Schriftelijke vragen : Het bericht ‘Zware klap voor oliekartel Opec na vertrek Emiraten: wat betekent dit voor de olieprijs en het wereldtoneel?’
Vragen van de leden Maes en Verkuijlen (beiden VVD) aan de Ministers van Buitenlandse Zaken en van Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking over het bericht «Zware klap voor oliekartel Opec na vertrek Emiraten: wat betekent dit voor de olieprijs en het wereldtoneel?» (ingezonden 4 mei 2026).
Vraag 1
Bent u bekend met het artikel «Zware klap voor oliekartel Opec na vertrek Emiraten:
wat betekent dit voor de olieprijs en het wereldtoneel?»?1
Vraag 2
Hoe duidt u het besluit van de Verenigde Arabische Emiraten (VAE) om het Opec-kartel
te verlaten in het licht van de structurele instabiliteit op de mondiale energiemarkt
en de toenemende prijsvolatiliteit?
Vraag 3
In hoeverre is de invloed van de Opec+ op de wereldwijde olieproductie de afgelopen
jaren afgenomen ten gunste van producenten buiten dit kartel?
Vraag 4
Welke rol speelt de nauwe samenwerking tussen Rusland en Saoedi-Arabië binnen de Opec+
momenteel bij het kunstmatig hooghouden van de olieprijs?
Vraag 5
In hoeverre acht u het waarschijnlijk dat de verzwakking van de Opec – en daarmee
de Opec+-alliantie – de effectiviteit van Russische marktmanipulatie inperkt en daarmee
direct de financiering van de Russische agressieoorlog tegen Oekraïne bemoeilijkt?
Vraag 6
Hoe beoordeelt u de informatie dat het vertrek van de VAE mede is ingegeven door fundamentele
onenigheid binnen de Golfregio over de reactie op de oorlog met Iran en de voortdurende
blokkade van de Straat van Hormuz?
Vraag 7
Wat betekent het vertrek van de VAE uit de OPEC voor de GCC en wat betekent de eenheid
binnen de Gulf Cooperation Council (GCC) voor de belangen van de Europese Unie (EU),
niet alleen op het gebied van energiezekerheid maar ook voor de regionale veiligheid?
Vraag 8
Deelt u de opvatting dat de huidige situatie in de straat van Hormuz een directe bedreiging
vormt voor de mondiale leveringszekerheid en de stabiliteit van de wereldeconomie
met inbegrip van de voedselzekerheid? Zo ja wat bent u bereid bij te dragen aan de
verbetering van die situatie?
Vraag 9
Wat verwacht u dat de toenemende rivaliteit tussen de VAE en Saoedi-Arabië als effect
heeft voor de regionale veiligheid?
Vraag 10
Verwacht u dat het besluit van de VAE om de OPEC te verlaten de onderlinge rivaliteit
tussen de VAE en Saoedi-Arabië zal vergroten en daarmee de mogelijkheden voor samenwerking
binnen de GCC bemoeilijkt?
Vraag 11
Welke rol ziet u voor Nederland en de Europese Unie om bij te dragen aan het behoud
van de eenheid van de GCC als strategische partner, juist nu de spanningen tussen
de lidstaten over energie- en veiligheidsbeleid toenemen?
Vraag 12
Kan de intensivering van de samenwerking tussen Nederland en de VAE op het gebied
van energie-infrastructuur en maritieme veiligheid bijdragen aan de algehele stabiliteit
in de regio en, zo ja, op welke manier?
Vraag 13
Erkent u dat de toenemende volatiliteit op de oliemarkt de vraag naar alternatieve
energiebronnen en technologieën, zoals elektrische voertuigen en zonnepanelen, onvermijdelijk
versnelt?
Vraag 14
Hoe zet het kabinet zich in om te voorkomen dat deze versnelling leidt tot een nieuwe,
eenzijdige afhankelijkheid van onvrije staten zoals China voor de levering van kritieke
grondstoffen en componenten?
Vraag 15
Op welke wijze waarborgt u dat deze nieuwe afhankelijkheden niet opnieuw als geopolitiek
wapen kunnen worden ingezet, naar het voorbeeld van de huidige Iraanse blokkade van
de Straat van Hormuz?
Indieners
-
Gericht aan
S.W. Sjoerdsma, minister van Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking -
Gericht aan
T.B.W. Berendsen, minister van Buitenlandse Zaken -
Indiener
Nicole Maes, Kamerlid -
Medeindiener
Ruud Verkuijlen, Kamerlid
Gerelateerde documenten
Hier vindt u documenten die gerelateerd zijn aan bovenstaand Kamerstuk.