Schriftelijke vragen : Het bericht 'Carnavalswagen bouwen steeds duurder, daarom betalen gemeenten mee'
Vragen van de leden De Kort en Van Eijk (beiden VVD) aan de Ministers van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap en van Infrastructuur en Waterstaat over het bericht «Carnavalswagen bouwen steeds duurder, daarom betalen gemeenten mee» (ingezonden 12 februari 2026).
Vraag 1
Heeft u kennisgenomen van het bericht «Carnavalswagen bouwen steeds duurder, daarom
betalen gemeenten mee»?1
Vraag 2
Deelt u de mening dat carnaval onderdeel is van ons culturele immateriële erfgoed?
Vraag 3
Maakt u zich ook zorgen over de toekomst van carnaval doordat verenigingen onder druk
staan van regeldruk en bureaucratie?
Vraag 4
Bent u van mening dat milieuzones in binnensteden geen belemmering moeten vormen voor
praalwagens in optochten?
Vraag 5
Wat vindt u van de toegenomen eisen die gesteld worden aan vrijwillige verkeersregelaars
bij optochten?
Vraag 6
Bent u bereid om in gesprek te treden met verzekeraars om deregulering te bewerkstelligen,
aangezien de verzekeringsvoorwaarden en bureaucratie in relatie tot praalwagens is
toegenomen?
Vraag 7
Deelt u de mening dat er een uitzonderingsmogelijkheid op de kentekenplicht kan gelden
voor praalwagens?
Vraag 8
Deelt u de mening dat de stapeling van lokale regels, vergunningseisen en aanvullende
voorschriften ertoe leidt dat carnavalsverenigingen onevenredig veel tijd en middelen
kwijt zijn aan administratie in plaats van aan het organiseren van optochten? Zo ja,
welke mogelijkheden ziet u om deze regeldruk te verminderen?
Vraag 9
Bent u bereid om, in overleg met gemeenten en veiligheidsregio’s, te bezien hoe meer
ruimte kan worden geboden aan initiatieven voor carnavalsoptochten, bijvoorbeeld door
het vereenvoudigen van procedures en het creëren van proportionele en werkbare kaders,
zodat verenigingen worden gestimuleerd in plaats van belemmerd? Zo nee, waarom niet?
Vraag 10
Welke concrete stappen bent u bereid te zetten om carnaval actiever te promoten als
immaterieel cultureel erfgoed van Nederland, teneinde het draagvlak en de waardering
voor deze traditie te vergroten?
Vraag 11
Kunt u, indachtig het belang van het behoud van Nederlandse tradities, toezeggen dat
u zich ervoor zal inzetten dat carnaval niet ten onder gaat aan een overmaat aan regels
en bureaucratie, zodat ook toekomstige generaties – van Prins Carnaval tot Raad van
Elf – onbezorgd de polonaise kunnen blijven lopen?
Indieners
-
Gericht aan
G. Moes, minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap -
Gericht aan
R. Tieman, minister van Infrastructuur en Waterstaat -
Indiener
Daan de Kort, Kamerlid -
Medeindiener
Wendy van Eijk, Kamerlid
Gerelateerde documenten
Hier vindt u documenten die gerelateerd zijn aan bovenstaand Kamerstuk.