Antwoord schriftelijke vragen : Antwoord op vragen van de leden Sneller en Van Berkel over het wegvallen van de toegang tot het digitale betalingsverkeer voor de coffeeshopsector
Vragen van de leden Sneller en Van Berkel (beiden D66) aan de Ministers van Financiën, van Justitie en Veiligheid en van Volksgezondheid, Welzijn en Sport over het wegvallen van de toegang tot het digitale betalingsverkeer voor de coffeeshopsector (ingezonden 23 januari 2026).
Antwoord van Minister Heinen (Financiën), mede namens de Minister van Justitie en
Veiligheid en de Staatssecretaris van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (ontvangen
17 februari 2026)
Vraag 1
Bent u bekend met het bericht «Paniek in de coffeeshop: kan de cannabis straks niet
meer gepind?» en kunt u bevestigen dat het voor ondernemers in deze sector momenteel
onmogelijk is geworden om bij een in Nederland gevestigde betaaldienstverlener een
nieuw contract af te sluiten?1
Antwoord 1
Ik ben bekend met het artikel. Het is bekend dat het voor coffeeshops soms moeilijk
is om deel te nemen aan het betalingsverkeer via pin en dat zij soms hiervoor worden
afgewezen door betaaldienstverleners. Maar de betalingsverkeerketen bestaat uit meerdere
partijen.
Vraag 2, 3 en 4
Hoe beoordeelt u het feit dat legitieme, belastingbetalende ondernemers zelfs bij
minieme wijzigingen in hun bedrijfsvoering, zoals een noodzakelijke rechtsvormwijziging,
hun bestaande bankrelatie verliezen en nergens anders terecht kunnen?
Ziet u in deze beweging een bevestiging dat er sprake is van de facto categorale uitsluiting
van een hele sector?
Hoe rijmt u de ogenschijnlijke categorale uitsluiting met de wettelijke plicht van
financiële instellingen om een individuele risico-afweging te maken op basis van de
Wet ter voorkoming van witwassen en financieren van terrorisme (Wwft), zoals deze
plicht eerder werd bevestigd door de Minister van Financiën.
Antwoord 2, 3 en 4
De afgelopen periode heb ik mij ervoor hard gemaakt om de toegang tot het betalingsverkeer
voor ondernemers te verbeteren.2 In de casus uit het artikel gaat het om het opzeggen van bestaande pincontracten
tussen coffeeshops en de betaaldienstverlener CCV. Het gaat niet om een bankrelatie.
Volgens het artikel beëindigt CCV deze contracten omdat het aanbieden van pinbetalingen
aan coffeeshops als te risicovol wordt aangemerkt. Ik heb geen signalen dat dit samenhangt
met bijvoorbeeld een rechtsvormwijziging.
Het blijkt niet dat de opzeggingen te maken hebben met de Wwft. Op grond van de Wwft
moeten poortwachters, waaronder betaaldienstverleners en banken, op individuele basis
cliëntenonderzoek doen en een risicobeoordeling maken. Indien zij een witwasrisico
constateren dan dienen zij mitigerende maatregelen te nemen. Hierbij mag er geen sprake
zijn van categorale uitsluiting. Bepaalde sectoren mogen niet bij voorbaat worden
uitgesloten vanwege een hoger risico. Dat betekent dat ook bonafide coffeeshops toegang
moeten hebben tot het betalingsverkeer.
CCV stelt dat dit besluit een eigen afweging is. Het is bekend dat internationale
bedrijven zoals Visa en Mastercard, via wier netwerken de pinbetalingen lopen, eigen
voorwaarden stellen aan het gebruik van hun netwerken. Deze voorwaarden kunnen doorwerken
in de wijze waarop betaaldienstverleners hun dienstverlening en risicobeleid inrichten.
Van de Betaalvereniging Nederland begrijp ik dat ondernemers in deze specifieke sector
nog steeds keuzevrijheid ten aanzien van aanbieders van pincontracten hebben en dat
het daarmee nog steeds mogelijk is om pinbetalingen aan te bieden. Ik ga desalniettemin
in gesprek met Mastercard en Visa om duidelijkheid te krijgen over het probleem en
kijken naar een oplossing.
Vraag 5
Kunt u toelichten hoe het kan dat de situatie achteruit lijkt te gaan?
Antwoord 5
Coffeeshops hebben de afgelopen jaren problemen gehad om deel te (blijven) nemen aan
het betalingsverkeer. Dit heeft verschillende oorzaken. Zoals hierboven aangegeven
lijkt het niet zo te zijn dat de opzeggingen te maken hebben met de Wwft, waar bij
eerdere signalen sprake van was. De oorzaak lijkt te liggen in de eigen voorwaarden
van internationale ondernemingen in het betalingsverkeer. Met die ondernemingen ga
ik in gesprek over hun beleid.
Vraag 6
Erkent u dat de doelstellingen van de Wwft (het voorkomen van witwassen) juist worden
ondermijnd wanneer een sector collectief uit de gereguleerde financiële infrastructuur
wordt geduwd en volledig afhankelijk wordt van contant geld?
Antwoord 6
Het is niet in lijn met de doelstellingen van de Wwft dat een sector categoraal wordt
uitgesloten. Ondernemers moeten toegang hebben tot het betalingsverkeer. Ik vind het
niet wenselijk als bepaalde ondernemers en hun klanten uitsluitend afhankelijk zijn
van contante betalingen.
Vraag 7
Wat zijn de gevolgen voor de veiligheid van ondernemers, personeel en de openbare
orde als coffeeshops door deze, de facto, categorale uitsluiting van digitaal betalingsverkeer
noodgedwongen grote hoeveelheden contant geld opslaan en daarmee een groter risico
lopen op bijvoorbeeld overvallen?
Antwoord 7
Contant geld is een belangrijke terugvaloptie in het betalingsverkeer. Tegelijkertijd
is het bekend dat een sterke afhankelijkheid van contante betalingen gepaard gaat
met hogere veiligheidsrisico’s voor ondernemers. Het is niet wenselijk dat coffeeshops,
of andere ondernemingen, worden gedwongen om uitsluitend of grotendeels met contant
geld te werken doordat toegang tot digitaal betalingsverkeer ontbreekt.
Vraag 8
Hoe kijkt u aan tegen de verschuiving naar buitenlandse betaaldienstverleners; deelt
u de zorg dat hierdoor de grip op het toezicht (DNB) en de informatiepositie van opsporingsdiensten
(FIU/FIOD) ernstig verslechtert door het mechanisme van Home State Control?
Antwoord 8
In de Europese Unie gelden in beginsel dezelfde regels voor betaaldienstverleners.
Dit maakt dat het toezicht op betaaldienstverleners door Europese toezichthouders
in de regel vergelijkbaar is. Ook de Financial Intelligence Unit Nederland (FIU-NL)
en Fiscale Inlichtingen en Opsporingen Dienst (FIOD) krijgen structureel informatie
uit andere EU-lidstaten ten behoeve van het opsporen en beoordelen van grensoverschrijdende
financiële criminaliteit. Ook DNB kan informatie uitwisselen met andere EU-toezichthouders
op betaaldienstverleners.
Vraag 9
Vindt u het acceptabel dat Nederlandse ondernemers voor hun basisvoorzieningen afhankelijk
worden van buitenlandse partijen waar zij bij geschillen nauwelijks juridische bescherming
of verweer hebben onder de Nederlandse wet?
Antwoord 9
Betaaldienstverleners die actief zijn op de Nederlandse markt, waaronder CCV, vallen
onder het Europese en nationale toezichtskader voor het betalingsverkeer. Tegelijkertijd
is het zo dat onderdelen van de betaalketen, met name de kaartnetwerken, internationaal
zijn georganiseerd. Dit betekent dat Nederlandse ondernemers in de praktijk te maken
kunnen krijgen met voorwaarden en besluiten die niet uitsluitend onder Nederlands
recht vallen. Ik vind het belangrijk dat de betaalketen weerbaar blijft en daarom
zet ik mij in voor het borgen van de vitale betaalinfrastructuur in Nederland. Daarbij
kijken we ook kritisch naar afhankelijkheden van buitenlandse betaaldienstverleners
en kijken we naar de verdere ontwikkeling van Europese betaaloplossingen die kunnen
bijdragen aan een robuuster en diverser betalingsverkeer.
Vraag 10
Bent u bereid om, in het kader van zijn systeemverantwoordelijkheid voor een inclusief
betaalverkeer, met DNB in gesprek te gaan over een actiever handhavingsbeleid tegen
het categorisch weigeren van klanten?
Antwoord 10
Er vindt regelmatig overleg plaats met DNB over dit onderwerp. Zo is er het Maatschappelijk
Overleg Betalingsverkeer (MOB), waar DNB en het ministerie regelmatig in gesprek gaan
met aanbieders en afnemers van betaaldiensten over het categoraal beëindigen of beperken
van klantrelaties. Hierin worden ook actuele ontwikkelingen met betrekking tot een
inclusief betalingsverkeer besproken.
Vraag 11
Ziet u het risico dat deze financiële uitsluiting de geloofwaardigheid en het succes
van het Experiment Gesloten Coffeeshopketen ondermijnt, nu ook gecertificeerde ondernemers
binnen dit experiment tegen muren aanlopen bij banken?
Antwoord 11
Het is wenselijk dat het Experiment Gesloten Coffeeshopketen wordt voortgezet. Daarin
ligt ook een rol voor het betalingsverkeer. Indien deze ontwikkeling zich voortzet
en meerdere coffeeshophouders raakt, kan dat effect hebben op het verloop van het
experiment. Tot dusver zijn er geen signalen van deelnemende coffeeshophouders over
(problemen als gevolg van) financiële uitsluitingen door banken of betaaldienstverleners
en lijkt het in de casuïstiek te gaan om partijen die buiten het experiment vallen.
Vraag 12
Welke concrete stappen gaat u ondernemen om te garanderen dat deze legaal opererende
sector toegang behoudt tot het digitale betalingsverkeer nu de markt dit duidelijk
laat afweten?
Antwoord 12
Ik ga in gesprek met Visa en Mastercard om deze casus te bespreken. Hierin zal ik
ook de geldende juridische kaders toelichten en vragen om een proportionele, risico
gebaseerde beoordeling. Het is belangrijk om te benadrukken dat het wietexperiment
een expliciete en wettelijke basis heeft in de Wet experiment gesloten coffeeshopketen.
Daarnaast volgt het gedoogbeleid voor coffeeshops uit een aanwijzing van het Openbaar
Ministerie. Dit betekent dat het verkopen van cannabis onder strenge voorwaarden –
zoals geen verkoop aan minderjarigen, geen harddrugs, het voorkomen van overlast en
het hanteren van beperkte hoeveelheden – wordt gedoogd. Zolang coffeeshops binnen
die kaders opereren, vindt geen strafrechtelijke handhaving plaats. Het is om die
reden ook onwenselijk als coffeeshops worden afgesloten van betaaldienstverlening,
waardoor pinbetalingen niet langer mogelijk zijn.
Vraag 13
Kunt u deze vragen met de nodige spoed beantwoorden, aangezien de continuïteit van
bedrijven en de veiligheid op straat hier direct door in het geding zijn?
Antwoord 13
De vragen zijn met de nodige spoed beantwoord.
Ondertekenaars
-
Eerste ondertekenaar
E. Heinen, minister van Financiën -
Mede namens
F. van Oosten, minister van Justitie en Veiligheid -
Mede namens
J.Z.C.M. Tielen, staatssecretaris van Volksgezondheid, Welzijn en Sport
Bijlagen
Gerelateerde documenten
Hier vindt u documenten die gerelateerd zijn aan bovenstaand Kamerstuk.