Antwoord schriftelijke vragen : Antwoord op vragen van het lid Raijer over het bericht ‘Bijna helft van docenten heeft te maken met fysiek geweld door leerlingen en ouders: “Tijdens zwangerschap in mijn buik getrapt”’
Vragen van het lid Raijer (PVV) aan de Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap over het bericht «Bijna helft van docenten heeft te maken met fysiek geweld door leerlingen en ouders: Tijdens zwangerschap in mijn buik getrapt» (ingezonden 4 maart 2026).
Antwoord van Staatssecretaris Tielen (Onderwijs, Cultuur en Wetenschap), mede namens
de Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap (ontvangen 9 april 2026). Zie ook
Aanhangsel Handelingen, vergaderjaar 2025–2026, nr. 1470.
Vraag 1
Erkent u dat uit het onderzoek van EenVandaag en CNV blijkt dat bijna de helft van
de docenten te maken heeft gehad met fysiek geweld en dat dit dus geen uitzondering
meer is maar een structureel probleem?1
Antwoord 1
Ik heb kennis genomen van het onderzoek en betreur dat bijna de helft van de docenten
die hebben gereageerd, aangeven dat ze te maken hebben gehad met fysiek geweld. Ik
vind elke vorm van geweld tegen docenten onacceptabel.
Vraag 2
Hoe verklaart u dat leraren in Nederland, één van de rijkste en best georganiseerde
landen ter wereld, niet eens veilig hun werk kunnen doen?
Antwoord 2
Verreweg de meeste scholen slagen er in om een veilig schoolklimaat te creëren, ondanks
dat verruwing in de samenleving en in de wijken ook de school binnenkomt. Uit de laatste
Landelijke Veiligheidsmonitor po/vo blijkt dat in schooljaar 2021/2022 3 procent van
het po-personeel eenmaal per maand of vaker fysiek geweld heeft meegemaakt (een lichte
stijging ten opzichte van het jaar ervoor). Voor vo-personeel is dat 1 procent, wat
geen significante stijging is ten opzichte van het jaar ervoor.2 Maar laat er geen twijfel over bestaan: elk geval van geweld tegen onderwijspersoneel
is er één te veel. Leraren en overig onderwijspersoneel moeten het werk altijd op
een veilige manier kunnen uitvoeren.
Vraag 3 en 4
Deelt u de mening dat geweld tegen docenten automatisch moet leiden tot aangifte en
stevige sancties, in plaats van interne afhandeling of het bagatelliseren van incidenten?
Zo nee, waarom niet?
Wat gaat u concreet en aantoonbaar doen tegen schoolbesturen die geweldsincidenten
in de doofpot stoppen of hun docenten na bedreiging en mishandeling in de steek laten
en welke sancties volgen als zij hun wettelijke zorgplicht niet nakomen?
Antwoord 3 en 4
De school moet een veilige plek zijn om te leren én te werken. Daarom roept het kabinet
schoolbesturen ook op om altijd aangifte te doen bij een vermoeden van een strafbaar
feit. Dat kan een schoolbestuur ook doen namens een slachtoffer. Het bagatelliseren
of in de doofpot stoppen van incidenten is uiteraard geen goede werkwijze; een schoolbestuur
verzaakt dan zijn zorgplicht voor een veilige werkomgeving. De Inspectie van het Onderwijs
houdt toezicht op de naleving van wet- en regelgeving en kan besturen sanctioneren
indien zij hun zorgplicht onvoldoende invullen.
Het zorgdragen voor een veilige omgeving voor personeel, leerlingen en studenten is
in de eerste plaats een verantwoordelijkheid van scholen en schoolbesturen. Stichting
School & Veiligheid biedt scholen en besturen hierbij ondersteuning, niet alleen met
handreikingen, maar ook met een adviespunt en een 24/7 calamiteitenteam.
Het kabinet zet in op de goede randvoorwaarden voor veilig onderwijs. Zo ligt op dit
moment het Wetsvoorstel vrij en veilig onderwijs in de Tweede Kamer. Met dit wetsvoorstel
krijgen scholen beter zicht op veiligheid, worden slachtoffers beter ondersteund als
zich een incident voordoet en zorgen we dat scholen hun veiligheidsbeleid beter coördineren
en evalueren, bijvoorbeeld door een vertrouwenspersoon en veiligheidscoördinator aan
te stellen. De beoogde inwerkingtreding van dit wetsvoorstel is 1 augustus 2027.
Vraag 5
Hoe kan het dat docenten die aangifte willen doen, soms worden afgeremd door hun eigen
schoolbestuur uit angst voor imagoschade of minder aanmeldingen en vindt u dat acceptabel?
Zo ja, waarom? Zo nee, waarom niet?
Antwoord 5
Als onderwijspersoneel zich niet veilig voelt om aangifte te doen dan is dat onacceptabel.
De angst voor imagoschade mag daarbij geen rol spelen. Het aanstellen van een vertrouwenspersoon
kan bijdragen aan de meldingsbereidheid, want een vertrouwenspersoon is er voor om
slachtoffers van incidenten bij te staan. Met het al genoemde Wetsvoorstel vrij en
veilig onderwijs wordt het aanstellen van een interne én een externe vertrouwenspersoon
verplicht. Ik roep besturen op om meldingen altijd serieus op te pakken en om altijd
aangifte te doen bij vermoedens van strafbare feiten. Dat mag ook namens een medewerker.
Vraag 6
Bent u bereid om te onderzoeken of definitieve verwijdering van gewelddadige leerlingen
sneller en consequenter moet worden toegepast, zodat de veiligheid van personeel voorop
komt te staan? Zo nee, waarom niet?
Antwoord 6
Er is geen plek voor agressie in het onderwijs. Elke vorm van geweld, intimidatie
of ander ongewenst gedrag is wat mij betreft onacceptabel. Het is nu ook al mogelijk
om leerlingen te schorsen of in het zwaarste geval te verwijderen van school. Ook
kan ouders de toegang tot de school worden ontzegd. Bij vermoedens van strafbare feiten
is aangifte doen ontzettend belangrijk. Een besluit tot schorsing of verwijdering
is aan de school. Stichting School & Veiligheid heeft expertise op dit vlak en ondersteunt
scholen hierbij. Ik acht het dan ook niet nodig om hier onderzoek naar te doen, en
vind het veel belangrijker dat scholen de weg naar goede ondersteuning weten te vinden
Vraag 7
Bent u zich ervan bewust dat in een tijd van historisch lerarentekort bijna een kwart
van de docenten overweegt het onderwijs te verlaten, mede door geweld en bedreigingen
en begrijpt u dat het huidige, halfzachte optreden direct bijdraagt aan het verder
leeglopen van onze scholen? Zo nee, hoe kunt u dit falen nog langer ontkennen?
Zo ja, welke harde, concrete maatregelen worden op zeer korte termijn genomen om leraren
daadwerkelijk te beschermen en wanneer zien we daar resultaat van?
Antwoord 7
Ik vind het buitengewoon ernstig dat docenten en ander onderwijspersoneel enige vorm
van fysiek geweld ervaren en daarbovenop, dit niet altijd kunnen melden. Ieder incident
is er één te veel. Het is belangrijk dat schoolbesturen achter hun personeel staan,
incidenten serieus nemen en waar nodig aangifte doen. Met het Wetsvoorstel vrij en
veilig onderwijs komt het kabinet met een stevig en omvattend pakket maatregelen om
de veiligheid op scholen verder te vergroten. Dat wetsvoorstel bespreek ik binnenkort
met uw Kamer. En hoewel het wetsvoorstel nog niet in werking is getreden, roep ik
schoolbesturen op om nu al aan de slag te gaan met de maatregelen uit het wetsvoorstel.
Zo kunnen scholen alvast beginnen met het registreren van alle veiligheidsincidenten
en het melden van ernstige feiten bij de inspectie. Ook kunnen ze alvast aan de slag
met het aanstellen van vertrouwenspersonen.
Ondertekenaars
-
Eerste ondertekenaar
J.Z.C.M. Tielen, staatssecretaris van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap -
Mede namens
R.M. Letschert, minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap
Bijlagen
Gerelateerde documenten
Hier vindt u documenten die gerelateerd zijn aan bovenstaand Kamerstuk.