Antwoord schriftelijke vragen : Antwoord op vragen van de leden El Boujdaini en Oualhadj over het bericht 'Miljoenen belastinggeld voor stichting komen ook terecht bij bedrijf van eigen directeuren'
Vragen van de leden El Boujdaini en Oualhadj (beiden D66) aan de Minister van Economische Zaken en Klimaat over het bericht «Miljoenen belastinggeld voor stichting komen ook terecht bij bedrijf van eigen directeuren» (ingezonden 10 maart 2026).
Antwoord van Minister Herbert (Economische Zaken en Klimaat) en de Staatssecretaris
van Economische Zaken en Klimaat (ontvangen 10 april 2026).
Vraag 1
Bent u bekend met het bericht van Nieuwsuur waarin wordt gesteld dat miljoenen euro’s
aan subsidiegeld voor de stichting ECP terechtkomen bij een bedrijf waarvan een aantal
directeuren van die stichting mede-eigenaar zijn?1
Antwoord 1
Ja, ik ben ermee bekend.
Vraag 2
Hoe beoordeelt u de gang van zaken rond de subsidieverstrekking aan stichting ECP?
Antwoord 2
In mijn antwoorden op de vragen van de Tweede Kamer naar aanleiding van het schriftelijk
overleg2 dat ik gelijktijdig aan uw Kamer zend, ga ik dieper in op deze vraag. Op mijn rol
als subsidieverstrekker ga ik in het antwoord op de vraag van de fractie van GroenLinks-PvdA
(vraag 16) in. In het antwoord op vraag 24 van de CDA-fractie geef ik aan dat de subsidierelatie
in 2023 is geëvalueerd, en welke stappen ik na die evaluatie heb genomen.
Vraag 3
Hoe reflecteert u op de rol en uw verantwoordelijkheid hierin?
Antwoord 3
In het antwoord op de vraag van de fractie van GroenLinks-PvdA (vraag 16) in het genoemde
schriftelijk overleg ga ik nader in op de rol van EZK als subsidieverstrekker.
Vraag 4
Hoe heeft deze situatie kunnen ontstaan en waarom is de Kamer hierover niet eerder
geïnformeerd?
Antwoord 4
In het antwoord op eerdergenoemde vraag 16 is aangegeven dat de overeenkomst tussen
ECP en LunaVia in 2023 is beoordeeld door externe advocaten op verzoek van het ECP-bestuur,
wat voor EZK geen aanleiding gaf om de Kamer hierover te informeren of andere stappen
te ondernemen.
Vraag 5
Welke maatregelen worden naar aanleiding van deze situatie genomen? Hoe wordt voorkomen
dat zich in de toekomst vergelijkbare gevallen voordoen?
Antwoord 5
In het antwoord op de vraag van GL-PvdA (vraag 16 in het genoemde schriftelijk overleg
ga ik hier dieper op in.
Vraag 6
Deelt u de opvatting dat activiteiten die structureel met publieke middelen worden
gefinancierd in beginsel via een open en transparante aanbestedingsprocedure zouden
moeten plaatsvinden, zodat voor alle partijen dezelfde regels gelden en meerdere organisaties
kunnen meedingen?
Antwoord 6
Ik heb mij te houden aan de geldende subsidie- en aanbestedingsregels. Elk jaar maak
ik de afweging of de activiteiten van ECP passen binnen de wettelijke kaders van een
maatwerksubsidie, of het eventueel aanbesteden van (onderdelen van) de activiteit.
Dit is ook beschreven in het antwoord op de vraag van uw fractie (vraag 3) in het
genoemde schriftelijk overleg.
Vraag 7
Bent u bereid te bevorderen dat de activiteiten die in opdracht van stichting ECP
worden uitgevoerd en structureel met publieke middelen worden bekostigd, in de toekomst
geheel of gedeeltelijk via een aanbesteding worden georganiseerd? Zo nee, waarom niet?
Antwoord 7
In mijn antwoord op vraag 16 van GL-PvdA in het genoemde schriftelijk overleg heb
ik toegelicht hoe ik hier als subsidieverstrekker tot nu mee ben omgegaan. Ook ga
ik in op de gesprekken die ik heb met het ECP-bestuur over mogelijk aanpassingen in
hun governance, ook op dit punt.
Vraag 8
Kunt u deze vragen één voor één beantwoorden?
Antwoord 8
Ja. Voor de beantwoording wil ik wel doorverwijzen naar mijn antwoorden op de vragen
van de Tweede Kamer naar aanleiding van het genoemde schriftelijk overleg.
Ondertekenaars
-
Eerste ondertekenaar
H.G. Herbert, minister van Economische Zaken en Klimaat -
Mede ondertekenaar
W.J.M. Aerdts, staatssecretaris van Economische Zaken en Klimaat
Bijlagen
Gerelateerde documenten
Hier vindt u documenten die gerelateerd zijn aan bovenstaand Kamerstuk.