Schriftelijke vragen : Vrouwen die dakloos raken door huiselijk geweld
Vragen van de leden Westerveld, Mutluer en Vliegenthart (allen GL-PvdA) aan de Ministers van Volksgezondheid, Welzijn en Sport, van Justitie en Veiligheid en van Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening over vrouwen die dakloos raken door huiselijk geweld (ingezonden 26 februari 2026).
Vraag 1
Bent u bekend met aflevering 4 van de NTR-podcast «Waar slaap je» waarin verhalen
gedeeld worden van vrouwen die door huiselijk geweld dakloos raken?1
Vraag 2
Herkent u de signalen dat er in Nederland vrouwen dakloos raken als gevolg van partnergeweld?
Deelt u de mening dat deze groep vrouwen momenteel tussen wal en schip valt, omdat
zij enerzijds niet in aanmerking komt voor opvang of urgentie en anderzijds niet financieel
in staat is om duurzame huisvesting te bekostigen? Zo ja, welke maatregelen bestaan
er momenteel voor deze groep en acht u die toereikend?
Vraag 3
Deelt u de mening dat het zeer zorgwekkend is dat vrouwen die trauma hebben opgelopen
door geweld, vervolgens ook hun thuis moeten verlaten? Zo ja, kunt u toelichten of
er specifiek beleid is voor deze groep en welke concrete maatregelen u neemt om deze
vrouwen te helpen?
Vraag 4
Kunt u aangeven hoeveel personen er (gemiddeld) per jaar ten gevolge van partnergeweld
noodgedwongen hun huis moeten verlaten? Indien exacte gegevens ontbreken, kunt u een
schatting geven? Bent u bereid om de aantallen in beeld te brengen?
Vraag 5
Welke concrete aanvullende acties zijn er geweest of maatregelen genomen sinds de
presentatie van het Nationaal Actieplan Dakloosheid, waarin vrouwen alsmede mensen
met complexe problematiek en kinderen en slachtoffers van huiselijk geweld als specifieke
aandachtsgroepen worden genoemd?
Vraag 6
Hoe wordt in beleid rekening gehouden met de gevolgen van (dreigende) dakloosheid
voor kinderen die met hun moeder moeten meeverhuizen of in instabiele woonsituaties
terechtkomen?
Vraag 7
Deelt u de mening dat het gewenst is dat slachtoffers van partnergeweld zo snel mogelijk
een veilig dak boven het hoofd moeten krijgen in de vorm van verblijf in een blijf-van-mijn-lijf-huis
of urgentie op een (sociale) huurwoning, ongeacht de gemeente waar zij wonen? Zo ja,
op welke wijze wilt u dit bewerkstelligen? Welke (financiële) knelpunten ziet u hierbij
en welke rol is hierin weggelegd voor de rijksoverheid in de ondersteuning van gemeenten?
Zo nee, waarom niet?
Vraag 8
Herkent u de (financiële) knelpunten bij blijf-van-mijn-lijf locaties, met negatieve
gevolgen voor de kwaliteit en privacy van dergelijke locaties? Bent u ook bekend met
voorbeelden van locaties waar dit juist heel goed is ingericht, zoals in de gemeente
Den Bosch? Hoe kijkt u naar dergelijke voorbeelden en hoe kijkt u naar de mogelijkheid
voor minimumrichtlijnen voor kwaliteit en privacy? Welke financiering zou nodig zijn
voor de invoering van dergelijke richtlijnen?
Vraag 9
Herkent u het beeld dat slachtoffers van partnergeweld die niet in aanmerking komen
voor sociale huur, noodgedwongen zijn aangewezen op dure particuliere of middenhuurwoningen,
waardoor zij juist na een gewelddadige relatie in ernstige financiële problemen of
schulden terechtkomen?
Vraag 10
Herkent u dat deze financiële problematiek vaak wordt verergerd doordat dwingende
controle, financieel geweld en lopende juridische procedures (zoals alimentatiegeschillen,
omgangsregelingen of verdeling van bezittingen) nog lange tijd voortduren na de scheiding?
Welke gevolgen heeft dat volgens u voor de bestaanszekerheid en veiligheid van deze
vrouwen?
Vraag 11
In hoeverre houden de huidige urgentiecriteria voor huisvesting naar uw mening rekening
met de cumulatie van partnergeweld, financieel geweld en schuldenproblematiek, ook
wanneer iemand formeel boven inkomensgrenzen uitkomt? Zo nee, waarom niet?
Vraag 12
Herkent u de signalen dat er in de huidige praktijk een gat lijkt te bestaan, waarbij
enerzijds wordt gezegd dat het geen veiligheidsprobleem is en anderzijds wordt gezegd
dat het geen woonprobleem is, met als gevolg dat er onvoldoende regie en verantwoordelijkheid
wordt genomen door betrokken organisaties en overheidslagen? Zo ja, deelt u de mening
dat dit tot gevaarlijke en onwenselijke situaties kan leiden? Welke concrete maatregelen
gaat u nemen om dit gat te dichten?
Vraag 13
Deelt u de mening dat het onwenselijk is dat er een gebrek is aan regie in gevallen
waar sprake is van (dreigende) dakloosheid als gevolg van partnergeweld? Zo nee, waarom
niet? Zo ja, welke concrete maatregelen gaat u nemen om dit op te lossen, zowel op
de korte als op de lange termijn? Deelt u de mening dat het zeer onwenselijk is dat
slachtoffers van partnergeweld hiermee uit het zicht dreigen te verdwijnen? Zo ja,
welke concrete maatregelen neemt u om dit te voorkomen?
Indieners
-
Gericht aan
E. Boekholt-O’Sullivan, minister van Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening -
Gericht aan
S.T.M. Hermans, minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport -
Gericht aan
D.M. van Weel, minister van Justitie en Veiligheid -
Indiener
Lisa Westerveld, Kamerlid -
Medeindiener
Songül Mutluer, Kamerlid -
Medeindiener
Lisa Vliegenthart, Kamerlid