vlak van vaccins samen met andere Europese landen en Europese
instellingen? Zo ja, hoe ziet die samenwerking eruit?
Vraag 17
Indien Nederland onderzoek naar vaccins mee financiert of faciliteert, welke voorwaarden
zullen gesteld worden naar betaalbaarheid en beschikbaarheid van eventuele ontwikkelde
vaccins?
Vraag 18
Welke internationale maatregelen worden genomen naar aanleiding van de huidige uitbraak
van het Hantavirus en op welke manier draagt Nederland daaraan bij?
Vraag 19
Kunt u reflecteren op de huidige positie van het kabinet ten aanzien van het internationale
pandemieverdrag van de Wereldgezondheidsorganisatie (WHO)? In hoeverre verschilt de
positie van dit kabinet ten aanzien van het pandemieverdrag van die van het vorige
kabinet?
Vraag 20
In welke mate monitort Nederland virusuitbraken en opkomende infectieziekten in andere
landen om vroeg geïnformeerd te zijn van mogelijke gezondheidsrisico’s door ziektes
die zich naar Nederland zouden kunnen verspreiden?
Vraag 21
Welke bijdrage levert Nederland aan internationaal onderzoek om te voorkomen dat lokale
uitbraken zich ontwikkelen tot mondiale gezondheidscrises en om behandelingen of preventieve
maatregelen voor dergelijke gezondheidsrisico’s te ontwikkelen?
Vraag 22
Kunt u reflecteren op de staat van de wereldwijde pandemische paraatheid en de gevolgen
daarvan voor gezondheidsrisico’s in Nederland, inclusief Caraïbisch Nederland?
Vraag 23
Welke rol ziet deze regering voor zichzelf in de versterking van mondiale samenwerking
op het gebied van infectieziektebestrijding en pandemische paraatheid?
Indieners
-
Gericht aan
S.T.M. Hermans, minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport -
Indiener
Julian Bushoff, Kamerlid
Gerelateerde documenten
Hier vindt u documenten die gerelateerd zijn aan bovenstaand Kamerstuk.