Schriftelijke vragen : Het bericht ‘Hoogleraren kinderpsychiatrie: pauzeer euthanasiewens voor jongeren tot 25’
Vragen van de leden Bikker (ChristenUnie), Diederik van Dijk (SGP), Wiersma (BBB) en Keijzer (Keijzer) aan de Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport over het bericht «Hoogleraren kinderpsychiatrie: pauzeer euthanasiewens voor jongeren tot 25» (ingezonden 10 april 2026).
Vraag 1
Hebt u kennisgenomen van het bericht «Hoogleraren kinderpsychiatrie: pauzeer euthanasiewens
voor jongeren tot 25»1?
Vraag 2
Wat is uw reactie op het Volkskrantartikel en het onderliggende wetenschappelijke
artikel «Jongeren met een euthanasieverzoek op grond van psychisch lijden: «nu niet»
als uitgangspunt» uit het Tijdschrift voor Psychiatrie?2
Vraag 3
Herinnert u zich de aangenomen motie Bikker en Diederik van Dijk (Kamerstuk 36 624, nr. 9) die vraagt om het onderzoeken van een noodventiel in de Wet toetsing levensbeëindiging
op verzoek en hulp bij zelfdoding (Wtl), zodat bij onvoorziene ontwikkelingen een
pas op de plaats mogelijk is, en uw reactie dat u geen reden ziet om een dergelijk
noodventiel te onderzoeken? Geeft het advies van de hoogleraren aanleiding om uw oordeel
te heroverwegen? Zo nee, waarom niet?
Vraag 4
Herinnert u zich de ingediende motie Boomsma c.s. (Kamerstuk 36 624, nr. 5) die vroeg om een moratorium van drie jaar op euthanasie bij mensen tot 30 jaar die
psychisch lijden en uw appreciatie dat een moratorium niet nodig is, omdat we in Nederland
duidelijke zorgvuldigheidscriteria hebben en een zorgvuldige euthanasiepraktijk, en
er grote terughoudendheid is naarmate de patiënt jonger is? Hoe rijmt u dat met de
inzichten van de hoogleraren dat er meer nodig is dan de al bestaande «grote terughoudendheid»?
Vraag 5
Is het verband tussen terughoudendheid bij een euthanasiewens en suïcide, zoals Kit
Vanmechelen in het artikel benoemt, wetenschappelijk aangetoond?
Vraag 6
Bent u het ermee eens dat het advies van de hoogleraren voor een «nu niet»-fase niet
betekent dat psychiaters niets hoeven te doen, zoals in het artikel wordt gesuggereerd?
Hoe zou u de «nu niet»-fase omschrijven?
Vraag 7
Wat is uw reactie op de aanbeveling van de auteurs hoe «goede, beschikbare, menselijke
en zorgvuldig georganiseerde zorg voor jongeren en hun naasten» te bereiken is? Herkent
u de elementen die de auteurs aanhalen, namelijk «preventie, laagdrempelige zelfverwijzing,
contact met ervaringsdeskundige jongeren en laagdrempelige toegang tot specialistische
zorg», en een brede maatschappelijke discussie over de steeds hogere eisen die de
samenleving stelt aan jongeren en volwassenen?3 Hoe geeft u uitvoering aan al deze genoemde elementen?
Vraag 8
Wanneer wordt de nieuwe euthanasierichtlijn verwacht? Kunt u het proces schetsen hoe
deze richtlijn tot stand is gekomen en hoeveel ruimte er was binnen de beroepsgroep
voor verschillende inzichten? Is de richtlijn een weergave van een meerderheidsstandpunt?
Indieners
-
Gericht aan
S.T.M. Hermans, minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport -
Indiener
Mirjam Bikker, Kamerlid -
Medeindiener
Diederik van Dijk, Kamerlid -
Medeindiener
Mona Keijzer, Kamerlid -
Medeindiener
Femke Wiersma, Kamerlid
Gerelateerde documenten
Hier vindt u documenten die gerelateerd zijn aan bovenstaand Kamerstuk.