Antwoord schriftelijke vragen : Antwoord op vragen van het lid Mutluer over de mobiele eenheid voor Utrecht
Vragen van het lid Mutluer (GroenLinks-PvdA) aan de Minister van Justitie en Veiligheid over de mobiele eenheid voor Utrecht (ingezonden 24 maart 2026).
Antwoord van Minister Van Weel (Justitie en Veiligheid) (ontvangen 20 april 2026).
Zie ook Aanhangsel Handelingen, vergaderjaar 2025–2026, nr. 1622.
Vraag 1
Kent u de berichten «Dijksma wil eigen ME, Minister geschrokken van impact ongeregeldheden
Overvecht op agenten»1 en «Sneller inzetbare ME: waarom Utrecht naar Den Haag en Rotterdam kijkt»2?
Antwoord 1
Ja.
Vraag 2 en 3
Op grond van welke criteria wordt bepaald of een stad een eigen paraat peloton van
de Mobiele Eenheid (ME) krijgt?
Waarom heeft Utrecht geen eigen paraat ME-peloton? Wat betekent dat voor de ME-paraatheid
in die stad?
Antwoord 2 en 3
In de bijlagen bij de Regeling ME 2025 zijn de basiseenheden, watergetrainde eenheden
en specialistische eenheden van de ME verdeeld over de verschillende regionale eenheden
en de Eenheid landelijke expertise en operaties. Binnen deze kaders kan elke regionale
eenheid zelf besluiten hoe de paraatheid van de ME binnen de regio is georganiseerd.
De regeling wijst geen «paraat ME-peloton» toe aan specifieke steden, zoals Amsterdam,
Rotterdam en Den Haag. Er zijn ook geen criteria op basis waarvan wordt bepaald of
een stad een eigen «paraat ME peloton» krijgt.
Artikel 13, eerste lid, Regeling mobiele eenheid politie 2025 bepaalt dat de korpschef
ervoor zorgdraagt dat in iedere regionale eenheid ten minste één sectie van een basiseenheid
ME binnen anderhalf uur op de opkomstlocatie aanwezig en gereed voor inzet is. «Gereed
voor inzet» betekent dat de leden van de mobiele eenheden de benodigde kleding en
uitrusting aan hebben en dat zij gebriefd zijn. Een peloton ME bestaat uit twee secties
(artikel 2, lid 4 Regeling mobiele eenheid 2025).3
Het is aan de eenheden zelf om in overleg met de lokale bevoegde gezagen te bepalen
of zij een sectie of een peloton ME direct in plaats van binnen anderhalf uur klaar
heeft staan voor inzet in een specifieke stad.
Vraag 4
Deelt u de mening van de genoemde politiesocioloog dat een paraat ME-peloton het verschil
kan maken bij een effectieve aanpak van ongeregeldheden? Zo ja, op welke wijze? Zo
nee, waarom niet?
Antwoord 4
Het voordeel van een direct inzetbare sectie of peloton ME is dat zij direct naar
de locatie kunnen gaan waar een openbare ordeverstoring plaatsvindt. Of en in hoeverre
dat een verschil kan maken bij het optreden tegen ongeregeldheden, hangt af van de
schaal, de omstandigheden en de complexiteit van de openbare ordeverstoring. De keuze
voor een direct inzetbare sectie of peloton ME zal gevolgen hebben voor de beschikbare
politiecapaciteit op andere plekken.
Vraag 5 en 6
Deelt u de mening van de burgemeester van Utrecht dat bij gebrek aan een eigen ME-peloton
agenten in Utrecht langer moeten wachten op ondersteuning van de ME dan in andere
grote steden? Zo nee, waarom niet?
Deelt u de mening van de burgemeester van Utrecht dat er ook voor Utrecht een paraat
peloton ME beschikbaar moet komen? Zo ja, hoe en op welke termijn gaat u dat bewerkstellingen?
Zo nee, waarom niet en hoe wordt er dan wel voor een snellere inzet van de ME in die
stad gezorgd?
Antwoord 5 en 6
Zoals hiervoor eerder in het antwoord op vraag 2 en 3 is aangeven, moet in elke eenheid
ten minste één sectie ME binnen anderhalf uur inzet gereed zijn. Hoe sneller zo’n
sectie of peloton gereed is voor inzet, hoe korter agenten in de Basispolitiezorg
moeten wachten op assistentie van de ME. De lengte van de tijdsduur waarbinnen een
sectie of peloton binnen een politie-eenheid inzet gereed is op een specifieke locatie
of in een stad, is een keuze die op lokaal niveau wordt gemaakt. De burgemeester van
Utrecht zal hierover in gesprek moeten gaan met de politiechef en de andere burgemeesters
binnen de eenheid. Ik treed daar niet in.
Ondertekenaars
D.M. van Weel, minister van Justitie en Veiligheid
Gerelateerde documenten
Hier vindt u documenten die gerelateerd zijn aan bovenstaand Kamerstuk.