Schriftelijke vragen : Het bericht 'Rotterdamse huisartsenpost toont clip 'Boom Boom Tel Aviv' op groot scherm'
Vragen van de leden Keijzer (Keijzer) en Claassen (Groep Markuszower) aan de Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport over het bericht «Rotterdamse huisartsenpost toont clip «Boom Boom Tel Aviv» op groot scherm» (ingezonden 25 maart 2026).
Vraag 1
Klopt het dat bij de huisartsenpost Rotterdam Zuidplein op een groot scherm een videoclip
is vertoond waarin geweld wordt verheerlijkt, zoals te zien was op beelden die op
sociale media circuleerden?1
Vraag 2
Worden deze beelden door of namens deze huisartsenpost zelf aangestuurd of door een
externe advertentiedienst?
Vraag 3
Heeft deze huisartsenpost een verantwoordelijkheid om bij (potentiële) patiënten geen
enkele zorg te laten ontstaan over de vraag dat ongeacht de herkomst of nationaliteit
van een persoon deze kan rekenen op de best beschikbare zorg?
Vraag 4
Deelt u de opvatting dat zorgverleners, en zorginstellingen in het bijzonder, een
neutrale, veilige en niet-politieke omgeving moeten bieden aan alle patiënten, ongeacht
herkomst, religie of politieke opvatting?
Vraag 5
Hoe verhoudt het vertonen van een video waarin geweld wordt gevierd zich volgens u
tot de professionele normen, zoals beschreven door de KNMG en in bredere zin in de
medische beroepsethiek, waaronder het uitgangspunt dat artsen en zorginstellingen
handelen op een wijze die geen schade toebrengt, vertrouwen wekt en respect voor iedere
patiënt waarborgt?2
Vraag 6
Kunt u bevestigen dat de Nederlandse artseneed, zoals opgenomen in de universitaire
opleidingen sinds 2003, artsen onder meer verplicht tot het bevorderen van vertrouwen,
het voorkomen van schade en het professioneel handelen in het belang van de patiënt?
Acht u het vertonen van deze video in lijn met die eed en professionele verplichtingen?
Vraag 7
Zijn er eerder uitingen op dit scherm geweest die vraagtekens zetten bij de genoemde
normen die gelden voor leden van de medische beroepsgroepen?
Vraag 8
Bent u ervan op de hoogte dat buurtbewoners inmiddels klachten hebben ingediend over
het scherm en dat het scherm inmiddels is uitgezet? Worden deze klachten betrokken
bij een onderzoek of bestuurlijke beoordeling?
Vraag 9
Kunt u uiteenzetten welke mogelijkheden patiënten hebben om een formele klacht in
te dienen wanneer zij zich door dergelijke politieke of gewelddadige boodschappen
onveilig, ongewenst of bedreigd voelen bij het bezoeken van een huisartsenpost?
Vraag 10
Kunt u toezeggen om deze situatie onder de aandacht te brengen van de Inspectie Gezondheidszorg
en Jeugd (IGJ)?
Vraag 11
Wat vindt uzelf van het vertonen van deze videoboodschap boven een huisartsenpost
in relatie tot de KNMG-gedragsregels en de medische beroepsethiek, inclusief de normen
over neutraliteit, veiligheid en het vermijden van schade?
Vraag 12
Welke voorwaarden gelden er voor met premie, c.q. belastinggeld, betaalde zorginstellingen
ten aanzien van het gebruiken van publieke schermen of uitingen voor politieke, activerende
of mogelijk polariserende boodschappen? Zijn deze waarborgen volgens u voldoende?
Vraag 13
Deelt u de opvatting dat het vertonen van gewelddadige en polariserende content vanaf
een zorginstelling niet alleen onverenigbaar is met de rol van een huisartsenpost,
maar ook onwenselijk is in de openbare ruimte?
Vraag 14
Welke bestuurlijke maatregelen acht u passend indien een zorginstelling (herhaaldelijk)
uitingen verspreidt die angst of haat kunnen aanwakkeren in de openbare ruimte? Wordt
daarbij ook de mogelijkheid betrokken van (tijdelijke) sluiting of het intrekken van
vergunningen indien normen structureel worden overschreden?
Vraag 15
Kunt u toezeggen de Kamer te informeren over de uitkomsten van eventueel onderzoek
door IGJ of andere toezichthouders, en over eventuele maatregelen die u naar aanleiding
daarvan noodzakelijk acht?
Indieners
-
Gericht aan
S.T.M. Hermans, minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport -
Indiener
Mona Keijzer, Kamerlid -
Medeindiener
René Claassen, Kamerlid
Gerelateerde documenten
Hier vindt u documenten die gerelateerd zijn aan bovenstaand Kamerstuk.