Antwoord schriftelijke vragen : Antwoord op vragen van het lid Raijer over de blokkade van middelbare scholen door Extinction Rebellion
Vragen van het lid Raijer (PVV) aan de Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap over de blokkade van middelbare scholen door Extinction Rebellion (ingezonden 6 maart 2026).
Antwoord van Staatssecretaris Tielen (Onderwijs, Cultuur en Wetenschap) (ontvangen
15 april 2026). Zie ook Aanhangsel Handelingen, vergaderjaar 2025–2026, nr. 1462.
Vraag 1
Bent u bekend met het bericht in Het Parool van 5 maart 2026, dat klimaatactivisten
van Extinction Rebellion meerdere middelbare scholen in Amsterdam hebben geblokkeerd
door schoolhekken met kettingen af te sluiten en sloten dicht te lijmen, waardoor
leerlingen en personeel tijdelijk geen toegang hadden tot hun school?1
Antwoord 1
Ja.
Vraag 2
Deelt u de mening dat het blokkeren van de toegang tot scholen en het verhinderen
van onderwijs aan leerlingen een ernstige aantasting is van het recht op onderwijs
en niets te maken heeft met demonstratierecht? Zo nee, waarom niet?
Antwoord 2
Ik vind het onacceptabel wanneer leerlingen, leraren en andere schoolmedewerkers niet
naar school kunnen vanwege een (poging tot) blokkade. Onderwijs is een grondrecht.
Het onderwijs bereidt leerlingen voor op de toekomst, en juist daarom zou dat altijd
ongehinderd mogelijk moeten zijn. Het is aan de scholen zelf om waar nodig aangifte
te doen tegen de organisatoren van de demonstratie. Bij vermoedens van strafbare feiten
adviseert het kabinet altijd om aangifte te doen.
Vraag 3
Klopt het, dat door deze acties lesuren zijn uitgevallen en leerlingen geen onderwijs
konden volgen? Hoeveel scholen en leerlingen zijn hierdoor geraakt?
Antwoord 3
Het is helaas zo dat niet alle scholen hun volledige lesdag hebben kunnen draaien.
Bij de Inspectie van het Onderwijs zijn geen signalen ontvangen. Mede daardoor is
niet goed te duiden hoeveel leerlingen door de actie zijn geraakt.
Vraag 4
Is onderzocht of door het afsluiten en dichtlijmen van schoolhekken ook nooduitgangen
of vluchtroutes zijn geblokkeerd en daarmee mogelijk levensgevaarlijke situaties voor
leerlingen en personeel zijn ontstaan? Zo nee, waarom niet?
Antwoord 4
Scholen hebben een zorgplicht voor de fysieke veiligheid van leerlingen en medewerkers.
Daartoe zijn er regels als het gaat over bijvoorbeeld brandveiligheid en vluchtgevaar.
Ik kan niet beoordelen in hoeverre er gevaarlijke situaties zijn ontstaan.
Vraag 5
Is de Minister bereid maatregelen te nemen, om te voorkomen dat scholen en leerlingen
opnieuw doelwit worden van activistische blokkades? Zo nee, waarom niet? Zo ja, kunt
u aangeven hoe de materiele schade aan de scholen wordt verhaald?
Antwoord 5
Daar waar scholen zorgen hebben over de veiligheid is het aan de scholen om, samen
met politie en gemeente, passende maatregelen te nemen. Het is tevens aan de scholen
om te besluiten om eventuele materiële schade te verhalen op de vermeende daders.
Vraag 6
Kunt u aangeven welke maatregelen u tegen de directrice van kunstschool IVKO neemt,
die de actie van Extition Rebellion om kinderen van onderwijs te onthouden juist toejuicht?
Antwoord 6
Het staat de directrice van de school vrij om een mening te geven. In de beantwoording
van deze vragen klinkt mijn standpunt helder door. Het belangrijkste is dat onderwijs
altijd doorgang kan vinden. Verder is het aan de inspectie om toezicht te houden op
de wijze waarop de school wet- en regelgeving toepast.
Ondertekenaars
J.Z.C.M. Tielen, staatssecretaris van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap
Bijlagen
Gerelateerde documenten
Hier vindt u documenten die gerelateerd zijn aan bovenstaand Kamerstuk.