Schriftelijke vragen : De gedupeerde Kind- en Jeugdpsychologen
Vragen van het lid Diederik van Dijk (SGP) aan de Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport over de gedupeerde Kind- en Jeugdpsychologen (ingezonden 20 april 2026).
Vraag 1
Bent u bekend met het artikel «Twentse psychologen vallen tussen wal en schip: «Ik
moet jongeren op hun 18de weer op straat zetten»»?1
Vraag 2
Erkent u dat vanuit het Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport duidelijke
verwachtingen zijn gewekt bij Kind- en Jeugdpsychologen (K&J-psychologen) ten aanzien
van de overgangsregeling naar GZ-psycholoog? Bent u van mening dat u heeft gehandeld
in overeenstemming met de algemene beginselen van behoorlijk bestuur richting zorgverleners
die daarom met de K&J-opleiding is begonnen? Kunt u in uw beantwoording in het bijzonder
ingaan op het vertrouwensbeginsel?
Vraag 3
Bent u bereid om alsnog spoedig in overleg te treden met deze groep van ongeveer 1.000 K&J-psychologen
die door het intrekken van het wetsvoorstel (financieel) gedupeerd is, om met hen
tot een passende overgangsregeling te komen, zoals de motie Bushoff/Van den Hil (Kamerstuk
29 282, nr. 598) eerder al vroeg?
Vraag 4
Waarom heeft u niet overwogen om de wijziging van de wet BIG te beperken tot het opnemen
van de K&J-psycholoog, aangezien uit de analyse van KPMG bleek dat de kritiek op het
wetsvoorstel zich vrijwel uitsluitend richtte op het samenvoegen van de beroepen klinisch
psycholoog en psychotherapeut?2
Vraag 5
Erkent u dat een overgangsregeling voor K&J-psychologen een belangrijke bijdrage kan
leveren aan het verminderen van de wachtlijsten in de volwassen-ggz?
Vraag 6
Bent u het ermee eens dat het voor de overgang van 18– naar 18+ zeer wenselijk is
dat K&J-psychologen via de BIG-registratie ook aan de slag kunnen als GZ-psycholoog?
Erkent u dat dit bijdraagt aan betere kwaliteit van zorg?
Vraag 7
Erkent u dat de overgangsregeling van 365 dagen die op dit moment geldt, tekortschiet
voor een goede overgang? Deelt u de mening dat het onwenselijk is dat jongvolwassenen
door het ontbreken van een goede overgangsregeling noodgedwongen opnieuw op een wachtlijst
komen?
Vraag 8
Deelt u de mening dat dit, in tegenstelling tot wat u eerder in Kamerbrieven stelde,
juist een besparing kan opleveren in plaats van hogere kosten?
Vraag 9
Erkent u dat een overgangsregeling voor K&J-psychologen, in tegenstelling tot wat
u eerder aangaf, juist leidt tot een méér flexibele arbeidsmarkt, aangezien zij vanwege
ontbrekende regelgeving nu niet kunnen doorstromen naar functies waar de meeste tekorten
zijn?
Vraag 10
Erkent u vervolgens ook dat het gelijkschakelen van K&J-psychologen met GZ-psychologen
kan leiden tot minder administratieve lastendruk?
Vraag 11
Klopt het dat het mogelijk is om, zoals in de Twentse gemeenten blijkbaar het geval
is, af te wijken van het Landelijk Kwaliteitsinstituut GGZ (LKS) dat K&J-psychologen
zonder BIG-registratie geen regiebehandelaar kunnen zijn? Geldt dit dan uitsluitend
voor de Jeugdwet (jeugd-ggz) of ook voor de Zorgverzekeringswet (volwassen-ggz)?
Indieners
-
Gericht aan
S.T.M. Hermans, minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport -
Indiener
Diederik van Dijk, Kamerlid
Gerelateerde documenten
Hier vindt u documenten die gerelateerd zijn aan bovenstaand Kamerstuk.