Antwoord schriftelijke vragen : Antwoord op vragen van de leden Straatman en Boelsma-Hoekstra over over het bericht ‘Steeds meer lokale bestuurders laten veiligheidsscan uitvoeren, mede door toename online dreiging’
Vragen van de leden Straatman en Boelsma-Hoekstra (beiden CDA) aan de Ministers van Justitie en Veiligheid en van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties over het bericht «Steeds meer lokale bestuurders laten veiligheidsscan uitvoeren, mede door toename online dreiging» (ingezonden 9 januari 2026).
Antwoord van Minister Rijkaart (Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties) (ontvangen
2 februari 2026).
Vraag 1
Bent u bekend met het bericht dat steeds meer lokale bestuurders een veiligheidsscan
laten uitvoeren, mede door de toename van online dreigingen?1
Antwoord 1
Ja, met dit bericht ben ik bekend.
Vraag 2
Hoe beoordeelt u dat lokale bestuurders steeds vaker preventief veiligheidsscans laten
uitvoeren vanwege online dreiging, en bent u het met de leden van de CDA-fractie eens
dat dit wijst op een structureel en genormaliseerd veiligheidsprobleem? Zo nee, waarom
niet?
Antwoord 2
De veiligheidsscans voor decentrale bestuurders en de maatregelen die op basis hiervan
getroffen worden zijn preventief. Bestuurders kunnen hiervan gebruik maken om hun
weerbaarheid tegen dreigingen te vergroten, ook (en juist) wanneer de bestuurder nog
geen agressie, intimidatie of bedreiging heeft meegemaakt. Het is dus goed dat decentrale
bestuurders gebruik maken van de mogelijkheid om preventief maatregelen te laten treffen.
Het is niettemin betreurenswaardig dat deze maatregelen überhaupt nodig zijn. Geweld
tegen politieke ambtsdragers is niet normaal en dat moeten we ook absoluut niet normaal
gaan vinden.
Vraag 3
Over welke actuele cijfers en trends beschikt u met betrekking tot online intimidatie,
bedreiging en doxing van lokale bestuurders, en hoe verhouden deze zich tot eerdere
jaren?
Antwoord 3
Elke twee jaar laat ik onderzoek doen naar de mate waarin lokale politieke ambtsdragers
te maken krijgen met agressie en intimidatie. De uitkomsten van dit onderzoek worden
gepubliceerd in de Monitor Integriteit en Veiligheid. Sinds de editie van 2022 is
hierin meer aandacht voor online agressie. Daaruit blijkt dat 39% van decentrale politieke
ambtsdragers te maken heeft gehad met online agressie. In 2024 bedroeg dit 37%. Dit
jaar verschijnt wederom de Monitor Integriteit en Veiligheid. Vanuit politie en het
Openbaar Ministerie zijn nog geen definitieve cijfers bekend over het aantal zaken
van doxing van politieke ambtsdragers. Wel is dit aantal tot nu toe zeer beperkt.
Vraag 4
Welke landelijke, structurele voorzieningen ten behoeve van preventieve veiligheidsondersteuning
van lokale bestuurders zijn er beschikbaar?
Antwoord 4
Vanuit het programma Weerbaar Bestuur en het Netwerk Weerbaar Bestuur zijn de volgende
voorzieningen beschikbaar:
• Het Netwerk Weerbaar Bestuur biedt verschillende handreikingen aan decentrale bestuurders,
zoals de veiligheidspakketten voor burgemeesters, gemeentesecretarissen en griffiers,
en voorbeeldprotocollen voor hoe een organisatie om moet gaan met agressie.
• Het Ondersteuningsteam Weerbaar Bestuur (OTWB) bevordert de bewustwording van bestuurders,
volksvertegenwoordigers en ambtenaren over het belang van weerbaarheid. Ook is het
OTWB via een hulplijn 24/7 bereikbaar voor alle politieke ambtsdragers om praktische
adviezen te geven.
• Raadsleden, Statenleden en algemeen bestuursleden van waterschappen kunnen bij het
Centrum voor Criminaliteitspreventie en Veiligheid (CCV) een veiligheidsscan aanvragen.
Decentrale bestuurders kunnen ook bij het CCV een beveiligingsadvies op maat aanvragen.
Deze worden beiden door mijn ministerie gefinancierd.
Vraag 5
Kunt u toelichten in hoeverre veiligheidsscans en de opvolging daarvan landelijk uniform
zijn ingericht, of dat sprake is van versnippering in kwaliteit en aanpak?
Antwoord 5
Door de Regeling veilig wonen kunnen decentrale bestuurders sinds 1 januari 2024 een
beveiligingsadvies op maat krijgen. Deze beveiligingsadviezen worden uitgevoerd door
het CCV en gefinancierd door mijn ministerie. Veiligheidsexperts van het CCV werken
volgens een uniform en zorgvuldig vastgesteld proces, van veiligheidsgesprek en woningschouw
tot en met het opstellen van een adviesrapport. De CCV-adviseur spreekt met de bestuurder
en diens werkgever en betrekt relevante openbroninformatie. Deze gecombineerde informatie
vormt de basis voor het risicoprofiel en voor preventieve beveiligingsmaatregelen
voor de individuele bestuurder. Er is in de advisering ruimte voor maatwerk. De experts
bezien per situatie welke preventieve maatregelen passend en noodzakelijk zijn. Het
rapport wordt door de Beveiligingsautoriteit van mijn ministerie getoetst op proportionaliteit
en vervolgens vastgesteld. De uitvoering van het advies ligt bij de bestuurder en
diens werkgever.
Vraag 6
Hoe wordt voorkomen dat de mate van bescherming tegen online dreiging afhankelijk
is van de grootte, financiële middelen of bestuurskracht van een gemeente?
Antwoord 6
Het is belangrijk dat alle gemeenten weerbaar zijn tegen de verschillende vormen van
oneigenlijke druk, ongeacht de grootte, financiële middelen of bestuurskracht. Ik
heb daarom aandacht voor de positie van kleinere gemeenten. Zo gaat het Ondersteuningsteam
Weerbaar Bestuur langs alle gemeenten, provincies en waterschappen om de bewustwording
over risico’s en omgang met (online) agressie en intimidatie onder politici te vergroten,
is het Netwerk Weerbaar Bestuur erop ingericht om kennisuitwisseling en regionale
samenwerking tussen grote en kleinere gemeenten te stimuleren en bestaat er een speciale
meerjarige decentralisatie-uitkering om de slagkracht van kleinere gemeenten tegen
oneigenlijke druk te vergroten. Ook is bij de toekenning van de middelen via de decentralisatie-uitkering
voor veiligere vergaderingen rekening gehouden met het inwoneraantal van de betreffende
gemeenten en provincies, waarbij kleinere gemeenten relatief meer ontvangen.
Vraag 7
Welke signalen heeft u dat aanhoudende online dreiging leidt tot zelfcensuur, terughoudendheid
of aangepast optreden van lokale bestuurders?
Antwoord 7
Vanuit de media, gesprekken met lokale bestuurders en cijfers uit de Monitor Integriteit
en Veiligheid ontvang ik signalen dat alle vormen van agressie verschillende negatieve
effecten hebben. De effecten lopen uiteen van verminderd werkplezier tot aangepast
social media gebruik en het zich niet meer kandideren voor een volgende bestuursperiode.
Dit is onacceptabel. Bestuurders moeten vrij hun werk kunnen doen. Het is belangrijk
dat bij aanhoudende online dreiging de organisatie en de politie worden ingeschakeld,
zodat er bijvoorbeeld stopgesprekken plaatsvinden en eventueel strafrechtelijk kan
worden opgetreden.
Vraag 8
In hoeverre ziet u risico’s voor de instroom, het behoud en het functioneren van lokale
bestuurders, en daarmee voor de continuïteit en kwaliteit van het lokaal bestuur?
Antwoord 8
Agressie en bedreigingen zijn een grote aantasting van het ongestoord functioneren
van de lokale democratie. Toch komt uit onderzoek niet eenduidig naar voren dat politieke
ambtsdragers hun ambt neerleggen vanwege agressie en bedreigingen. Ook noemen politieke
partijen agressie en intimidatie niet als de belangrijkste reden waarom het lastig
is om nieuwe kandidaten te vinden.
Een overgrote meerderheid van de politieke ambtsdragers die te maken krijgt met agressie
ervaart hierdoor negatieve gevolgen. Dit tast de integriteit van het openbaar bestuur
aan en daarom moeten we politieke ambtsdragers hierbij zo goed mogelijk ondersteunen.
Vraag 9
Hoe is de samenwerking tussen gemeenten, politie en het Openbaar Ministerie ingericht
bij signalen die voortkomen uit veiligheidsscans, en acht u deze samenwerking toereikend?
Antwoord 9
Signalen uit het adviesrapport van het CCV kunnen voor de bestuurder en/of werkgever
aanleiding zijn voor contact met de lokale politie of het Openbaar Ministerie. Het
is aan de vaste partners binnen de lokale veiligheidsdriehoek zelf om hierover waar
nodig met elkaar in contact te treden. Er zijn mij geen signalen bekend dat dit niet
goed verloopt. Daarnaast kan de Beveiligingsautoriteit van BZK naar aanleiding van
een casus van een lokale bestuurder afstemming zoeken met de Politie of het OM om
te bezien of eventuele aanvullende inzet te realiseren is.
Vraag 10
Bent u bereid te bezien of een meer structurele landelijke aanpak, bijvoorbeeld via
uniforme standaarden, centrale ondersteuning of aanvullende regelgeving, nodig is
om lokale bestuurders beter te beschermen tegen online intimidatie en bedreiging?
Antwoord 10
Hoewel er ruime mogelijkheden zijn om strafrechtelijk te kunnen optreden tegen intimidatie
van lokale bestuurders en verstoringen van het democratische proces, blijkt dat online
intimidaties en bedreigingen minder snel als strafbaar feit kunnen worden aangemerkt.
Er is meer kennis nodig over online intimidatie en bedreiging en daar zet ik me de
komende tijd voor in. Daarnaast ga ik aan de slag met modelaangifte voor decentrale
politieke ambtsdragers waardoor de kwaliteit van aangiftes verbeterd en het doen van
aangifte makkelijker wordt.
Ik ben bereid om samen met mijn ambtsgenoot van JenV te bezien of een meer structurele
landelijke aanpak noodzakelijk en wenselijk is om lokale bestuurders beter te beschermen
tegen online intimidatie en bedreiging. Daarbij zal ik kijken naar de mogelijkheden
van uniforme standaarden, versterking van ondersteuning en, waar nodig, aanvullende
regelgeving wanneer strafrechtelijke vervolging onvoldoende kansrijk is.
Ondertekenaars
F. Rijkaart, minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties
Bijlagen
Gerelateerde documenten
Hier vindt u documenten die gerelateerd zijn aan bovenstaand Kamerstuk.