Schriftelijke vragen : Het bericht dat veel Nederlandse studenten die zich aanmelden voor numerus fixus studies waar veel behoefte aan is buiten de boot vallen
Vragen van het lid Boomsma (JA21) aan de Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap over het bericht dat veel Nederlandse studenten die zich aanmelden voor numerus fixus studies waar veel behoefte aan is buiten de boot vallen (ingezonden 20 april 2026).
Vraag 1
Bent u bekend met het artikel van een hoogleraar Process analytics aan de TU/e, in
Cursor, het journalistieke medium van de TU/e, over de numerus fixus op de studie bouw- en werktuigkunde en het gevolg dat veel Nederlandse aanmelders
worden afgewezen, hoewel die ten opzichte van buitenlandse kandidaten een kleine minderheid
vormen?1
Vraag 2
Hoeveel Nederlandse kandidaten zijn uiteindelijk tot elk van de studies bouw- en werktuigkunde
en informatica toegelaten? (Bij werktuigbouwkunde hebben volgens Cursor slechts 279
van de 1.445 aanmelders de Nederlandse nationaliteit, bij bouwkunde is dat 236 van
de 509 aanmelders en bij informatica slechts 95 van de 820)
Vraag 3
Hoe beoordeelt u dat niet één klasgenoot van de zoon van de auteur – allen uit de
regio Eindhoven – is toegelaten tot de studie werktuigbouwkunde of bouwkunde, terwijl
de regio Eindhoven een grote behoefte heeft aan werktuigbouwkundigen en informatici,
de TU/e studenten afwijst die al in Eindhoven wonen en die studies willen volgen en
bent u het ermee eens dat dit onwenselijk is?
Vraag 4
Hoe beoordeelt u het feit dat driekwart van de vooraanmeldingen bestaat uit buitenlandse
studenten, waarmee de kansen voor Nederlanders aanzienlijk kleiner zijn geworden?
(Aan de TU Delft heeft de Engelstalige bachelor Lucht- en ruimtevaarttechniek (LR)
plek voor zo’n 440 eerstejaars, waarvoor ongeveer 3.000 studenten zich hebben aangemeld)
Vraag 5
Ervan uitgaande dat de Nederlandse kandidaten voor Lucht- en ruimtevaart even goed
scoren op de toelatingstoetsen als hun buitenlandse concurrenten, zou dat betekenen
dat zij uiteindelijk 100 van de 440 plaatsen innemen; hoe beoordeelt u deze uitkomst?
Vraag 6
Bent u het ermee eens dat het de primaire taak van de Nederlandse regering is om het
mogelijk te maken voor Nederlandse studenten om deze studies te kunnen volgen, bij
voorkeur en indien zij dat wensen, in hun eigen regio? Graag een toelichting.
Vraag 7
Bent u het ermee eens dat het een onwenselijk gevolg is van het hanteren van een numerus fixus bij een Engelstalige opleiding dat Nederlandse studenten uit de eigen regio een hoge
kans hebben om buiten de boot te vallen? Graag een toelichting.
Vraag 8
Zou een oplossing zijn om bij Engelstalige opleidingen waarvoor een numerus fixus bestaat, in ieder geval ook een traject aan te bieden met een belangrijk deel aan
Nederlandstalige lessen en hoe ziet u de wenselijkheid van dergelijke stappen?
Vraag 9
Is het (juridisch) mogelijk om opleidingen te verplichten om een minimum aantal plaatsen
te reserveren voor Nederlandse studenten?
Vraag 10
Welke mogelijke oplossingen ziet u om ervoor te zorgen dat Nederlandse studenten ook
terecht kunnen bij de studies en op die onderwijsinstellingen waar ze willen studeren,
met name bij studies die opleiden voor tekorten in de arbeidsmarkt?
Vraag 11
Bij welke opleidingen in Nederland met een numerus fixus, die opleiden voor sectoren waar tekorten in bestaan, worden Nederlandse studenten
vaak afgewezen mede door de grote belangstelling van buitenlandse studenten?
Vraag 12
Welke ondersteuning is er voor Nederlandse studenten die zich willen inschrijven in
studie met numerus fixus met selectie op academische kwaliteit om meer kans te maken om een hoog inschrijfnummer
te krijgen?
Indieners
-
Gericht aan
R.M. Letschert, minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap -
Indiener
Diederik Boomsma, Kamerlid
Gerelateerde documenten
Hier vindt u documenten die gerelateerd zijn aan bovenstaand Kamerstuk.