Schriftelijke vragen : De motie Veltman (Kamerstuk 36563, nr. 11)
Vragen van het lid Schutz (VVD) aan de Staatssecretaris van Infrastructuur en Waterstaat over motie Veltman (Kamerstuk 36 563, nr. 11) (ingezonden 8 mei 2026).
Vraag 1
Bent u bekend met motie-Veltman over het aanpassen van het Besluit capaciteitsverdeling
om juridisch bindende kaderovereenkomsten mogelijk te maken die spoorvervoerders meerjarige
zekerheid bieden, voor nationale én internationale treinverbindingen?1
Vraag 2
Wat is de stand van zaken van de uitvoering van deze motie? Welke concrete stappen
zijn inmiddels gezet richting ProRail en wanneer verwacht u uitgewerkte voorstellen
en een concreet tijdpad met de Kamer te kunnen delen?
Vraag 3
Welke mogelijkheden bestaan binnen de huidige Nederlandse regelgeving om spoorvervoerders
meerjarige zekerheid te bieden over toegang tot capaciteit op het spoor? Acht u deze
mogelijkheden toereikend voor investeringen in nationale én internationale treinverbindingen?
Vraag 4
Deelt u de opvatting dat meerjarige zekerheid over spoorcapaciteit van groot belang
is voor investeringen in (inter)nationaal spoorvervoer, mede gezien de lange levertijden
van nieuw treinmaterieel? Zo nee, waarom niet?
Vraag 5
In hoeverre klopt het dat in andere Europese landen, waaronder Frankrijk, reeds wordt
gewerkt met zogenoemde framework agreements of vergelijkbare meerjarige capaciteitsafspraken? Welke lessen kunnen daaruit worden
getrokken voor Nederland?
Vraag 6
Hoe beoordeelt u het huidige systeem van capaciteitsverdeling als het gaat om het
bieden van voldoende zekerheid aan nieuwe toetreders en private aanbieders van (inter)nationale
treinverbindingen? Waar zitten volgens u de belangrijkste knelpunten?
Vraag 7
In hoeverre kunnen kaderovereenkomsten bijdragen aan een beter gebruik van bestaande
infrastructuur, waaronder de HSL-Zuid (hogesnelheidslijn), en aan het versterken van
internationale treinverbindingen als alternatief voor korteafstandsvluchten?
Vraag 8
Hoe verhoudt de ontwikkeling van kaderovereenkomsten zich tot de ambitie om ruimte
te bieden aan innovatieve en nieuwe aanbieders op het spoor?
Vraag 9
Deelt u de opvatting dat verdere Europese harmonisatie van capaciteitsverdeling kan
bijdragen aan betrouwbaardere en eenvoudiger te organiseren internationale treinverbindingen?
Welke inzet kiest Nederland hierin richting Europa?
Vraag 10
Kunt u deze vragen beantwoorden voorafgaand aan het commissiedebat Spoor van 3 juni
2026?
Indieners
-
Gericht aan
A.W.H. Bertram, staatssecretaris van Infrastructuur en Waterstaat -
Indiener
Björn Schutz, Kamerlid
Gerelateerde documenten
Hier vindt u documenten die gerelateerd zijn aan bovenstaand Kamerstuk.