Antwoord schriftelijke vragen : Antwoord op vragen van de leden Markuszower en Lammers over het bericht dat Hamas ook bij Nederlandse hulporganisaties zoals Oxfam Novib een stevige vinger in de pap heeft
Vragen van de leden Lammers en Markuszower (beiden Groep Markuszower) aan de Ministers van Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking en van Buitenlandse Zaken over het bericht dat Hamas ook bij Nederlandse hulporganisaties zoals Oxfam Novib een stevige vinger in de pap heeft1Deze vragen dienen ter aanvulling op eerdere vragen terzake van het lid Rajkowski (VVD), ingezonden 23 februari 2026 (vraagnummer 2026Z03619) (ingezonden 24 februari 2026).
Antwoord van Minister Berendsen (Buitenlandse Zaken) en van Minister Sjoerdsma (Buitenlandse
Handel en Ontwikkelingssamenwerking) (ontvangen 17 maart 2026).
Vraag 1
Bent u bekend met berichtgeving en internationale rapporten waaruit blijkt dat Hamas
hulporganisaties in Gaza infiltreert, medewerkers plaatst binnen ngo’s en deze organisaties
gebruikt als instrument voor haar eigen doeleinden?2
Antwoord 1
Ja.
Vraag 2
Deelt u de mening dat het volstrekt absurd is wanneer een Nederlandse stichting met
ANBI-status en subsidie, samenwerkt met organisaties die banden hebben met een terroristische
organisatie?
Antwoord 2
Er is geen informatie voorhanden die de aantijgingen van NGO Monitor steunt.
Voor wat betreft deze casus; het kabinet heeft vertrouwen in de neutraliteit en onafhankelijkheid
van het werk van partnerorganisaties waar Nederland mee werkt. Dit zijn professionele
organisaties met een bewezen goede staat van dienst, óók in buitengewoon moeilijke
contexten als Gaza waar risico’s nooit volledig uit te bannen zijn. Direct na 7 oktober
2023 heeft er een doorlichting van de Nederlandse en EU-ontwikkelingshulp voor de
Palestijnse Gebieden plaatsgevonden. Hieruit is gebleken dat de due diligence-processen die ervoor waken dat geld niet (in)direct ten goede komt van terroristische
organisaties, op orde zijn. Dat geldt ook voor de genoemde organisaties in het NGO
Monitor rapport. Ook zijn er geen signalen naar voren gekomen dat Nederlands of Europees
geld terecht is gekomen bij onbedoelde bestemmingen. Het kabinet is hierdoor van mening
dat terroristische organisaties zoals Hamas, direct noch indirect, gefinancierd worden
met Nederlands belastinggeld. Bij elke subsidieaanvraag wordt er opnieuw op toegezien
dat deze due diligence-processen (nog steeds) op orde zijn. Verder wijst het kabinet
ook op bestaande kritiek op de handelwijze van NGO Monitor, zoals benoemd in de beantwoording
van eerdere Kamervragen over NGO Monitor3 en de kabinetsreactie op andere rapporten van NGO Monitor.4
Vraag 3
Realiseert de regering zich dat het direct of indirect financieren van een terroristische
organisatie een misdrijf vormt en daarmee in strijd is met de wet?
Antwoord 3
Ja.
Vraag 4 en 5
Kunt u garanderen dat tijdens uw ambtstermijn geen euro Nederlands belastinggeld,
direct of indirect, terechtkomt bij organisaties die onder invloed staan van Hamas?
Zo nee, waarom niet?
Hoe controleert u concreet dat Nederlands belastinggeld niet terechtkomt bij organisaties
die onder invloed staan van terroristische organisaties?
Antwoord 4 en 5
Nederland werkt samen met professionele en betrouwbare maatschappelijke organisaties,
die beleid en gedegen procedures hebben om risico’s van malversaties te verkleinen,
en die adequaat optreden in geval van zowel aantijgingen als bewezen malversaties.
Dergelijke procedures bieden nooit volledige garanties, maar helpen risico’s te minimaliseren
in de moeilijke noodhulpcontexten waarin veel van onze humanitaire partners werken.
Besluiten om bepaalde organisaties te financieren worden altijd zorgvuldig genomen,
waarbij het voltooien van een Organisational Risk and Integrity Assessment (ORIA) essentieel is. Deze assessment toetst onder andere op governance-structuren en de integriteit van organisaties. Organisaties met wie Nederland samenwerkt
doen bovendien controle en screening van alle medewerkers (zowel nationale als internationale
staf) en partners aan de hand van o.a. de sanctielijsten van de VN, EU en nationale
instanties. Daarnaast worden afspraken gemaakt over tussentijdse monitoring, (onafhankelijke)
evaluatie en audits van activiteiten met Nederlandse steun. Als uit het toezicht blijkt
dat er mogelijk sprake is van fraude, verduistering of andersoortige malversaties,
dan treedt het ministerie daar tegen op.
Vraag 6
Bent u bereid per direct een diepgaand onderzoek te starten naar Nederlandse organisaties,
waaronder Oxfam Novib, om vast te stellen of en hoe zij, direct of indirect, bijdragen
aan Hamas, en bij de geringste aanwijzing de ANBI-status onmiddellijk in te trekken,
de subsidie te beëindigen en hier harde consequenties tegenover te plaatsen?
Antwoord 6
Nee. Zie de antwoorden op vragen 2, 4 en 5.
Vraag 7
Hoe valt het te rijmen dat in het coalitieakkoord staat dat de samenwerking met UNRWA
wordt hersteld, gezien de overduidelijke banden tussen UNRWA-medewerkers en Hamas
en het feit dat Gaza feitelijk onder controle staat van deze terroristische organisatie?5
Antwoord 7
Diverse onafhankelijke onderzoeken, waaronder onderzoeken uitgevoerd door VN Office of Internal Oversight Services (OIOS) en het Colonna-rapport, stellen vast dat voor de aantijgingen van banden tussen
UNRWA-medewerkers en Hamas geen verifieerbaar bewijs is geleverd. Daarnaast blijkt
uit het Colonna-rapport dat UNRWA de benodigde mechanismen, procedures en beleid heeft
om ervoor te zorgen dat de verplichting tot naleving van het neutraliteitsbeginsel
wordt nageleefd. Tevens implementeert UNRWA de aanbevelingen komende uit het Colonna-rapport
die de neutraliteit en integriteit verder versterken.
Vraag 8
Bent u bekend met het recente besluit van de Duitse christendemocraten om onvoorwaardelijke
steun aan UNRWA te beëindigen?6 Waarom kiest het kabinet daar niet voor?
Antwoord 8
Ja, ik ben bekend met dit besluit. Het kabinet ondersteunt het mandaat van UNRWA en
hun cruciale werk om levensreddende humanitaire hulp te bieden in Gaza. Ook levert
UNRWA essentiële basisdiensten, met name op gebied van gezondheidszorg en onderwijs,
aan Palestijnse vluchtelingen in Gaza, de Westelijke Jordaanoever, Jordanië, Libanon
en Syrië. Met het leveren van basisdiensten aan Palestijnse vluchtelingen draagt UNRWA
bij aan stabiliteit in de regio. Daar is iedereen bij gebaat.
Vraag 9
Bent u bereid de Nederlandse steun aan UNRWA onmiddellijk op te schorten? Zo nee,
waarom niet?
Antwoord 9
Nee. Zie het antwoord op vraag 8.
Ondertekenaars
-
Eerste ondertekenaar
T.B.W. Berendsen, minister van Buitenlandse Zaken -
Mede ondertekenaar
S.W. Sjoerdsma, minister van Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking
Bijlagen
Gerelateerde documenten
Hier vindt u documenten die gerelateerd zijn aan bovenstaand Kamerstuk.