Motie : Motie van het lid Van der Plas over aanvullend onderzoek naar de vraag of het in de VGO-studies gevonden statistische verband ook geldt voor andere vormen van verblijf dan wonen
29 683 Dierziektebeleid
Nr. 324
MOTIE VAN HET LID VAN DER PLAS
Voorgesteld 29 januari 2026
De Kamer,
gehoord de beraadslaging,
constaterende dat het VGO-onderzoek uitsluitend betrekking heeft op wonen in de nabijheid
van geitenhouderijen en VGO geen onderzoek heeft gedaan naar andere vormen van verblijf,
zoals werken, onderwijs, zorg of recreatie;
constaterende dat in het VGO-onderzoek geen verschil is aangetoond tussen grote en
kleine geitenbedrijven;
overwegende dat beleidsmaatregelen alleen proportioneel en effectief kunnen zijn wanneer
duidelijk is óf en waardoor gezondheidsrisico's daadwerkelijk ontstaan;
overwegende dat het aanwijzen van zogenoemde gevoelige locaties en het beperken van
bedrijfsomvang vergaande gevolgen kan hebben voor ondernemers, de leefomgeving en
de ruimtelijke ordening;
verzoekt de regering aanvullend onderzoek te laten uitvoeren naar de vraag of het
in de VGO-studies gevonden statistische verband ook geldt voor andere vormen van verblijf
dan wonen, zoals werken, onderwijs, zorg en recreatie;
verzoekt de regering tevens te laten onderzoeken of het beperken van de omvang van
geitenbedrijven of het tegenhouden van uitbreiding daadwerkelijk effect heeft op het
in de VGO-studies gevonden verband;
en verzoekt de regering om, totdat deze aanvullende onderzoeksresultaten beschikbaar
zijn, geen nieuwe generieke beleidsmaatregelen te treffen die vooruitlopen op deze
onderzoeken,
en gaat over tot de orde van de dag.
Van der Plas
Ondertekenaars
Caroline van der Plas, Tweede Kamerlid