Antwoord schriftelijke vragen : Antwoord op het lid Piri over de kosten van het bezoek aan Zr. Ms. Evertsen
Vragen van het lid Piri (GroenLinks-PvdA) aan de Minister van Defensie over de kosten van het bezoek aan Zr. Ms. Evertsen (ingezonden 26 maart 2026).
Antwoord van Minister Yeşilgöz-Zegerius (Defensie) (ontvangen 31 maart 2026).
Vraag 1
Kunt u bevestigen dat u gebruik heeft gemaakt van een privévlucht ter waarde van € 92.997
voor uw bezoek aan de Zr. Ms. Evertsen?1
Antwoord 1
Ja, er is gebruik gemaakt van een gecharterd vliegtuig.
Vraag 2
Wanneer is het besluit genomen om dit bezoek op de betreffende datum te laten plaatsvinden?
Antwoord 2
In de dagen in aanloop naar dit bezoek is dit besluit genomen.
Vraag 3
Is bij de planning van dit bezoek meegewogen terughoudend te zijn in verband met de
gemeenteraadsverkiezingen van 18 maart?
Antwoord 3
De aanvang van de inzet van Zr. Ms. Evertsen en haar bemanning is leidend geweest
bij de planning van dit bezoek.
Vraag 4
Is overwogen het bezoek op een ander moment te plannen, zodat gebruik kon worden gemaakt
van de Gulfstream, het regeringsvliegtuig of een lijnvlucht? Zo nee, waarom niet?
Antwoord 4
Bij het plannen van reizen wordt altijd gekeken naar verschillende opties, waaronder
de mogelijkheden voor inzet van regeringstoestellen, gebruik van lijnvluchten of eventuele
alternatieven. In dit geval was de Gulfstream niet beschikbaar in verband met inzet
elders.
Voor dit type reis met complicerende aspecten – waaronder tijdigheid, de veiligheidssituatie
en het militaire/operationele karakter van bepaalde reisbewegingen – was geen geschikte
alternatieve lijnvlucht beschikbaar. Uiteindelijk is gekozen voor inhuur.
Vraag 5
Was er sprake van een operationele noodzaak die verhinderde dat het bezoek naar een
datum werd verplaatst waarop het regeringsvliegtuig, de Gulfstream of een lijnvlucht
beschikbaar was?
Antwoord 5
Het bezoek aan Zr. Ms. Evertsen vond ik van grote betekenis. Het zijn onze mensen
die, vanuit een oefening, naar een kwetsbaar gebied afreizen voor een inzet die bijdraagt
aan de Nederlandse vrede en veiligheid. Ik ben van mening dat het daarom cruciaal
was om als Minister van Defensie zo snel mogelijk af te reizen om mijn waardering
en steun te tonen aan de bemanning, ook namens het kabinet en de Kamer.
Vraag 6
Waarom moest het bezoek binnen één dag plaatsvinden? Was het mogelijk geweest om het
bezoek te spreiden of te combineren, waardoor gebruik van een lijnvlucht wel tot de
mogelijkheden zou hebben behoord?
Antwoord 6
Bezoeken aan troepen worden kort gehouden om de inzet niet nodeloos te verstoren.
Vraag 7
Kunt u de samenstelling van de delegatie nader specificeren en motiveren?
Antwoord 7
Onderdeel van de delegatie waren ikzelf als Minister, de commandant van het Commando
Zeestrijdkrachten, de commandant van het Joint Force Command, twee adjudanten, een
woordvoerder en een cameraman (en noodzakelijke beveiliging).
Vraag 8
Heeft de prijs per persoon (€ 10.333) voor deze privévlucht een rol gespeeld bij het
vaststellen van de omvang en samenstelling van de delegatie? Zo ja, op welke wijze?
Zo nee, op basis van welke criteria is de delegatie vastgesteld?
Antwoord 8
Nee. De delegatie is samengesteld zoals dat gebruikelijk is, waarbij gekeken wordt
naar wie vanuit zijn/haar functie een toegevoegde waarde heeft bij het bezoek. Op
basis daarvan wordt er bij de planning van reizen uiteraard rekening gehouden met
de noodzakelijk omvang van de delegatie en de daarmee gemoeide kosten.
Vraag 9
Zijn er eerder vergelijkbaar hoge kosten gemaakt voor het vervoer van een bewindspersoon
naar uitgezonden Nederlandse militairen?
Antwoord 9
Een dergelijk bezoek en het incidenteel moeten aanwenden van een privétoestel is niet
uniek voor bewindspersonen met een portefeuille die ook betrekking heeft op zaken
buiten de landsgrenzen. Daarbij moet worden opgemerkt dat het maken van vergelijkingen
tussen verschillende reizen complex is, zeker waar het reizen naar inzetgebieden betreft
die gekenmerkt worden door specifieke operationele en veiligheidsomstandigheden.
Vraag 10
Deelt u de opvatting dat bij dienstreizen met publieke middelen altijd de meest doelmatige
en soberste reismogelijkheid gekozen moet worden? Voldoet het gebruik van een privévlucht
ter waarde van € 92.997 voor een eendaags bezoek van enkele uren volgens u aan deze
criteria?
Antwoord 10
Ik deel de mening dat we scherp moeten zijn op de kosten die we maken. Tegelijkertijd
zijn reizen soms van grote betekenis, waarbij ook niet-financiële aspecten zwaarwegend
zijn. Dat geldt mijns inziens ook voor een troepenbezoek als dit, waarbij de betrokken
militairen plotseling hebben moeten schakelen tussen een situatie waarin zij op oefening
waren, naar een ernstinzet met alle risico’s van dien. Als eindverantwoordelijke wilde
ik mijn dank en steun uitspreken, zoals ook past bij de rol van Minister van Defensie.
Zie ook het antwoord op vraag 5.
Vraag 11
Hoe bent u ambtelijk geadviseerd over onder andere de timing en de kosten van dit
bezoek?
Antwoord 11
Zoals gebruikelijk is bij het plannen van reizen ben ik ambtelijk geadviseerd over
mogelijkheden, waarbij de timing een van de aspecten is. Over de kosten ben ik vooraf
niet geïnformeerd. Daar is een afweging gehanteerd passend bij een departement dat
genoodzaakt is veel internationale reizen te maken.
Vraag 12
Heeft u achteraf spijt van uw besluit om met een privévlucht ter waarde van € 92.997
af te reizen naar Cyprus?
Antwoord 12
Nee, ik heb geen spijt van het besluit om met een ingehuurde vlucht te vliegen. Zoals
gezegd deel ik de mening dat we scherp moeten zijn op de kosten die we maken. Tegelijkertijd
vind ik dat dit bezoek cruciaal was om waardering en steun aan onze militairen over
te brengen. Daar sta ik voor.
Vraag 13
Kunt u al deze vragen afzonderlijk beantwoorden vóór maandag 30 maart?
Antwoord 13
Deze vragen zijn zo snel als mogelijk beantwoord.
Toelichting:
Deze vragen dienen ter aanvulling op eerdere vragen terzake van het lid Dobbe (SP),
ingezonden 26 maart 2026 (vraagnummer 2026Z06252) en van de leden Boon en Wilders (beiden PVV), ingezonden 26 maart 2026 (vraagnum
mer 2026Z06253)
Ondertekenaars
D. Yesilgöz-Zegerius, minister van Defensie
Bijlagen
Gerelateerde documenten
Hier vindt u documenten die gerelateerd zijn aan bovenstaand Kamerstuk.