Antwoord schriftelijke vragen : Antwoord op vragen van de leden Wilders en Raijer over overlast rond islamitische school Cornelius Haga Lyceum in Amsterdam
Vragen van de leden Wilders en Raijer (beiden PVV) aan de Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap over overlast rond islamitische school Cornelius Haga Lyceum in Amsterdam (ingezonden 29 januari 2026).
Antwoord van Staatssecretaris Becking (Onderwijs, Cultuur en Wetenschap) (ontvangen
16 februari 2026)
Vraag 1
Bent u bekend met het structurele en escalerende intimiderende gedrag van moslimjongeren
van het islamitische Cornelius Haga Lyceum in de Amsterdamse wijk Bos en Lommer? Wat
vindt u hiervan?1
Antwoord 1
De situatie is mij bekend. Ik vind het heel vervelend dat de wijkbewoners rondom het
Cornelius Haga Lyceum zoveel overlast ervaren van de school. Leerlingen horen zich
te gedragen, niet alleen binnen de muren van hun school, maar ook daarbuiten. En net
zoals alle leerlingen en leraren in ons land zich iedere dag weer veilig moeten voelen
op hun school, moet dat ook gelden voor de omwonenden in hun eigen leefomgeving.
De verantwoordelijkheid voor de handhaving van de openbare orde, de veiligheid en
het bieden van passende onderwijshuisvesting ligt bij de gemeente. Hierin is geen
rol weggelegd voor mijn ministerie. Wel is er op ambtelijk niveau nauw contact met
de gemeente Amsterdam. De gemeente heeft eerder al de nodige maatregelen getroffen
om de overlast te beteugelen.2 Zo wordt er extra gesurveilleerd rondom de school (zowel door de politie als door
straatcoaches), is jongerenwerk binnen en buiten de school aanwezig om met jongeren
in gesprek te gaan en wordt ook de schoolleiding betrokken bij het optreden tegen
de groep overlastgevende jongeren. Deze maatregelen worden gecontinueerd. Mijn beeld
is dat de gemeente en haar samenwerkingspartners alles op alles zetten om de overlast
te beperken.
Vraag 2
Deelt u de mening dat de situatie waarbij omwonenden dagelijks worden geconfronteerd
met vernielingen, bedreigingen, grove scheldpartijen, het doelbewust blokkeren van
toegang tot woningen door groepen moslimjongeren en het systematisch onveilig maken
van de openbare ruimte in Nederland totaal onacceptabel is en niet in Nederland thuishoort?
Zo ja, wat gaat u hieraan doen, zo nee, waarom niet?
Antwoord 2
Zie mijn antwoord op vraag 1.
Vraag 3
Deelt u de mening dat hier sprake is van normverwerping en groepsintimidatie door
aanhangers van een islamitische cultuur die ons structureel ondermijnt?
Antwoord 3
De berichten in de media doen vermoeden dat hier sprake is van grensoverschrijdend
gedrag en groepsintimidatie door middelbare scholieren. Dit ondermijnt het gevoel
van veiligheid dat de wijkbewoners ervaren. Dat vind ik zeer onwenselijk.
Vraag 4
Deelt u onze mening dat de islam niet bij Nederland hoort? Zo nee, waarom niet?
Antwoord 4
Nee. In Nederland geldt vrijheid van godsdienst.
Vraag 5
Bent u bereid alle islamitische scholen te sluiten? Zo nee, waarom niet?
Antwoord 5
Nee. Ik heb de intentie noch de bevoegdheid om zonder wettelijke grondslag willekeurige
groepen scholen te sluiten.
Vraag 6
Bent u bereid om eindelijk hard in te grijpen door de daders hard te straffen en waar
mogelijk te denaturaliseren en uit ons land te verwijderen? Zo nee, waarom niet?
Antwoord 6
Wanneer er sprake is van strafbare feiten, is het aan de rechter om hierover te oordelen.
Ik ben niet bevoegd om dergelijke strafmaatregelen te treffen.
Vraag 7
Deelt u de diepe zorgen van de buurtbewoners dat het Cornelius Haga Lyceum en zijn
leerlingen inmiddels bezig lijken met het «oprichten van een eigen islamitische staat»
binnen de Amsterdamse wijk Bos en Lommer en bent u bereid te erkennen dat de aanhoudende
intimidatie, de grove scheldpartijen en de systematische onveiligheid het directe
gevolg zijn van een barbaarse ideologie gestoeld op de leer van Mohammed die gericht
is op onze onderwerping en vernedering en bovendien de Westerse en Nederlandse normen
en waarden en het gezag structureel verwerpt? Zo nee, waarom niet?
Antwoord 7
Ik deel de zorgen van de buurtbewoners over de overlast die zij ervaren. Mijn departement
staat in contact met de gemeente Amsterdam en zal de situatie blijven volgen.
Ondertekenaars
K.M. Becking, staatssecretaris van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap
Bijlagen
Gerelateerde documenten
Hier vindt u documenten die gerelateerd zijn aan bovenstaand Kamerstuk.