Antwoord schriftelijke vragen : Antwoord op vragen van de leden Mutluer, Moorman, Kostic, Dassen, Dobbe en Van Brenk over het (af)bouwen van de functie van Regeringscommissaris seksueel grensoverschrijdend gedrag en seksueel geweld
Vragen van de leden Mutluer, Moorman (beiden GroenLinks-PvdA), Kostić (PvdD), Dassen (Volt), Dobbe (SP) en Van Brenk (50PLUS) aan de Ministers van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap en van Volksgezondheid, Welzijn en Sport en de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid over het (af)bouwen van de functie van regeringscommissaris seksueel grensoverschrijdend gedrag en seksueel geweld (ingezonden 2 maart 2026).
Antwoord van Staatssecretaris Tielen (Onderwijs, Cultuur en Wetenschap), mede namens
de Minister van Werk en Participatie (ontvangen 17 april 2026). Zie ook Aanhangsel
Handelingen, vergaderjaar 2025–2026, nr. 1466.
Vraag 1
Kent u de brief van de regeringscommissaris seksueel grensoverschrijdend gedrag en
seksueel geweld van 11 februari 2026 betreffende de aanpak seksueel grensoverschrijdend
gedrag en de brief van Movisie van 20 februari 2026 en de oproep van de Emancipator?1
Antwoord 1
Ja.
Vraag 2 en 3
Klopt het dat het Nationaal Actieprogramma Aanpak seksueel grensoverschrijdend gedrag
en seksueel geweld (NAP) en de functie van regeringscommissaris in 2026 wordt afgebouwd,
ondanks de opgedane ervaringen en de ingezette, eenduidige aanpak? Zo ja, wat is de
reden voor deze afbouw en per wanneer gaat dit in?
Wanneer is dit besluit genomen en hoe is de Kamer hierover geïnformeerd?
Antwoord 2 en 3
Het Nationaal Actieprogramma Aanpak seksueel grensoverschrijdend gedrag en seksueel
geweld (hierna: NAP) zou initieel eindigen in december 2025 en de termijn van de regeringscommissaris
seksueel grensoverschrijdend gedrag en seksueel geweld (hierna: RC) in medio 2025.
Bij de besluitvorming over de Voorjaarsnota 2024 heeft het toenmalige kabinet besloten
het NAP en de termijn van de RC te verlengen tot en met 31 december 2026 en hiervoor
aanvullende middelen vrij te maken. Dit is toegelicht in de eerste suppletoire begroting
OCW 2024 en daarnaast middels een persbericht bekendgemaakt2. De Staatssecretaris van Onderwijs en Emancipatie heeft na overleg met de RC dit
voorjaar besloten om binnen de eigen begroting aanvullende middelen vrij te maken
om het bureau van de RC tot eind 2026 te financieren. Hiermee heeft de RC meer ruimte
en capaciteit om haar activiteiten goed te bestendigen en over te dragen. Het kabinet
kiest ervoor seksueel geweld en seksueel grensoverschrijdend gedrag te bestrijden
in een bredere aanpak van geweld tegen vrouwen en huiselijk geweld en zal het NAP
en de termijn van de RC dus niet nogmaals verlengen.
Vraag 4
Heeft deze afbouw te maken met het aflopen van het Nationaal Actieprogramma en daarmee
de opdracht van de regeringscommissaris? Zo ja, kan geconcludeerd worden dat het werk
in voldoende mate kan worden afgerond en op grond waarvan wordt dit geconcludeerd?
Antwoord 4
Het kabinet blijft werken aan het bestrijden en voorkomen van seksueel grensoverschrijdend
gedrag en seksueel geweld. Het is onacceptabel dat vrouwen nog altijd niet veilig
zijn in Nederland. Zoals beschreven in het coalitieakkoord kiest het hierbij voor
het opstellen van een nieuw Nationaal Actieplan Stop Geweld tegen vrouwen. Dit betreft
een bredere aanpak, gericht op alle vormen van geweld tegen vrouwen zoals opgenomen
in het Verdrag van Istanbul. Seksueel grensoverschrijdend gedrag en seksueel geweld
worden hier nadrukkelijk onderdeel van. Het kabinet stelt een Nationaal Coördinator
(hierna: NC) aan om dit actieplan te coördineren.3
Daarnaast zal het kabinet conform de EU-richtlijn ter bestrijding van geweld tegen
vrouwen en huiselijk geweld een orgaan of organen aanwijzen voor rapportage, aanbevelingen,
informatie-uitwisseling en systematische statistiekvorming.4
Met deze structuur zorgt het kabinet voor duidelijkheid, effectiviteit en samenhang
in de aanpak. Wij zullen de werkzaamheden, kennis en projecten van het NAP en de RC
zo goed mogelijk bestendigen in de bredere aanpak. De RC adviseert het kabinet hierover
en zij stelt haar kennis en expertise beschikbaar om de overgang goed te laten verlopen.
Vraag 5 en 6
Hoe verhoudt dit zich tot het kritische advies van GREVIO over de Nederlandse aanpak
van geweld tegen vrouwen, waarin tevens wordt geconstateerd dat het Nationaal Actieprogramma
en de regeringscommissaris daarvan positieve elementen zijn binnen de Nederlandse
aanpak en hoe rijmt het afbouwen hiervan met dit advies en deze constatering?
Hoe verhoudt deze afbouw zich tot de implementatie van het Verdrag van Istanbul en
de eerder geuite kritieken vanuit de VN op de uitvoering van dit verdrag in Nederland?
Antwoord 5 en 6
Het bestrijden van geweld tegen vrouwen is een prioriteit van dit kabinet. Daarbij
zullen wij ons houden aan het Verdrag van Istanbul.5 De evaluaties van GREVIO bieden waardevolle aanknopingspunten voor verbeteringen
van de Nederlandse aanpak. Zo zal het kabinet conform deze aanbevelingen de coördinatie
van de aanpak versterken en de verschillende geweldsvormen tegen vrouwen in samenhang
bestrijden.
Vraag 7, 8, 9 en 10
Is het de bedoeling dat het Nationaal Actieprogramma en de rol van de regeringscommissaris
wordt vervangen door het nieuwe programma geweld tegen vrouwen en de in het coalitieakkoord
genoemde Nationaal Coördinator (ingesteld naar aanleiding van de wens van de Kamer
om geweld tegen vrouwen en femicide aan te pakken)? Zo ja, waar blijkt dat uit?
Bent u het met ons eens dat dit twee verschillende functies zijn? Zo nee, waarom niet?
Deelt u de mening dat de positie van de huidige regeringscommissaris die van een onafhankelijke
aanjager is terwijl de Nationaal Coördinator vanuit zijn positie zich juist ten aanzien
van de ambtelijke organisatie met het coördineren van activiteiten bezig moet houden?
Kunt u het verschil beschrijven in positie, taken, bevoegdheden en mate van onafhankelijkheid
tussen een regeringscommissaris seksueel grensoverschrijdend gedrag en seksueel geweld
en de in het coalitieakkoord genoemde Nationaal Coördinator? Welke kerntaken moet
de Nationaal Coördinator vervullen?
Antwoord 7, 8, 9 en 10
Het bestrijden en voorkomen van seksueel grensoverschrijdend gedrag en seksueel geweld
blijft van groot belang. Het kabinet kiest ervoor dit onderdeel te maken van een bredere
aanpak van geweld tegen vrouwen en huiselijk geweld, en hierin de lessen uit het NAP
mee te nemen. In het verlengde daarvan kiezen wij voor de aanstelling van een NC die
dit bredere programma zal coördineren, en niet voor het nogmaals verlengen van de
termijn van de RC. U bent op 18 december 2025 geïnformeerd over deze bredere aanpak
en het voornemen een NC aan te stellen.6 De NC en RC zijn wezenlijk andere functies. Zij verschillen onder andere qua mandaat,
opgave, inhoudelijke scope, takenpakket en benodigde competenties.
De RC is een boegbeeld van de gewenste cultuurverandering ten aanzien van seksueel
grensoverschrijdend gedrag en seksueel geweld. Zij is een onafhankelijk adviseur van
het kabinet en aanjager van het maatschappelijk gesprek. Er is veel winst geboekt
ten aanzien van het bespreekbaar maken van dit onderwerp en het vergroten van de bewustwording.
Zo is zij een aanjager van het gesprek in de media en samenleving, heeft diverse producten
gecreëerd die houvast geven bij het bestrijden en voorkomen van seksueel grensoverschrijdend
gedrag en seksueel geweld en is zij een luisterend oor en een stem voor slachtoffers.
Daarnaast heeft zij een begin gemaakt met de daadwerkelijke cultuurverandering door
via allianties verschillende maatschappelijke aanpakken te initiëren, bijvoorbeeld
in verschillende arbeidsmarktsectoren, in het onderwijs en binnen de studentenverenigingen.
We gaan echter een volgende fase in, waarin de gegroeide bewustwording en gestarte
gedragsverandering verder moet worden bestendigd. Dit wil het kabinet doen door middel
van samenhangend beleid, een heldere rolverdeling en duidelijke afspraken tussen het
rijk, gemeenten, maatschappelijke partners en andere betrokkenen. Er is door diverse
betrokkenen, experts en belangengroepen geconstateerd dat de aanpakken van verschillende
vormen van geweld tegen vrouwen momenteel versnipperd zijn en dat betere coördinatie
en samenhang noodzakelijk zijn. Dit kwam ook naar voren in de gesprekken met uw Kamer
en in diverse moties die u heeft ingediend. De focus van de werkzaamheden van de NC
ligt op het coördineren van het opstellen en uitvoeren van een Nationaal actieplan
voor de aanpak van geweld tegen vrouwen en huiselijk geweld. Belangrijke taken hierin
zijn: samenwerking stimuleren, afstemming verbeteren, toezien op de uitvoering, zorgdragen
voor samenhang en het nakomen van afspraken. Het kabinet werkt het exacte mandaat
van de NC momenteel nader uit en zal dit openbaar maken zodra dit is vastgesteld.
Vraag 11
Deelt u de mening van de regeringscommissaris dat er zowel in tijd als in inhoud een
gat te dreigt te vallen in de aanpak van seksueel grensoverschrijdend gedrag en seksueel
geweld, omdat er nog geen Nationaal Coördinator is aangesteld en niet wordt benoemd
in het coalitieakkoord hoe de aanpak van (seksueel) grensoverschrijdend gedrag van
de afgelopen jaren verankerd zal worden? Zo ja, waarom? Zo nee, waarom niet?
Antwoord 11
Nee. Het kabinet is voornemens om de NC voor de zomer van 2026 aan te stellen. De
termijn van de RC loopt tot en met 31 december 2026. Daarmee is er voldoende tijd
voor een goede overdracht van kennis en expertise. Zoals toegezegd aan uw Kamer zal
de NC contact hebben met de RC over een goede overdracht en bestendiging. Daarnaast
zal de RC een advies uitbrengen over een goede bestendiging van het programma en haar
activiteiten. Dit advies zal worden meegenomen bij het vormgeven van het nieuwe nationaal
actieplan geweld tegen vrouwen en huiselijk geweld.
Vraag 12
Deelt u de opvatting dat het Nationaal Actieprogramma, dat gericht is op de onderliggende
patronen van seksueel geweld en geweld tegen vrouwen, met een onafhankelijke regeringscommissaris
als aanjager en boegbeeld van de maatschappelijke cultuurverandering (nog steeds)
nodig is en blijft om seksueel grensoverschrijdend gedrag en seksueel geweld blijvend
en structureel te kunnen aanpakken? Zo ja, waarom wordt de financiering van de regeringscommissaris
dan afgebouwd? Zo nee, waarom deelt u die mening niet en hoe kan worden voorkomen
dat wat er de afgelopen jaren door de regeringscommissaris opgebouwd is verloren gaat?
Antwoord 12
Zie antwoorden op de vragen 4, 7, 8, 9, 10 en 11.
Ondertekenaars
-
Eerste ondertekenaar
J.Z.C.M. Tielen, staatssecretaris van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap -
Mede namens
A.A. Aartsen, minister van Werk en Participatie
Bijlagen
Gerelateerde documenten
Hier vindt u documenten die gerelateerd zijn aan bovenstaand Kamerstuk.