Schriftelijke vragen : Het bericht ‘GELEKT. Woordenlijst MinOCW: 'Gouden Eeuw', 'Midden-Oosten', 'slaaf', 'blank', 'Holocaust' (?), 'zittenblijver', 'Gen Z', 'dames en heren' FOUT’'
Vragen van het lid Keijzer (Keijzer) aan de Minister en Staatssecretaris van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap over het bericht «GELEKT. Woordenlijst MinOCW: «Gouden Eeuw», «Midden-Oosten», «slaaf», «blank», «Holocaust» (?), «zittenblijver», «Gen Z», «dames en heren» FOUT» (ingezonden 10 april 2026).
Vraag 1
Wat is het doel van deze taalgids en is het doel van de gids bereikt?1
Vraag 2
Wanneer is het Programma tegen Discriminatie en Racisme (PDR) ontstaan en waar is
besloten een taalgids te maken? Wanneer bent u of uw voorganger akkoord gegaan met
de taalgids?
Vraag 3
Wat zijn de kosten verbonden aan dit programma?
Vraag 4
Tijdens het Vragenuurtje liet de Staatssecretaris de Kamer weten deze Taalgids min
of meer overbodig te vinden en deze «in de kast te leggen». Bent u ervan op de hoogte
dat in de Taalgids staat dat deze elk jaar zal worden herzien? Wat vindt u daarvan?
Vraag 5
Bent u voornemens om de makers van deze Taalgids de opdracht te geven geen jaarlijkse
herziening te maken? Zo nee, waarom niet? Zo ja, wanneer heeft u dat gedaan of gaat
u dat doen?
Vraag 6
Hoeveel fte c.q. personen werken bij de afdeling die deze taalgids hebben gemaakt?
Vraag 7
Hoeveel fte c.q. personen van andere afdelingen hebben geholpen bij het tot stand
brengen van deze taalgids? Van welke afdelingen waren deze fte c.q. personen?
Vraag 8
Hoeveel uur is er in totaal aan deze taalgids besteed?
Vraag 9
Wat zijn de werkzaamheden van het PDR? Vanuit welke behoefte bestaat dit programma
en welk probleem lost het op?
Vraag 10
Hoeveel en welke organisaties c.q. organisatieonderdelen c.q. mensen zijn om advies
gevraagd bij het vormgeven van het PDR in het algemeen en de Taalgids in het bijzonder?
Vraag 11
Welke en hoeveel ministeries maken nog meer gebruik van dit soort taalgidsen of vergelijkbare
regels dan wel adviezen?
Vraag 12
Wordt deze Taalgids meegestuurd aan contacten van het ministerie? Zo ja, wanneer en
aan wie?
Vraag 13
Zijn dergelijke taalgidsen dan wel taaladviezen onderdeel van subsidievoorwaarden?
Zo ja, welke?
Vraag 14
Kan de Minister toezeggen om bij haar collega’s aan te dringen om elke taalgids van
andere ministeries te delen met de Kamer? Zo nee, waarom niet?
Vraag 15
Heeft u aan de landen c.q. de inwoners in het Midden-Oosten gevraagd of zij voortaan
«Zuidwest-Azië» genoemd willen worden? Zo ja, welke waren het eens en welke niet?
Zo nee, getuigt het niet van een neokoloniale benadering van deze landen door te bepalen
hoe ze genoemd moeten worden?
Vraag 16
Heeft u representatief onderzoek gedaan onder Generatie X of zij die benaming vervelend
vinden? Zo nee, waar baseert u dan de overtuiging op dat zij zich gekwetst voelen
om zo genoemd te worden?
Vraag 17
Heeft u bij de afweging om Generatie X een kwetsende naam te vinden afgewogen dat
het voorstelbaar is dat de Generatie X dermate veel levenservaring heeft dat zij een
kwalificatie als «Generatie X» ook nog wel overleven?
Vraag 18
Waar komt volgens de bewindspersonen de behoefte vandaan om taal te «dekoloniseren»?
Vraag 19
Hoe is er in de Taalgids gekomen tot het «doorbreek van machtsverhoudingen»? Hoe bepaal
je hoeveel macht iemand heeft? En wie gaat dan de macht verdelen? Is het aan de overheid
om die veronderstelde macht te verdelen? Zo ja, waar baseert u dat dan op?
Vraag 20
Tijdens het Vragenuurtje van 7 april jl. leek de Staatssecretaris aan te geven dat
de Taalgids op eigen ambtelijk initiatief tot stand is gekomen. Klopt dat? Zo nee,
waarom zei de Staatssecretaris dat dan? Zo ja, is het aan ambtenaren om het bij uitstek
politieke vraagstuk van verdeling van macht te adresseren met een Taalgids?
Vraag 21
Heeft u aan inheemse volkeren gevraagd of zij het vervelend vinden om «inheems» genoemd
te worden en of zij voortaan liever «oorspronkelijke bewoners» willen worden genoemd?
Zo nee, is dit dan niet bij uitstek een neokoloniale benaderingswijze van deze volkeren?
Vraag 22
Vanuit waar komt de behoefte bij u om illegale vluchtelingen voortaan «mensen die
op de vlucht zijn» te noemen? Welk probleem lost dit volgens u op?
Vraag 23
Hoe denkt u dat het schrappen van de woorden «Moederdag» en «Vaderdag» overkomt op
mensen die de afgelopen maanden hun vader of moeder hebben verloren en dit jaar Moederdag
of Vaderdag met groot gemis vieren? Heeft u deze groep gevraagd of zij het eens zijn
met het schrappen van het woord «Moederdag» en «Vaderdag»? Telt het gekwetst zijn
van deze groep als aanleiding om een taalgids aan te passen c.q. af te schaffen? Zo
nee, waarom niet?
Vraag 24
Hoe reflecteert u op het feit dat zelfs «Beste dames en heren» moet worden vervangen
voor «Beste collega, Beste geadresseerde, Beste mensen»? Bent u het eens dat het Ministerie
van OCW volledig is doorgeslagen?
Vraag 25
Waar is volgens u het dedain vandaan gekomen op het Ministerie van OCW om voor een
brede groep te bepalen wat die wel en niet mogen zeggen?
Vraag 26
Bent u het eens met de stelling dat de Taalgids vol staat met tegenstrijdigheden?
Bent u het eens dat uitgangspunt 1 wordt ondermijnd door uitgangspunt 5; als je mensen
als groep behandelt, kun je ze niet meer als individu behandelen. Wie mag er eigenlijk
nog spreken namens de groep?
Vraag 27
Aangezien deze taalgids tot stand kwam met kennis en advies van verschillende deskundigen
en organisaties die zich inzetten voor antidiscriminatie, welke deskundigen en organisaties
zijn dat? Worden deze geheel of gedeeltelijk betaald uit de door de Staatssecretaris
genoemde € 40.000? Zo nee, waar dan uit? Wat is dan het totaalbedrag?
Vraag 28
Hoe kijkt u aan tegen de zin in de Taalgids: "Om gelijkwaardigheid te bevorderen,
is soms een onconventionele aanpak nodig»? Bent u het eens dat die onconventionele
aanpak verdacht veel lijkt op dat ambtenaren gaan bepalen wat gelijkwaardigheid is
en daar «onconventionele» taal voor ontwikkelen?
Vraag 29
Hoe werkt deze Taalgids volgens u door in delen van het onderwijs? Is daar actief
beleid op? Zo ja, waarom wordt dat wenselijk geacht?
Vraag 30
Bent u bekend met de wetenschappelijke theorieën die stellen dat de taal die je spreekt
invloed heeft op hoe je denkt, waarneemt en de wereld begrijpt? Bent u het eens met
de stelling dat deze taalgids invloed heeft op de manier van denken van ambtenaren
en daarbuiten? Is dat wenselijk?
Vraag 31
In het boek van George Orwell, 1984 staat het volgende citaat: «Don’t you see that
the whole aim of Newspeak is to narrow the range of thought?»; ziet u hoe met deze
Taalgids en de daarin opgenomen «newspeak» uiteindelijk het denken beperkt wordt?
Zo nee, waarom niet?2
Toelichting:
Deze vragen dienen ter aanvulling op eerdere vragen terzake van het lid Martin Bosma
(PVV), ingezonden 9 april 2026 (vraagnummer 2026Z07498)
Indieners
-
Gericht aan
J.Z.C.M. Tielen, staatssecretaris van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap -
Gericht aan
R.M. Letschert, minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap -
Indiener
Mona Keijzer, Kamerlid
Gerelateerde documenten
Hier vindt u documenten die gerelateerd zijn aan bovenstaand Kamerstuk.