Schriftelijke vragen : Ex-kankerpatiënten die geen of een extreem dure overlijdensrisicoverzekering krijgen
Vragen van het lid Bushoff (GroenLinks-PvdA) aan de Ministers van Volksgezondheid, Welzijn en Sport en van Financiën over ex-kankerpatiënten die geen of een extreem dure overlijdensrisicoverzekering krijgen (ingezonden 23 april 2026).
Vraag 1
Bent u bekend met de Radar-uitzending van 13 april 2026 over de schone-lei-regeling
bij ex-kankerpatiënten, die nu vaak nog geen overlijdensrisicoverzekering kunnen krijgen
of daar extreem hoge premies voor moeten betalen?1
Vraag 2
Wat vindt u ervan dat nog steeds 1 op de 3 ex-kankerpatiënten wordt afgewezen voor
een overlijdensrisicoverzekering vanwege hun ziekteverleden, waardoor het afsluiten
van een hypotheek veel lastiger of financieel risicovoller wordt?
Vraag 3
Bent u inmiddels in overleg getreden met patiëntenorganisaties, verzekeraars en andere
betrokkenen om te bespreken welke nieuwe wetenschappelijke inzichten er zijn waardoor
verdere differentiatie van de leeftijdstermijnen wenselijk en passend is, zoals u
heeft toegezegd in de beantwoording op eerdere schriftelijke vragen van ondergetekende?2 Zo ja, wat zijn de uitkomsten van deze gesprekken en welke vervolgstappen vloeien
hieruit voort? Zo nee, wanneer vinden deze gesprekken plaats?
Vraag 4
Binnen welk tijdsbestek kunnen de termijnen die nu worden gehanteerd binnen de schone-lei-regeling
worden aangepast als uit de gesprekken met betrokkenen en wetenschappers blijkt dat
dit wenselijk is en volgt uit de laatste wetenschappelijke inzichten?
Vraag 5
Komen in deze gesprekken ook kankersoorten aan bod waarbij de overlevingskans vanaf
het begin al heel hoog is en waarbij nauwelijks sprake is van extra sterfte ten opzichte
van leeftijdsgenoten, zoals huidkanker, schildklierkanker en zaadbal- of eierstokkanker?
Is de schone-lei-regeling wat u betreft passend voor deze kankersoorten?
Vraag 6
Kunt u nader ingaan op uw uitspraak in de beantwoording op de schriftelijke vragen
dat er een balans moet zijn tussen de toegankelijkheid van verzekeringen voor ex-kankerpatiënten
enerzijds en de prudentiële verantwoordelijkheid van verzekeraars om passende premies
te vragen anderzijds? Hoe verhoudt zich dit wat u betreft tot het solidariteitsbeginsel
in ons verzekeringssysteem, zeker in het geval van jonge ex-kankerpatiënten die hun
leven weer proberen op te bouwen?
Vraag 7
Hoe gaat u ervoor zorgen dat meer ex-kankerpatiënten op de hoogte zijn van het bestaan
van de schone-lei-regeling?
Vraag 8
Deelt u de mening dat verzekeraars bij het afsluiten van een verzekering automatisch
zouden moeten wijzen op het bestaan van de schone-lei-regeling (indien van toepassing)
en de bijbehorende termijn? Zo nee, waarom niet? Zo ja, bent u bereid hierover met
verzekeraars in gesprek te gaan om te bespreken hoe en wanneer dit onderdeel kan worden
van het aanvraagproces?
Vraag 9
Deelt u de mening dat eventuele hogere premies bij het aflopen van de gestelde termijn
binnen de schone-lei-regeling automatisch zouden moeten worden bijgesteld naar beneden?
Zo ja, bent u bereid met verzekeraars in gesprek te gaan over de implementatie hiervan?
Zo nee, waarom niet?
Vraag 10
Wat vindt u ervan dat hypotheekverstrekkers verschillend beleid voeren op het gebied
van het verplichten van het afsluiten van een overlijdensrisicoverzekering voor het
verkrijgen van een hypotheek? Zou dit wat u betreft geharmoniseerd moeten worden?
Zo ja, waarom wel? Zo nee, waarom niet?
Indieners
-
Gericht aan
E. Heinen, minister van Financiën -
Gericht aan
S.T.M. Hermans, minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport -
Indiener
Julian Bushoff, Kamerlid
Gerelateerde documenten
Hier vindt u documenten die gerelateerd zijn aan bovenstaand Kamerstuk.