Antwoord schriftelijke vragen : Antwoord op vragen van het lid El Abassi over doucheverplichtingen voor minderjarigen bij sportverenigingen
Vragen van het lid El Abassi (DENK) aan de aan de Staatssecretaris van Volksgezondheid, Welzijn en Sport over doucheverplichtingen voor minderjarigen bij sportverenigingen (ingezonden 23 januari 2026).
Antwoord van Staatssecretaris Tielen (Volksgezondheid, Welzijn en Sport) (ontvangen
10 februari 2026).
Vraag 1
Heeft u kennisgenomen van het bericht «Ruzie tussen ouders en PSV Handbal escaleert:
drie meisjes (11) uit club gezet», waarin drie minderjarige meisjes na een conflict
over douchen bij de sportvereniging zijn geroyeerd?1
Antwoord 1
Ja, ik heb kennis genomen van dit bericht.
Vraag 2
Bent u bekend met de betrokkenheid van Muslim Rights Watch Nederland (MRWN), die namens
de ouders heeft aangegeven dat binnen de betreffende sportvereniging sprake was van
een doucheplicht voor minderjarige meisjes?
Antwoord 2
Ja, ik heb in het bericht gelezen over de betrokkenheid van Muslim Rights Watch Nederland.
Vraag 3
Hoe beoordeelt u het feit dat in het huisreglement van de betreffende vereniging expliciet
staat dat douchen na trainingen en wedstrijden verplicht is, terwijl de vereniging
publiekelijk stelt dat van een doucheplicht geen sprake is?
Antwoord 3
Het is niet aan mij om een standpunt in te nemen over individuele zaken van sportverenigingen
of beslissingen binnen een vereniging. Dat is aan verenigingen zelf. Daarbij is het
aanbevelingswaardig dat sportverenigingen helder en consistent communiceren over hun
reglement richting hun leden. Het is aan het bestuur van de vereniging om te bezien
of de vastgelegde regels en de communicatie daarover voldoende op elkaar zijn afgestemd.
Vraag 4
Kunt u aangeven of en onder welke voorwaarden sportverenigingen minderjarigen mogen
verplichten zich uit te kleden en gezamenlijk te douchen, en hoe dit zich verhoudt
tot het beleid rondom sociale veiligheid in de sport en het recht op lichamelijke
integriteit van kinderen?
Antwoord 4
Sportverenigingen hebben de vrijheid om hier afspraken over te maken en dit vast te
leggen in hun reglementen. Dat betekent dat zij leden in beginsel kunnen verplichten
om na het sporten te douchen of zich op te frissen. NOC*NSF geeft aan dat douchen
na trainingen en wedstrijden wordt gestimuleerd, onder meer vanuit hygiënisch oogpunt
en ter bevordering van herstel en blessurepreventie.
Het is belangrijk dat sportverenigingen het beleid rondom sociale veiligheid zorgvuldig
vormgeven, rekening houdend met persoonlijke grenzen, privacy en de ontwikkelingsfase
van minderjarigen. In de praktijk gaan verenigingen in gesprek met leden, sporters
en ouders, bieden ruimte voor maatwerk en maken alternatieven mogelijk. Diverse sportbonden
adviseren en ondersteunen hun verenigingen daarbij, onder andere aan de hand van handreikingen
en adviezen op hun websites.
Vraag 5
Deelt u de opvatting dat het royeren van minderjarige sporters een zeer ingrijpende
maatregel is?
Antwoord 5
Het is niet aan mij om een standpunt in te nemen over individuele zaken van sportverenigingen
of beslissingen binnen een vereniging.
Vraag 6
Bent u bereid te bezien of bestaande landelijke richtlijnen rondom Veilig Sporten
voldoende duidelijk zijn over vrijwilligheid, maatwerk en ouderbetrokkenheid bij gevoelige
kwesties zoals douchen door minderjarigen?
Antwoord 6
Het is aan verenigingen zelf om hun beleid te ontwikkelen en hierover reglementen
te laten vaststellen door hun ledenvergadering. NOC*NSF voegt daaraan toe dat er geen
landelijke, richtlijnen zijn die specifiek voorschrijven of en hoe sportverenigingen
omgaan met het douchen door minderjarigen. Zie ook mijn antwoord op vraag 4.
Ondertekenaars
J.Z.C.M. Tielen, staatssecretaris van Volksgezondheid, Welzijn en Sport
Bijlagen
Gerelateerde documenten
Hier vindt u documenten die gerelateerd zijn aan bovenstaand Kamerstuk.