Antwoord schriftelijke vragen : Antwoord op vragen van het lid El Abassi over over de aanhouding van een man in de binnenstad van Tiel wegens het zwaaien met een wapen vanuit een woningraam
Vragen van het lid El Abassi (DENK) aan de Minister van Justitie en Veiligheid over de aanhouding van een man in de binnenstad van Tiel wegens het zwaaien met een wapen vanuit een woningraam (ingezonden 24 februari 2026).
Antwoord van Minister Van Weel (Justitie en Veiligheid) (ontvangen 7 april 2026).
Zie ook Aanhangsel Handelingen, vergaderjaar 2025–2026, nr. 1360.
Vraag 1
Bent u bekend met het bericht «Man aangehouden in Tielse binnenstad, zou met wapen
uit raam hebben gezwaaid»?1
Antwoord 1
Ja.
Vraag 2
Klopt het dat in de woning van betrokkene zowel een vuurwapen als een luchtdrukwapen
zijn aangetroffen en in beslag zijn genomen?
Antwoord 2
Volgens berichtgeving in de media is bij de aanhouding een wapen aangetroffen. Het
is aan de politie en het Openbaar Ministerie om in het kader van het lopende onderzoek
vast te stellen welke voorwerpen precies zijn aangetroffen en in beslag zijn genomen.
Vraag 3
Heeft de politie signalen of meldingen ontvangen dat het wapen vanuit de woning is
gericht in de richting van de vrouweningang van de Stichting Ahmet Yesevi Moskee in
Tiel? Zo ja, wordt dit betrokken bij het strafrechtelijk onderzoek en de duiding van
het incident?
Antwoord 3
De politie en het OM doen onderzoek naar de feiten en omstandigheden van het incident.
Daarbij worden meldingen, signalen en andere relevante informatie betrokken bij het
onderzoek. Over de inhoud en de voortgang van een lopend strafrechtelijk onderzoek
worden geen nadere mededelingen gedaan.
Vraag 4
Wordt in het onderzoek expliciet bezien of sprake is van een mogelijk haatmotief of
gerichte intimidatie van een religieuze instelling, en welke maatregelen zijn genomen
om de veiligheid van bezoekers van de moskee te waarborgen?
Antwoord 4
De politie en het OM onderzoek doen onderzoek naar de feiten en omstandigheden van
het incident. Indien er aanwijzingen zijn dat een discriminerend aspect een rol kan
hebben gespeeld, wordt dit conform de Aanwijzing discriminatie betrokken bij het opsporingsonderzoek.2 Hierbij wordt, gelet op de ernst en de impact op de samenleving en de openbare orde,
prioriteit gegeven aan de strafrechtelijke aanpak.
De verantwoordelijkheid voor de lokale veiligheidssituatie ligt primair bij de burgemeester,
in samenspraak met politie en het OM. Op basis van de lokale situatie en actuele dreigingsinformatie
van de inlichtingen- en veiligheidsdiensten zullen er passende maatregelen worden
getroffen door het lokaal bevoegd gezag.
Ondertekenaars
D.M. van Weel, minister van Justitie en Veiligheid
Gerelateerde documenten
Hier vindt u documenten die gerelateerd zijn aan bovenstaand Kamerstuk.