Schriftelijke vragen : Het onderzoek “Van Inzicht naar uitvoering van het Verwey-Jonker Instituut in Opdracht van Het Vergeten Kind.
Vragen van de leden Westerveld (GroenLinks-PvdA) en Synhaeve (D66) aan de Staatssecretaris van Volksgezondheid, Welzijn en Sport over het onderzoek «Van Inzicht naar uitvoering» van het Verwey-Jonker Instituut in Opdracht van Het Vergeten Kind (ingezonden 20 februari 2026).
Vraag 1
Herkent u de conclusies van de onderzoekers dat er in Nederland geen gebrek is aan
kennis over effectieve interventies, maar het niet lukt dit consequent en landelijk
toe te passen? Zo ja, wat zijn hier volgens u de belangrijkste redenen voor?
Vraag 2
Deelt u de analyse dat uithuisplaatsingen alleen ingezet zouden moeten worden wanneer
dit echt noodzakelijk is, gezien de ernstige korte- en langetermijngevolgen voor kinderen?
Herkent u ook de analyse van de onderzoekers dat de systeembarrieres, zoals versnippering,
risicomijding, hoge werkdruk, volle caseloads en perverse financiele prikkels, ertoe
leiden dat het huidige systeem vooral crisisinterventies en korte termijnkostenbeheersing
beloont en preventieve inzet te weinig? Welke rol ziet u om hierin bij te sturen?
Vraag 3
Erkent u het belang van focus op terugkeer vanaf dag één wanneer uithuisplaatsing
onvermijdelijk is, en het beperken van doorplaatsingen? Hoe monitort u dit en welke
prikkels/hulpmiddelen zet u in om doorplaatsingen te minimaliseren?
Vraag 4
Hoe verklaart u het dat al jaren in communicatie van zowel de rijksoverheid als gemeenten
wordt gesteld dat gezinsgericht werken het uitgangspunt is, maar jongeren ouders en
ook hulpverleners zelf aangeven dat er nog steeds teveel hulpverleners en instanties
over de vloer komen, dit ineffectief is en teveel overlegtijd kost in plaats van daadwerkelijke
hulp?
Vraag 5
Begrijpt u ook dat kinderen en ouders er soms wanhopig van worden, of in de weerstand
staan als ze aan de zoveelste persoon opnieuw hun verhaal moeten vertellen?
Vraag 6
Zijn er concrete plannen om domeinoverstijgend werken de norm te maken door het budget
flexibeler te maken waardoor gemeenten en utvoerende organisaties daadwerkelijk kunnen
samenwerken over de grenzen van jeugdzorg, onderwijs en zorg heen? Welke ruimte ziet
u om dit mogelijk te maken?
Vraag 7
Hoe maakt u van onderwijs een vaste partner in vroegsignalering en ondersteuning (gezamenlijke
plannen, continuïteit rond schoolgang, alternatieve leertrajecten), gezien de bewezen
betekenis van school als stabiele factor?
Vraag 8
Deelt u de meninig van de onderzoekers dat pilots en projecten enkel zin hebben als
de leerpunten daarna structureel verankerd worden? Welke rol heeft uw ministerie daarin?
Vraag 9
Op welke manier gaat u zorgen dat overal en structureel vroegtijdig samen met gezin
en netwerk een gedeelde verklarende analyse wordt gemaakt als basis voor passende
hulp? Erkent u dat dit een randvoorwaarde is vóór uithuisplaatsing?
Vraag 10
Deelt u dat goed toegeruste professionals cruciaal zijn voor zorgvuldige besluitvorming
rond uithuisplaatsingen, dat het huidige systeem dit onvoldoende beloont, en welke
rol neemt uw ministerie in het delen en opschalen van effectieve interventies?
Vraag 11
Bent u bereid om met uw collega’s op Onderwijs en Sociale Zaken in gesprek te gaan
met onderzoekers, hulpverleners, kinderen en ouders om de knelpunten in regelgeving
en beleid te inventariseren? Op welke andere manier kunt u «schotten doorbreken»,
zoals het advies luidt?
Indieners
-
Gericht aan
J.Z.C.M. Tielen, staatssecretaris van Volksgezondheid, Welzijn en Sport -
Indiener
Lisa Westerveld, Kamerlid -
Medeindiener
Marijke Synhaeve, Kamerlid
Gerelateerde documenten
Hier vindt u documenten die gerelateerd zijn aan bovenstaand Kamerstuk.