Mededeling (uitstel antwoord) : Uitstel beantwoording vragen van het lid Stoffer over de gevolgen van de voorgenomen actualiseringsplicht voor onttrekkingsvergunningen voor warmteprojecten
Vragen van het lid Stoffer (SGP) aan de Ministers van Infrastructuur en Waterstaat en van Klimaat en Groene Groei over de gevolgen van de voorgenomen actualiseringsplicht voor onttrekkingsvergunningen voor warmteprojecten (ingezonden 2 februari 2026).
Mededeling van Minister Hermans (Klimaat en Groene Groei) (ontvangen 9 februari 2026).
Vraag 1
Kunt u inzichtelijk maken wat de gevolgen van de voorgenomen actualiseringsplicht
voor onttrekkings- en lozingsvergunningen1 zijn voor warmteprojecten in het kader van de energietransitie die een onttrekkings-
en lozingsvergunning nodig hebben (TEO/WKO)?
Vraag 2
Zijn warmteprojecten meegenomen in het onderzoek naar de uitvoerbaarheid van een landelijke
vergunning- of meldingsplicht?
Vraag 3
Is de veronderstelling juist dat er nog relatief weinig kennis is over de daadwerkelijke
effecten van warmteprojecten en -installaties op de waterkwaliteit en dat een actualiseringsplicht
derhalve investeringsrisico’s met zich meebrengt?
Vraag 4
Deelt u de analyse dat warmteprojecten, zeker wanneer sprake is van collectieve warmtenetten,
pas van de grond kunnen komen als vooraf zeker is gesteld dat voor enkele decennia
warmte geleverd kan worden en de investering terugverdiend kan worden?
Vraag 5
Deelt u de analyse dat een actualiseringsplicht met een frequentie van bijvoorbeeld
tien jaar2 de gewenste investeringszekerheid voor warmteprojecten dusdanig aantast dat de investeringsbereidheid
zal dalen en dat maatschappelijk gewenste warmteprojecten moeilijker van de grond
zullen komen? Zo nee, waarom niet? Zo ja, hoe waardeert u deze impact in het licht
van de energie- en warmtetransitie?
Vraag 6
Deelt u de mening dat warmteprojecten, ook bij de uitwerking van genoemde regelgeving,
in principe gezien moeten worden als projecten van hoger openbaar belang3, gelet op de bijdrage aan de doelen voor hernieuwbare energie (REDIII) en klimaat
en het belang van leveringszekerheid richting eindgebruikers?
Vraag 7
Hoe kunnen bedrijven en huishoudens verzekerd blijven van de levering van hun duurzame
warmte(netten), als de daarvoor benodigde watervergunning bij een actualisering ingeperkt
en/of ingetrokken wordt in geval van een mogelijk negatief effect op de waterkwaliteit
ter plekke?
Vraag 8
Is de veronderstelling juist dat de Kaderrichtlijn Water ruimte biedt om een actualiseringsverplichting
zodanig in te vullen dat deze niet generiek geldt, maar alleen van toepassing wordt
voor risicovolle activiteiten en zo dicht mogelijk blijft bij de huidige verplichting
op basis van artikel 5.38 van de Omgevingswet?
Vraag 9
Bent u voornemens de voorgenomen actualiseringsplicht en aanverwante wijzigingen zodanig
in te vullen dat deze gericht wordt op risicovolle activiteiten dan wel dat een uitzonderingspositie
gecreëerd wordt voor warmteprojecten, en dat de gewenste investeringszekerheid voor
warmteprojecten niet onnodig aangetast wordt? Zo nee, waarom niet?
Mededeling
De vragen van het lid Stoffer (SGP) over de gevolgen van de voorgenomen actualiseringsplicht
voor onttrekkingsvergunningen voor warmteprojecten kunnen niet binnen de gebruikelijke
termijn worden beantwoord. Er is meer tijd nodig voor de benodigde interdepartementale
afstemming. Het kabinet zal de Kamer zo spoedig mogelijk de antwoorden op de vragen
doen toekomen.
Ondertekenaars
S.T.M. Hermans, minister van Klimaat en Groene Groei
Gerelateerde documenten
Hier vindt u documenten die gerelateerd zijn aan bovenstaand Kamerstuk.