Antwoord schriftelijke vragen : Antwoord op vragen van de leden Wilders en Faber over de deelname van de politie aan het Halal Village Festival
Vragen van de leden Wilders en Faber (beiden PVV) aan de Minister van Justitie en Veiligheid over de deelname van de politie aan het Halal Village Festival (ingezonden 10 december 2025).
Antwoord van Minister Van Oosten (Justitie en Veiligheid) (ontvangen 30 januari 2026).
Zie ook Aanhangsel Handelingen, vergaderjaar 2025–2026, nr. 778.
Vraag 1
Bent u bekend met het artikel «Politie tussen watermeloenen en omstreden Islamic Relief
op «halal-huishoudbeurs»: «Het is imagobuilding»»?1
Antwoord 1
Ja.
Vraag 2
Was u op de hoogte van deze deelname van de politie?
Antwoord 2
Ik word in de regel niet vooraf geïnformeerd over lokale wervings- en voorlichtingsactiviteiten
van de politie, zoals ook bij de genoemde beurs. Dit betreft een aangelegenheid van
de korpschef.
Vraag 3
Bent u het eens met de stelling dat dit festival een pro-Palestijnse activistische
lading heeft daar waar het festival werd gedecoreerd met Palestijnse vlagen, watermeloenen,
hét symbool van de Palestijnse strijd, en de leus «from the river to the sea», waarover
de Kamer via een aangenomen motie, de regering heeft verzocht om deze uitdrukking
als een oproep tot geweld te beschouwen? Zo nee, waarom niet?
Antwoord 3
Ik heb kennisgenomen van de online gedeelde uitingen waarin de politie in verband
wordt gebracht met het Halal Village Festival, zodanig als partner wordt aangekondigd,
waaronder uitingen met de door u geduide symboliek. De politie heeft mij laten weten
dat het gestelde partnership vooraf niet bekend was en onwenselijk is. De politie
heeft hier lessen uit getrokken en zal in de toekomst scherper zijn op het gebruik
van beeldmateriaal van de politie door derden. Zo is de uiting met watermeloensymboliek
zonder toestemming van de politie geplaatst en daarom op verzoek door de organisatie
verwijderd.
Vraag 4
Op het festival werd kleding te koop aangeboden van het merk «Ready to Resist» met
als slogan «Join the fight»; gezien in de context van geweld: is dit niet een oproep
tot geweld?
Antwoord 4
Of er sprake is van een oproep tot geweld is afhankelijk van de concrete context en
omstandigheden en is aan het Openbaar Ministerie en de rechter om te beoordelen.
Vraag 5
Kunt u uitleggen waarom de politie wel tijd heeft om naar deze halal-huishoudbeurs
te gaan terwijl tegelijkertijd de politie te weinig capaciteit heeft om de kerntaken
uit te voeren? Zijn de kerntaken ondergeschikt aan de halal-huishoudbeurs?
Antwoord 5
Een wervingsinzet op een evenement is geen vervanging van operationele politietaken.
Naast recruitmentmedewerkers maakt de politie gebruik van blauwe ambassadeurs. Dit
zijn politiemedewerkers met operationele ervaring die op evenementen, zoals ook bij
de Halal Village, enthousiast vertellen over hun werk. De inzet op werving en voorlichting
is er juist op gericht om de capaciteit op termijn te vergroten en daarmee de kerntaken
te kunnen blijven uitvoeren.
Vraag 6
Bent u ervan op de hoogte van het feit dat een voormalig bewindspersoon, na overleg
met de veiligheidsdiensten, de rijkssubsidie aan Islamic Relief heeft gestopt?
Antwoord 6
In 2021 is door de toenmalig Minister voor Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking
besloten geen subsidie te verlenen aan Islamic Relief Worldwide, mede op basis van
beschikbare informatie van andere donoren aan deze organisatie.
Vraag 7
Bent u ervan op de hoogte dat in Duitsland die organisatie is aangeduid als verlengstuk
van de Moslimbroederschap?
Antwoord 7
De Duitse Bondsregering heeft in een officiële beantwoording aan de Bondsdag vermeld
dat Islamic Relief Worldwide en Islamic Relief Deutschland volgens haar kennis beschikken
over «significante persoonlijke relaties» met de Moslimbroederschap of daarmee verbonden
organisaties.
Vraag 8
Bent u ervan op de hoogte dat de Algemene Inlichtingen- en Veiligheidsdienst in het
onderzoek naar de Moslimbroederschap in Nederland geconstateerd heeft dat de activiteiten
van de beweging op de lange termijn een risico zouden kunnen vormen voor de democratische
rechtsorde in Nederland?
Antwoord 8
De AIVD heeft in het jaarverslag2 van 2023 gerapporteerd dat de invloed en omvang van het netwerk van Moslimbroeders
in Nederland in 2023 zeer beperkt was en geen extremistische boodschap leek uit te
dragen. Daarom vormde het nauwelijks een dreiging voor de democratische rechtsorde.
Vraag 9
Bent u het ermee eens dat Islamic Relief een terroristische organisatie is?
Antwoord 9
De beoordeling of er sprake is van een terroristische organisatie is voorbehouden
aan de rechter. Daarnaast kan de Minister van Buitenlandse Zaken bij voldoende aanwijzingen
van betrokkenheid bij terroristische activiteiten, in overeenstemming met de Minister
van Financiën en de Minister van Justitie en Veiligheid, personen of organisaties
op de nationale sanctielijst terrorisme plaatsen. Islamic Relief Nederland staat niet
als terroristische organisatie op de sanctielijst zoals die door de EU wordt gehanteerd,
noch volgt dat uit de Nederlandse verwijzingen naar die internationale sanctielijsten.
Vraag 10
Is het bemensen van een politiestand pontificaal naast de organisatie Islamic Relief
niet een uiting van acceptatie van deze terroristische organisatie? Zo nee, waarom
niet?
Antwoord 10
De plaatsing van de politiestand naast de stand van Islamic Relief is dit jaar toeval
geweest. Hiervan was de politie niet op de hoogte gesteld en ook had zij hier zelf
geen hand in.
Vraag 11
Is het niet van de zotte dat de politie personeel gaat werven op een festival met
een pro-Palestijnse activistische sfeer, waar oproep tot geweld plaatsvindt en dat
terwijl het antisemitisme toeneemt? Zo nee, waarom niet?
Antwoord 11
De politie zet in op werving en promotie van nieuwe medewerkers. De werving op deze,
en andere beurzen, draagt bij aan de versterking van de verbinding met de samenleving.
Vraag 12 en 13
Waarom is de politie partner in dit festival? Zijn er kosten verbonden aan het partnerschap?
En hoeveel heeft de politie bijgedragen in totaal aan dit festival?
Hoe kan de politie een partnerschap aangaan met een festival waar óók de terroristische
organisatie Islamic Relief een belangrijke partner is? Of is dit een onderdeel van
«imagobuilding»?
Antwoord 12 en 13
De politie heeft mij laten weten dat het gestelde partnership vooraf niet bekend was
en tevens onwenselijk is. De politie heeft hier lessen uit getrokken en zal in de
toekomst scherper zijn op het gebruik van beeldmateriaal van de politie door derden.
Zo zijn de op sociale media gedane uitingen met watermeloensymboliek zonder toestemming
van de politie geplaatst en daarom op verzoek door de organisatie verwijderd.
Vraag 14
In hoeverre kan je nog spreken dat de politie neutraal is en dient deelname aan dit
soort evenementen niet per direct te stoppen? Zo nee, waarom niet?
Antwoord 14
De politie zet in op werving en promotie van nieuwe medewerkers. De werving op deze
beurs, en andere beurzen, draagt bij aan de versterking van de verbinding met de samenleving.
De korpsleiding ziet toe op de neutraliteit en op de juiste interpretatie en uitvoering
van de beroeps- en gedragscode. De politie evalueert haar deelname aan dit evenement
en weegt de neutraliteit van de politie daarbij zwaar mee.
Vraag 15
Bent u bereid om de politie de opdracht te geven om per direct met deelname aan dergelijke
activiteiten te stoppen? Zo nee, waarom niet?
Antwoord 15
Het is aan de politie om te bepalen op welke beurs zij staan om nieuwe medewerkers
te werven. De politie weegt hierin mee of de neutraliteit van de politie kan worden
behouden. De politie vindt het belangrijk om de verschillende doelgroepen te bereiken
voor de werving van nieuw personeel en de verbinding met de samenleving.
De korpschef heeft aangegeven deze casus te evalueren en waar nodig de afwegingskaders
aan te scherpen, zodat deelname aan evenementen niet kan leiden tot (de schijn van)
aantasting van de neutraliteit of het gezag van de politie. Uit dit voorval is in
ieder geval gebleken dat de politie aan de voorkant betere afspraken moet maken met
de organisatie over het gebruik van het politiebeeldmateriaal. Hieruit heeft zij lessen
getrokken.
Ondertekenaars
F. van Oosten, minister van Justitie en Veiligheid
Gerelateerde documenten
Hier vindt u documenten die gerelateerd zijn aan bovenstaand Kamerstuk.