Antwoord schriftelijke vragen : Antwoord op vragen van het lid Vermeer een aantal vragen gesteld over de positie van gedupeerde ouders in het buitenland en rechtsbescherming binnen de hersteloperatie
Vragen van het lid Vermeer (BBB) aan de Staatssecretaris van Financiën over de positie van gedupeerde ouders in het buitenland en rechtsbescherming binnen de hersteloperatie (ingezonden 13 maart 2026).
Antwoord van Staatssecretaris Palmen (Financiën) (ontvangen 13 april 2026).
Vraag 1
Bent u bekend met signalen dat gedupeerde ouders dossiers ontvangen waarin delen zijn
gelakt, terwijl deze betrekking hebben op hun eigen persoonsgegevens?
Antwoord 1
Dat is mij niet bekend. De standaard werkwijze is dat de eigen persoonsgegevens van
de gedupeerde niet worden gelakt. Ook zijn er controlemechanismen bij UHT ingesteld
om te voorkomen dat dit wel gebeurt. Indien dit voorkomt, dan kan via het Serviceteam
van UHT hier melding van worden gemaakt en kan dit worden gecorrigeerd.
Indien er stukken naar een ex-partner van een gedupeerde worden verstuurd, bijvoorbeeld
omdat deze zich heeft aangemeld voor compensatie, dan worden de gegevens van de gedupeerde
gelakt vanaf het moment dat zij geen toeslagpartners meer waren.
Vraag 2
Hoe verhoudt het verstrekken van gelakte dossiers zich tot de verplichting voor ouders
om hun werkelijke schade aannemelijk te maken?
Antwoord 2
Het lakken heeft geen invloed op het aannemelijk maken van aanvullende schade. De
werkwijze is dat UHT namen en persoonsgegevens van medewerkers en van derden lakt.
Dat heeft geen impact op de inhoudelijke informatie; deze informatie blijft leesbaar
aanwezig in het dossier.
Vraag 3
Hebben externe partijen die betrokken zijn bij schadebeoordelingen toegang tot ongelakte
dossiers?
Antwoord 3
De Commissie Werkelijke Schade (CWS) en de Commissie van Wijzen ontvangen ongelakte
dossiers van UHT. Externe schade-experts die door de CWS worden ingezet, ontvangen
geen stukken van UHT noch van CWS. Zij krijgen een vraagstelling en een machtiging
van de ouder om stukken bij bijvoorbeeld de medische behandelaren op te vragen. Een
schade-expert op het gebied van inkomen ontvangt met toestemming van de ouder diens
inkomensgegevens om een inkomensschadeberekening op te stellen.
Vraag 4
Hoe waarborgt u het beginsel van wapengelijkheid als beoordelaars over meer informatie
beschikken dan ouders zelf?
Antwoord 4
Ouders en gemachtigde beschikken via het ouderdossier over de op de zaak betrekking
hebbende stukken. Overige informatie die niet op de zaak betrekking heeft, wordt niet
betrokken bij de beoordeling. Daarnaast worden bij het lakken alleen namen en persoonsgegevens
gelakt en geen inhoudelijke passages.
Vraag 5, 6 en 7
Hoe beoordeelt u verschillen tussen gemeenten in ondersteuning van gedupeerde ouders
via de SPUK-regeling?
Erkent u dat hierdoor verschillen in ondersteuning ontstaan afhankelijk van de woonplaats
van gedupeerde ouders?
Welke maatregelen neemt u om te zorgen voor een uniform niveau van ondersteuning voor
alle gedupeerden?
Antwoord 5, 6 en 7
Brede ondersteuning is maatwerk, passend bij de situatie van de rechthebbende. Het
is inherent aan deze maatwerkaanpak dat er verschillen bestaan in ondersteuning en
dat daarmee de kosten voor het realiseren van een plan van aanpak sterk kunnen verschillen.
Tegelijkertijd heb ik samen met de VNG het advies van de commissie Van Dam ter harte
genomen en is er sinds begin 2025 ingezet op de verdere harmonisering van gemeentelijk
beleid ten aanzien van de brede ondersteuning, zodat ouders en jongeren meer duidelijkheid
wordt geboden over wat zij kunnen verwachten.
Om meer harmonisatie te bereiken zijn er termijnen voor materiële verstrekkingen en
voor de looptijd van een plan van aanpak ingevoerd met de wetswijziging per 1 januari
2025. Daarnaast heeft de VNG model beleidsregels gepubliceerd in juni 2025, samen
met een implementatiehandleiding voor gemeenten. Ook organiseert de VNG bijvoorbeeld
trainingen en regiokringen die bijdragen aan een meer uniforme uitvoering van de brede
ondersteuning.
Naast deze maatregelen heeft de bestuurlijk regisseur Paul Blokhuis de opdracht zich
in te zetten voor versterking, verbetering en harmonisering van de ondersteuning aan
gedupeerde ouders en hun gezinnen vanuit gemeenten. Daarmee heeft hij ook de opdracht
namens de VNG en mij gekregen om te werken aan verdere harmonisatie van de brede ondersteuning
door gemeenten. Daarbij blijft er altijd ruimte voor maatwerk in de ondersteuning.
De bestuurlijk regisseur is over de uitvoering van de brede ondersteuning in gesprek
met gedupeerde ouders, jongeren en gemeenten; toetst of gemeenten de beleidsregels
hebben vastgesteld, haalt goede werkpraktijken op en stimuleert kennisuitwisseling
tussen gemeenten zodat zij van elkaar leren.
Vraag 8
Op welke wijze wordt binnen herstelroutes rekening gehouden met immateriële schade
van jongeren die direct zijn geraakt door de toeslagenaffaire?
Antwoord 8
Gedupeerde ouders ontvangen compensatie voor de schade die zij hebben geleden als
gevolg van de toeslagenaffaire. Deze compensatie is bedoeld voor het hele gezin. Er
zijn twee hoofdroutes voor ouders om een aanvullende schadevergoeding aan te vragen:
de route van Stichting (Gelijk)waardig Herstel de route MijnHerstel. Beide routes
hanteren hetzelfde ruimhartige forfaitaire schadekader. In dit uniforme schadekader
zijn er verschillende immateriële schadeposten die zijn gerelateerd aan het ervaren
leed van het gezin, onder meer: ontoereikende waarborging levensstandaard kinderen,
verlies van gelijke kansen in het gezin, impact door inperking ouderschap, impact
door ongewenste onthechting, gevoelde discriminatie. Daarnaast biedt het uniforme
schadekader de mogelijkheid om, wanneer zich binnen het gezin een uitzonderlijke impactvolle
gebeurtenis heeft voorgedaan, hiervoor aanvullende compensatie te ontvangen.
Heeft de ouder inkomensverlies geleden waardoor het kind een studielening moest afsluiten,
dan biedt de aanvullende schaderoute van de ouder schadevergoeding voor het inkomensverlies.
Vraag 9
Is er voor jongeren die te maken hebben gehad met uithuisplaatsing een afzonderlijk
traumasensitief traject ingericht?
Antwoord 9
Het Ondersteuningsteam Uithuisplaatsingen ondersteunt gezinnen, ouders en kinderen
die te maken hebben gehad met de toeslagenaffaire en een uithuisplaatsing. Het Ondersteuningsteam
helpt gedupeerde ouders en hun kinderen om het contact te herstellen en de situatie
te verbeteren. In de aanpak van het team staat een traumasensitieve werkwijze centraal:
de professionals werken in hun begeleiding vanuit kennis over de impact van (chronische)
stress en ingrijpende ervaringen op gedrag, vertrouwen en relaties.
Vraag 10
Hoe wordt voorkomen dat dossiers van jongeren vastlopen in dezelfde administratieve
processen als die van hun ouders?
Antwoord 10
Om het leed dat kinderen mogelijk hebben ervaren als gevolg van de toeslagenaffaire
te erkennen, ontvangen zij de kindregeling. Kinderen hebben automatisch recht op de
kindregeling als vastgesteld wordt dat een van hun ouders gedupeerd is. Zij hoeven
hier in beginsel geen aanvraag voor te doen. Kinderen ontvangen dus ook geen dossier,
aangezien het recht op de kindregeling bepaald wordt door de gedupeerdheid van een
ouder en de gebeurtenissen die hiertoe geleid hebben. Kinderen ontvangen een financiële
tegemoetkoming en kunnen zich vanaf hun zestiende jaar zelfstandig melden bij hun
gemeente voor brede ondersteuning. Als er behoefte is aan een luisterend oor of lotgenotencontact,
kunnen jongeren terecht bij het jongerennetwerk Unity Works van Stichting Lotgenotencontact.
[Onderstaande vragen 11 tot met 17 gaan over ouders in het buitenland. Ik heb uw Kamer
tijdens het commissiedebat van 19 maart jl. een brief met aanvullende informatie op
dit onderwerp toegezegd. In die brief zal op een aantal van deze vragen meer uitgebreid
worden ingegaan.]
Vraag 11
Hoeveel gedupeerde ouders bevinden zich volgens uw gegevens momenteel buiten Nederland?
Antwoord 11
Per 31 december 2025 zijn er bij het OTB 1.656 gezinnen aangemeld uit 45 verschillende
landen.
Vraag 12
Hoeveel van deze ouders beschikken niet over een BSN, DigiD of geldig Nederlands identiteitsdocument?
Antwoord 12
In principe heeft iedere Nederlander een BSN, ook als je in het buitenland woont.
Daarmee kan een DigiD worden aangevraagd.
Kinderen die in het buitenland zijn geboren en geen BSN hebben, maar wel in aanmerking
komen voor de kindregeling, kunnen hiervoor contact opnemen met het Serviceteam van
UHT.
In hoeverre iemand een geldig identiteitsdocument heeft is geen onderdeel van de hersteloperatie
en hierover zijn de gegevens niet bekend.
Vraag 13
Hoe kunnen deze ouders hun dossier opvragen en deelnemen aan herstelprocedures?
Antwoord 13
Ouders in het buitenland, die zijn erkend als gedupeerde, kunnen via de persoonlijk
zaakbehandelaar hun dossier opvragen. Zij doorlopen het herstelproces op vergelijkbare
wijze als gedupeerden in Nederland. Ook kunnen gedupeerde ouders in het buitenland
in aanmerking komen voor hulp via het Ondersteuningsteam Buitenland (OTB, https://hetotb.nl/).
Ouders in het buitenland zonder DigiD kunnen telefonisch contact opnemen met het Serviceteam.
Er is een telefoonnummer beschikbaar waar zij vanuit het buitenland naar kunnen bellen,
of zij kunnen een terugbelverzoek achterlaten op de herstelwebsite https://herstel.toeslagen.nl/contact/contact-vanuit-het-buitenland/.
Daarnaast is er altijd een mogelijkheid om UHT via post te benaderen.
Gedupeerde ouders van de kindertoeslagaffaire in Caribisch Nederland kunnen aanvullend
terecht bij Belastingdienst Caribisch Nederland (BCN) voor hulp en ondersteuning.
Vraag 14
Welke inspanningen worden verricht om gedupeerde ouders in het buitenland actief te
traceren en te informeren over hun rechten binnen de hersteloperatie?
Antwoord 14
UHT houdt niet bij waar iemand woont, alleen of deze gedupeerde hulp door het OTB
wenst. Het OTB voorziet ouders in het buitenland van informatie en biedt hen hulp
en ondersteuning. In België en in het Caribisch gebied verblijven de meeste ouders
die naar het buitenland zijn vertrokken. In deze landen is vanaf de start van de hersteloperatie
daarom regelmatig ingezet op extra communicatie in de media van deze landen. Ook weten
de ouders in het buitenland veelal hun weg te vinden in de diverse oudercontactgroepen
in de betreffende landen.
Alle ouders krijgen tijdens hun traject bij UHT informatie over hun rechten binnen
de hersteloperatie. Dit is voor ouders in het buitenland niet anders dan in Nederland.
Vraag 15
Kunt u aangeven hoeveel gedupeerde ouders volgens uw gegevens in het buitenland verblijven,
in welke landen zij zich bevinden en hoeveel van hen nog geen contact hebben gehad
met een persoonlijke zaakbehandelaar?
Antwoord 15
Per 31 december 2025 zijn er bij het OTB 1.656 gezinnen aangemeld uit 45 verschillende
landen. Er zijn geen signalen bekend dat ouders geen contact kunnen krijgen met de
casemanagers bij Radar/OTB.
Vraag 16
Op welke wijze onderzoekt u welke gedupeerde ouders in het buitenland mogelijk nog
niet zijn bereikt of niet hebben gereageerd, en welke stappen worden genomen om deze
groep alsnog actief te benaderen?
Antwoord 16
Het OTB biedt ondersteuning aan gedupeerde ouders die in 45 verschillende landen over
de wereld leven. In landen waar veel (potentieel) gedupeerde ouders wonen, met name
in België en in het Caribisch gebied, is veel gedaan om deze ouders te bereiken met
communicatie in de media van het betreffende land.
De mogelijkheid voor aanmelding voor gedupeerde ouders is in principe gesloten sinds
1 januari 2024. Mochten zich nu nog ouders melden, is er de mogelijkheid om een beroep
te doen op verschoonbare termijnoverschrijding.
Vraag 17
Zijn er afspraken met buitenlandse schuldeisers om te voorkomen dat herstelbetalingen
direct in beslag worden genomen? Zo nee, bent u bereid deze vorm te geven?
Antwoord 17
De wet- en regelgeving zoals in de hersteloperatie is vormgegeven, geldt niet in het
buitenland. We kunnen schuldeisers in het buitenland niet dwingen om invorderingen
te pauzeren, zoals we dit met de pauzeknop van 1 jaar (moratorium) in Nederland hebben
afgesproken.
Met de Belgische overheid hebben we afspraken kunnen maken over toepassing van invorderingsrust
en deelname aan de afwikkeling van schulden.
Ook hebben we procesafspraken gemaakt met Sociale Banken Nederland (SBN) indien een
ouder daar een schuld bij een buitenlandse schuldeiser indient. SBN doet dan altijd
pogingen om de buitenlandse schuldeiser te benaderen om afspraken te maken. Dit gebeurt
telefonisch en met brieven die in meerdere talen beschikbaar zijn. Hierin wordt ook
informatie gedeeld over de voordelen van meewerken aan de schuldenregeling en uitleg
gegeven over de toeslagenaffaire.
Vraag 18
U geeft in de voortgangsrapportage aan dat er wordt gewerkt aan een steunpunt waar
gedupeerde ouders en getroffen jongeren terecht kunnen voor vragen over psychosociale
hulp. Ligt de ontwikkeling nog steeds op schema, nu het tweede kwartaal van dit kalenderjaar
snel nadert?
Antwoord 18
Deze ontwikkeling ligt zeker op schema. Sinds maandag 16 maart 2026 is het Landelijk
Steunpunt Mentaal Welzijn geopend voor de leerfase. Aanmelding van gedupeerde ouders
en jongeren van 18 jaar en ouder verloopt in deze leerfase via gemeenten en een aantal
ketenpartners (Stichting Lotgenotencontact, KOTA-Rapportage en lokale netwerken).
Daarnaast is het steunpunt in de leerfase beschikbaar voor advies en vragen van gemeenteambtenaren
brede ondersteuning en professionals mentaal welzijn.
Vanaf 1 juli 2026 gaat het steunpunt volledig open. Iedereen kan vanaf die datum op
eigen initiatief contact opnemen.
Ondertekenaars
S.T.P.H. Palmen, staatssecretaris van Financiën
Bijlagen
Gerelateerde documenten
Hier vindt u documenten die gerelateerd zijn aan bovenstaand Kamerstuk.