Schriftelijke vragen : Een grote crimineel (Lysander de R.) die naar een regulier detentieregime is afgeschaald
Vragen van het lid Ellian (VVD) aan de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid over een grote crimineel (Lysander de R.) die naar een regulier detentieregime is afgeschaald (ingezonden 24 februari 2026).
Vraag 1
Bent u bekend met het bericht «Onrust in gevangenis Heerhugowaard: motorbende-leider
wil wraak»?1
Vraag 2
Klopt het dat Lysander de R. recent in een regulier regime is geplaatst?
Vraag 3
Hoe kan het dat een gedetineerde die bekend staat als het «bajesbeest» en de «schrik
van Zaanstad» en in meerdere Penitentiaire Inrichtingen een schrikbewind voerde, al
enige tijd op een reguliere afdeling is geplaatst?
Vraag 4
Waarom is deze gedetineerde al langer dan een jaar uit de Afdeling Intensief Toezicht
geplaatst?
Vraag 5
Waarom wordt een gedetineerde, die evident en aantoonbaar betrokken is bij voortgezet
crimineel handelen uit detentie, in een Penitentiaire Inrichting (Zuyderbosch) geplaatst
waar in 2025 maar liefst 31 keer communicatiemiddelen zijn aangetroffen bij gedetineerden?
Vraag 6
Op welke wijze worden bij het afbouwen van toezichtsmaatregelen op basis van de lijst
gedetineerden met een vlucht- en/of maatschappelijk risico, feiten betrokken zoals
het leiding geven vanuit detentie aan een motorclub zoals MC Hardliners, het oprichten
daarvan en leider zijn van een dergelijke criminele organisatie?
Vraag 7
Op welke wijze worden de B- en C-grond uit artikel 13 van de Regeling selectie, plaatsing
en overplaatsing van gedetineerden gewogen indien sprake is van een gedetineerde die
aantoonbaar vanuit detentie crimineel handelen heeft voortgezet en een leidende rol
heeft bij een criminele organisatie zoals een motorclub?
Vraag 8
Hoe kan er geen sprake zijn van een hoog risico op aanhoudende ongeoorloofde contacten
met de buitenwereld met een maatschappelijk ontwrichtend karakter indien een gedetineerde
hoogstwaarschijnlijk betrokken is bij ernstige bedreigingen jegens een burgemeester?
Vraag 9
Indien de feiten als genoemd in vragen 4, 5 en 6 zich zouden voordoen: waarom zit
zo een gedetineerde dan niet in de Extra Beveiligde Inrichting?
Vraag 10
Waarom kan een gedetineerde in aanmerking komen voor fasering als de voorwaardelijke
invrijheidsstelling door de rechter is ingetrokken?
Vraag 11
Waarom kan een gedetineerde in aanmerking komen voor meer vrijheden indien hij betrokken
is bij feiten zoals genoemd in de vragen 4, 5 en 6?
Vraag 12
Wanneer gaat u inzien dat criminele kopstukken er alles aan zullen doen om in lagere
detentieregimes terecht te komen?
Vraag 13
Wat gaat u de samenleving precies uitleggen indien een gedetineerde zoals Lysander
de R. vanuit detentie wederom de samenleving vrees zal aanjagen en mogelijk ernstige
strafbare feiten zal laten plegen?
Vraag 14
Kunt u deze vragen afzonderlijk en uiterlijk 1 maart 2026 beantwoorden?
Vraag 15
Indien u bij beantwoording op sommige vragen zult antwoorden dat u «niet ingaat op
individuele gevallen», kunt u daarbij dan uitgebreid motiveren waarom u niet op individuele
gevallen kunt ingaan terwijl de uitvoering van strafrechtelijke vonnissen rechtstreeks
onder uw verantwoordelijkheid valt?
Indieners
-
Gericht aan
K.T. van Bruggen, staatssecretaris van Justitie en Veiligheid -
Indiener
Ulysse Ellian, Kamerlid
Gerelateerde documenten
Hier vindt u documenten die gerelateerd zijn aan bovenstaand Kamerstuk.