Antwoord schriftelijke vragen : Antwoord op vragen van het lid Westerveld over het voorkomen en herkennen van seksueel grensoverschrijdend gedrag in de zorg
Vragen van het lid Westerveld (GroenLinks-PvdA) aan de Minister van Langdurige Zorg, Jeugd en Sport over het voorkomen en herkennen van seksueel grensoverschrijdend gedrag in de zorg (ingezonden 6 maart 2026).
Antwoord van Minister Sterk (Langdurige Zorg, Jeugd en Sport) (ontvangen 24 maart
2026).
Vraag 1
Bent u bekend met het bericht «Meerdere aangiftes van seksueel wangedrag op zorgboerderij?»1
Antwoord 1
Ja, daar ben ik bekend mee.
Vraag 2
Hoeveel klachten zijn er sinds 2025 ontvangen door klachtenfunctionarisseren, uitgesplitst
per zorgaanbieder, over seksueel grensoverschrijdend gedrag in de gehandicaptenzorg?
Hoeveel meldingen hebben geleid tot aangifte?
Antwoord 2
Er zijn geen cijfers bekend over het aantal klachten dat in 2025 is ontvangen door
klachtenfunctionarissen over seksueel grensoverschrijdend gedrag in de gehandicaptenzorg.
Seksueel overschrijdend gedrag moet door de zorgaanbieder wel altijd gemeld worden
bij de IGJ. Zie ook het antwoord op vraag 3.
Vraag 3
Hoeveel meldingen zijn er sinds 2025 ontvangen door de Inspectie Gezondheidszorg en
Jeugd (IGJ) over seksueel grensoverschrijdend gedrag in de gehandicaptenzorg? Hoeveel
meldingen hebben geleid tot aangifte?
Antwoord 3
Sinds 2025 heeft de IGJ circa 100 meldingen ontvangen over seksueel grensoverschrijdend
gedrag in de gehandicaptenzorg. Hoeveel meldingen hebben geleid tot een aangifte is
bij de IGJ niet bekend.
Vraag 4
Hoeveel meldingen zijn er sinds 2025 gedaan door cliënten en zorgpersoneel van grensoverschrijdend
gedrag in de hele zorgsector, uitgesplitst per sector en uitgesplitst per vorm waarin
de zorg wordt geleverd?
Antwoord 4
De onderstaande tabel geeft een overzicht van de meldingen die de IGJ heeft ontvangen
over seksueel grensoverschrijdend gedrag per 2025, uitgesplitst naar zorgsector en
afgerond op tientallen. Een nadere uitsplitsing per zorgvorm is niet beschikbaar.
Zorgsector
Aantal meldingen
Eerstelijnszorg
50
Geestelijke Gezondheidszorg (dit jaar inclusief Zorg aan Justitiabelen)
80
Gehandicaptenzorg
100
Jeugd
70
Medisch Specialistische Zorg
10
Publieke gezondheidszorg
<5
Verpleging en Verzorging
30
Totaal
340
Vraag 5
Hoeveel zorgaanbieders hanteren momenteel een algemene VOG-verplichting voor alle
zorgverleners?
Antwoord 5
Alle zorgaanbieders die zorg verlenen op grond van de Wet langdurige zorg (Wlz) moeten
op grond van het Uitvoeringsbesluit wet kwaliteit, klachten en geschillen zorg (Wkkgz)
beschikken over een Verklaring Omtrent het Gedrag (VOG) van de zorgverleners die zorg
verlenen aan hun cliënten. Die VOG-verplichting geldt binnen de Wlz ook voor andere
personen die beroepsmatig in contact kunnen komen met de cliënten. Het voorgaande
geldt ook voor zorgaanbieders die geestelijke gezondheidszorg verlenen met de mogelijkheid
tot verblijf. Voor andere zorgaanbieders geldt dat het afhankelijk is van de individuele
zorgaanbieder of een VOG wordt verlangd van zorgverleners. Een VOG verlangen is mogelijk,
maar is geen wettelijke verplichting.
Vraag 6
Wat zijn de kosten van invoering van een algemene VOG-verplichting voor alle zorgverleners?
Welke gevolgen heeft een dergelijke algemene verplichting voor de administratieve
lasten?
Antwoord 6
De totale kosten van een zorgbrede VOG-verplichting voor alle zorgverleners zouden
aanzienlijk zijn, gezien het grote aantal zorgverleners in de sector. Naast financiële
kosten zijn ook de uitvoeringsconsequenties van belang, met name voor screeningsautoriteit
Justis en zorgaanbieders. De uiteindelijke kosten hangen bovendien sterk af van de
invoering, bijvoorbeeld of de verplichting geldt voor nieuwe en/of zittende medewerkers
en of deze eenmalig of periodiek wordt uitgevoerd. De financiële kosten en administratieve
lasten van een uitbreiding van de VOG-verplichting moeten natuurlijk in verhouding
staan tot het beoogde doel: het verkleinen van veiligheidsrisico's en het waarborgen
van de integriteit binnen organisaties.
Vraag 7
Hoeveel cliënten in de gehandicaptenzorg ontvangen momenteel zorg vanuit een persoonsgebonden
budget (pgb) en hoeveel cliënten ontvangen zorg in natura?
Antwoord 7
Er zijn circa 133.000 cliënten met een zorgprofiel behorend bij de gehandicaptenzorg
met gebruik van naturazorg, pgb of een combinatie van naturazorg en pgb (gemeten op
peilmoment, 2024). Daarvan hadden er 105.300 naturazorg, 41.500 pgb en 13.800 een
combinatie van naturazorg en pgb2.
Vraag 8
Hoeveel pgb-gefinancierde wooninitiatieven zijn er in de gehandicaptenzorg? Wanneer
kan het transparantieregister van pgb-wooninitiatieven verwacht worden?
Antwoord 8
Het exacte aantal pgb-gefinancierde wooninitiatieven in de gehandicaptenzorg is niet
bekend. Wel is bekend dat medio 2025 6.170 pgb-houders met een zorg-profiel in de
gehandicaptenzorg een wooninitiatieventoeslag ontvingen3. Als wordt uitgegaan van gemiddeld 12 bewoners per wooninitiatief komt dit neer op
circa 500 pgb-gefinancierde wooninitiatieven in de gehandicaptenzorg. Samen met de
IGJ, Zorgverzekeraars Nederland (ZN) en het CIBG werk ik aan de ontwikkeling van een
transparantieregister voor pgb-gefinancierde wooninitiatieven. Het is de bedoeling
dat het register automatisch wordt samengesteld door gebruik te maken van de vragenlijsten
van Meldplicht, Vergunningplicht en Openbare Jaarverant-woording. Hiervoor moeten
deze vragenlijsten worden aangepast, zodat hieruit eenduidig kan worden afgeleid wanneer
er bij een zorgaanbieder sprake is van een wooninitiatief. Deze informatie wordt verder
aangevuld met gegevens van zorgkantoren.
Om dit alles te realiseren zijn zowel technische als juridische aanpassingen nodig.
Met name het aanpassen van regelingen en het creëren van een vereiste grondslag voor
gegevensuitwisseling kost tijd. Ik streef ernaar het register zo spoedig als mogelijk
operationeel te hebben. Daarbij wordt verkend of het een optie is het register in
fasen te vullen en beschikbaar te stellen, waarbij een steeds completer beeld ontstaat.
Als blijkt dat dit mogelijk is, kan een eerste versie wellicht eind dit jaar beschikbaar
zijn.
Vraag 9
Wat is de stand van zaken van het door zorgaanbieders «beter in staat zijn van het
herkennen en signaleren van seksueel grensoverschrijdend gedrag»? Op welke wijze worden
zorgaanbieders gestimuleerd om te werken aan deze bewustwording en preventie, in het
bijzonder als het gaat om cliënten met moeilijk verstaanbaar gedrag of die niet verbaal
kunnen aangeven wat zij ervaren? Zijn er concrete veranderingen te zien?4
Antwoord 9
De inspectie ziet dat zorgaanbieders in de gehandicaptenzorg zich blijvend inspannen
om het beleid verder te verbeteren. De inspectie ziet daarnaast een positieve ontwikkeling
als het gaat om doorontwikkeling van het beleid. Zo is het bij veel zorgaanbieders
aantoonbaar beleid om het thema gezonde seksuele ontwikkeling (vriendschap, relaties,
intimiteit en seksualiteit) onderdeel te laten zijn van de methodische begeleiding
van cliënten, als dat mogelijk is. Ook hebben veel zorgaanbieders de pijlers van de
Veilige Zorgrelatie ingevoerd of werken zij daaraan.
De regeringscommissaris seksueel grensoverschrijdend gedrag en seksueel geweld heeft
samen met de gehele zorgsector, waaronder het domein gehandicaptenzorg, in juni 2025
een zorgmanifest gepresenteerd op een zorgbreed congres tegen seksueel grensoverschrijdend
gedrag. Dit manifest is inmiddels door 40 branche- en beroepsverenigingen ondertekend.
Ter opvolging van dit manifest heeft de regeringscommissaris op 17 december 2025 een bestuurlijk overleg georganiseerd ten behoeve van bestuurlijke inzet op het ontwikkelen van ideeën tot
concrete plannen van aanpak. Op 28 mei a.s. wordt er een bestuurlijk vervolg op georganiseerd.
De plannen van aanpak per zorgdomein zijn dan verder uitgewerkt en de eerste ideeën
in gang gezet.
De Vereniging Gehandicaptenzorg Nederland heeft daarnaast een handreiking «Sturen
op aanpak seksueel misbruik» met praktische handvatten en aanbevelingen voor zorgorganisaties
om de preventie en aanpak van seksueel misbruik te organiseren. Deze handreiking wordt
momenteel herschreven. De herziene handreiking beschrijft wijzigingen in wet- en regelgeving,
bevat veel achtergrondinformatie en ondersteunt organisaties bij het uitwerken van
hun eigen interne beleid en procedures ten aanzien van seksueel grensoverschrijdend
gedrag richting cliënten.
Vraag 10
Over hoeveel inspecteurs beschikt de IGJ momenteel? Hoeveel bezoeken heeft de IGJ
sinds 2025 afgelegd aan pgb-gefinancierde wooninitiatieven, zoals zorgboerderijen?
Antwoord 10
Er werken 470 inspecteurs bij de IGJ. Hiermee houdt de IGJ toezicht op de kwaliteit
en veiligheid van de gehele gezondheidszorg, jeugdhulp, farmaceutische producten en
medische hulpmiddelen. Binnen de afdeling gehandicaptenzorg werken 28 inspecteurs.
De IGJ heeft vanaf 2025 229 bezoeken gebracht aan aanbieders van gehandicaptenzorg.
Daaronder zijn ook pgb-gefinancierde wooninitiatieven. De financieringsvorm maakt
echter geen deel uit van de risico informatie voorafgaand aan een bezoek. Daarom is
geen exact antwoord te geven op de vraag hoeveel van de bezochte zorgaanbieders pgb-gefinancierd
zijn. In haar toezicht en de ingezette toetsingskaders maakt de inspectie evenwel
geen onderscheid tussen pgb- zorg en zorg in natura.
Verder ziet de IGJ veel mengvormen: aanbieders die zowel pgb-gefinancierd zijn, als
zorg in natura leveren en ook door de Wmo gefinancierd zijn. Deze aanbieders bieden
vaak zorg aan cliënten met uiteenlopende zorgvragen (gehandicaptenzorg, ggz, jeugd,
ouderenzorg).
Vraag 11
Beschikt de IGJ inmiddels over gespecialiseerde inspecteurs voor intramurale gehandicaptenzorg
en pgb-wooninitiatieven, zoals verzocht in de motie-Westerveld? Zo ja, hoeveel inspecteurs
zijn er inmiddels? Zo nee, waarom niet?5
Antwoord 11
Ja, de inspectie beschikt over inspecteurs die toezichthouden op aanbieders voor intramurale
gehandicaptenzorg, waaronder pgb-wooninitiatieven. Binnen de afdeling Gehandicaptenzorg
(GHZ) werken momenteel 28 inspecteurs.
Naar aanleiding van de bovengenoemde motie-Westerveld en de Toekomstagenda «zorg en
ondersteuning voor mensen met een beperking» (Toekomstagenda) is de capaciteit van
de afdeling GHZ tijdelijk uitgebreid met 8 fte waarvan 6 inspecteurs. De huidige bezetting
van 28 fte is inclusief die 6 inspecteurs.
Vraag 12
Zijn er inmiddels gespecialiseerde vertrouwenspersonen voor de intramurale gehandicaptenzorg
en pgb-wooninitiatieven, zoals verzocht in de motie-Westerveld? Zo ja, hoeveel vertrouwenspersonen
zijn er? Zo nee, waarom niet?
Antwoord 12
Ik heb geen zicht op het type vertrouwenspersonen werkzaam in de intramurale gehandicaptenzorg
en pgb-wooninitiatieven, noch heb ik zicht op het aantal vertrouwenspersonen werkzaam
in de sector.
Mijn ambtsvoorganger is in 2024 in gesprek gegaan met de sector over cliënt-vertrouwenspersonen
Wet zorg en dwang (Wzd). Hierover is aan uw kamer gerapporteerd in de voortgangsrapportage
van de Toekomstagenda in 20246.
Vraag 13
Welke concrete stappen zijn er sinds de antwoorden van uw ambtsvoorganger uit 2024
gezet om zicht te krijgen op de omvang van (seksueel) grensoverschrijdend gedrag in
de gehandicaptenzorg en om een gerichte aanpak in te zetten?
Antwoord 13
Met middelen uit de Toekomstagenda is de capaciteit van de IGJ fors uitgebreid (26%)
met zes extra inspecteurs specifiek voor de gehandicaptenzorg.
Voor de inspectie heeft het voorkomen van seksueel grensoverschrijdend gedrag zowel
in 2025 als 2026 in de gehandicaptenzorg aandacht in het toezicht. De inspectie beoordeelt
of zorgaanbieders voldoende doen om (toekomstige) cliënten te beschermen tegen (seksueel)
grensoverschrijdend gedrag. Dit doet zij in zowel het risico-gestuurde toezicht als
in het incidententoezicht. Zorgaanbieders worden daarnaast gestimuleerd om zelf hun
beleid te beoordelen. De inspectie beoogt hiermee het bewustzijn binnen de sector
te vergroten7.
Om beter zicht te krijgen op pgb-gefinancierde wooninitiatieven is er een transparantieregister
in ontwikkeling. Ten slotte rapporteer ik hierover in de voortgangsrapportage van
de Toekomstagenda die uw Kamer op korte termijn ontvangt.
Ondertekenaars
W.R.C. Sterk, minister van Langdurige Zorg, Jeugd en Sport
Bijlagen
Gerelateerde documenten
Hier vindt u documenten die gerelateerd zijn aan bovenstaand Kamerstuk.