Motie : Motie van het lid Patijn over naast de Arbowet verdere wetgeving uitwerken in lijn met ILO-conventie 190, artikel 2
36 684 Goedkeuring van het op 21 juni 2019 te Genève tot stand gekomen Verdrag inzake het uitbannen van geweld en intimidatie op de werkvloer (Trb. 2020, 2 en Trb. 2020, 34)
Nr. 7
MOTIE VAN HET LID PATIJN
Voorgesteld 31 maart 2026
De Kamer,
gehoord de beraadslaging,
overwegende dat ILO-conventie 190 volgens artikel 2 werknemers en andere personen
in de wereld van werk beschermt, met inbegrip van werknemers, zoals gedefinieerd door
de nationale wetgeving en praktijk, alsook werkende personen, ongeacht hun contractuele
status, personen in opleiding, met inbegrip van stagiairs en leerlingen, werknemers
van wie de arbeidsovereenkomst is beëindigd, vrijwilligers, werkzoekenden en sollicitanten,
en personen die het gezag, de taken of de verantwoordelijkheden van een werkgever
uitoefenen;
constaterende dat de Arbowet nog niet op al deze doelgroepen van toepassing is;
verzoekt de regering verdere wetgeving uit te werken die de wet- en regelgeving in
lijn brengt met ILO-conventie 190, de Kamer rond de zomer over de inhoud hiervan te
informeren en wetgeving aan het einde van 2026 aan de Kamer aan te bieden,
en gaat over tot de orde van de dag.
Patijn
Ondertekenaars
Mariëtte Patijn, Tweede Kamerlid