Verslag van een schriftelijk overleg : Verslag van een schriftelijk overleg over Speciaal Tribunaal voor het Misdrijf Agressie tegen Oekraïne - eerste stappen in Nederland (Kamerstuk 36045-240)
36 045 Situatie in Oekraïne
Nr. 266 VERSLAG VAN EEN SCHRIFTELIJK OVERLEG
Vastgesteld 27 januari 2026
De vaste commissie voor Buitenlandse Zaken heeft een aantal vragen en opmerkingen
voorgelegd aan de Minister van Buitenlandse Zaken over de brief van 28 oktober 2025
over Speciaal Tribunaal voor het Misdrijf Agressie tegen Oekraïne – eerste stappen
in Nederland (Kamerstuk 36 045, nr. 240).
De vragen en opmerkingen zijn op 9 december 2025 aan de Minister van Buitenlandse
Zaken voorgelegd. Bij brief van 27 januari 2026 zijn de vragen beantwoord.
De fungerend voorzitter van de commissie, Klaver
Adjunct-griffier van de commissie, Dekker
Inhoudsopgave
blz.
I
Vragen en opmerkingen vanuit de fracties en reactie van de bewindspersoon
2
Vragen en opmerkingen van de leden van de D66-fractie
2
Vragen en opmerkingen van de leden van de VVD-fractie
5
II
Volledige agenda
6
I Vragen en opmerkingen vanuit de fracties en reactie van de bewindspersoon
Vragen en opmerkingen van de leden van de D66-fractie
De leden van de D66-fractie lezen dat het, mede uit het oogpunt van internationale
signaalwerking, van groot belang is dat fase 1 en fase 2 spoedig van start gaan. Deze
leden vragen de Minister op welke datum, dan wel binnen welke termijn, fase 1 concreet
van start zal gaan. Tevens vernemen zij graag op welke vaste momenten de Kamer geïnformeerd
zal worden over de voortgang van de werkzaamheden in deze fases.
1.
Antwoord van het kabinet
In de Kamerbrief van 28 oktober jl.1 werd nader ingegaan op de verschillende fases in de oprichting van het Speciaal Tribunaal
voor het Misdrijf Agressie tegen Oekraïne (het «Agressietribunaal»).
Dankzij een bijdrage van 10 miljoen van de Europese Unie kan de Advance Party nu van start. Er wordt op dit moment de laatste hand gelegd aan de samenwerkingsovereenkomst
tussen de EU en de Raad van Europa, waarmee de steun met terugwerkende kracht per
1 januari beschikbaar is. Daarmee kan dus worden begonnen met de samenstelling en
werving van het team. Volgens de planning zal het Advance Team een tot twee jaar nodig
hebben, waarbij gestart wordt in Straatsburg en men op enig moment richting Den Haag
zal verhuizen. De daaropvolgende start van het skelettribunaal zal afhankelijk zijn
van de snelheid waarmee het (nog te bepalen) minimale aantal lidstaten de Enlarged
Partial Agreement heeft getekend.
Bij belangrijke ontwikkelen en voortgang zal de Kamer middels een Kamerbrief worden
geïnformeerd.
Overigens houdt de RvE er een andere telling qua fasering op na, en heeft het Kabinet
deze telling overgenomen. Fase 0 betreft de Advance Party, fase 1 het skelettribunaal en fase 2 het operationele tribunaal (deze fase werd
in de Kamerbrief van 28 oktober jl. aangeduid als fase 3).
Nu het kabinet aangeeft dat met het besluit over fase 1 en 2 geen voorschot wordt
genomen op een mogelijk toekomstig gastlandschap voor fase 3, vragen de leden van
de D66-fractie de Minister welke criteria, naast het beschikken over voldoende veiligheidscapaciteiten,
richtinggevend zullen zijn bij een dergelijk toekomstig besluit. Kan de Minister deze
criteria uiteenzetten en aangeven hoe deze zullen worden gewogen?
2.
Antwoord van het kabinet
De voorwaarden om over te gaan tot het gastlandschap van het Agressietribunaal staan
verwoord in de Kamerbrieven van 24 juli2 en 28 oktober jl. Het besluiten tot een gastlandschap vergt een zo compleet en duidelijk
mogelijk informatiebeeld wat betreft de behoeftes van een inkomende internationale
organisatie en wat het gastland kan en wil bieden. Van de Advance Party en het skelettribunaal is een relatief overzichtelijk beeld, op basis waarvan de
ministerraad op 17 oktober jl. heeft ingestemd met de aanbieding van het (definitieve)
gastlandschap voor deze initiële fase(s).
Voor de laatste fase van het agressietribunaal (het operationele tribunaal) is nog
een minder duidelijk beeld. De werkzaamheden in de voorbereidende fases zullen tot
een verdere invulling en concretisering van de behoeftes en mogelijkheden ten aanzien
van het operationele tribunaal leiden. Diverse kostenbepalende aspecten, zoals bijvoorbeeld
de hoeveelheid zaken, verdachten en te horen getuigen, zullen pas gedurende de operationele
fase duidelijk worden aangezien het tribunaal dan met strafrechtelijk onderzoek van
start gaat.
Als het beeld van het operationele tribunaal voldoende geconcretiseerd is kan het
kabinet een besluit nemen of het wenselijk en haalbaar is dat Nederland dit operationele
tribunaal huisvest.
De leden van de D66-fractie vragen of de Minister kan toelichten of er al, formeel
of informeel, gesprekken plaatsvinden met andere landen die belangstelling hebben
om fase 3 van het STCA te faciliteren of te huisvesten. Indien dergelijke gesprekken
plaatsvinden, kan de Minister dan aangeven in welk stadium deze zich bevinden en welke
rol Nederland daarin speelt?
3.
Antwoord van het kabinet
Voor zover bekend hebben zich geen andere landen bekend gemaakt die momenteel belangstelling
hebben om de laatste fase van het tribunaal te huisvesten.
De brief stelt dat in fase 1 en 2 rekening moet worden gehouden met mogelijke toenemende
dreiging, waaronder cyberaanvallen, desinformatie, sabotage en spionage. De leden
van de D66-fractie vragen de Minister nader te duiden welke aanvullende veiligheidsmaatregelen
noodzakelijk zijn om deze dreigingen adequaat te ondervangen. Daarnaast wijzen deze
leden op reeds bekende sabotageactiviteiten van Russische actoren in Nederland, evenals
op risico’s verbonden aan de Russische schaduwvloot. Welke concrete maatregelen zijn
getroffen en welke aanvullende stappen worden nog overwogen?
4.
Antwoord van het kabinet
Het is van groot belang dat de veiligheid van het Agressietribunaal in alle fases
geborgd wordt en dat deze internationale organisatie zo goed als mogelijk weerstand
kan bieden tegen cyberaanvallen, desinformatie, sabotage en spionage. Hierin ligt
een verantwoordelijkheid voor het Agressietribunaal zelf en uiteindelijk ook voor
het gastland. Op basis van een actueel dreigingsbeeld zal Nederland samen met het
Agressietribunaal de benodigde weerstandsmaatregelen voorbereiden en effectueren.
De Advance Party zal aandacht hebben voor IT-systemen en cyberveiligheid. Het toekomstige hoofd van
de Advance Party krijgt de concrete opdracht om te inventariseren welke IT-systemen, cyber securityEr
is reeds specifiek budget opgenomen voor IT-medewerkers.
De leden van de D66-fractie lezen dat de benodigde personele inzet grotendeels uit
bestaande capaciteit moet komen en dat dit zal leiden tot verdringingseffecten op
lopende casussen. Deze leden vragen de Minister of hij kan toelichten welke categorieën
beschermde personen hierdoor mogelijk minder capaciteit ontvangen, en op welke wijze
het kabinet voornemens is deze risico’s te ondervangen. Tot slot benadrukken de leden
van de D66-fractie dat voldoende capaciteit binnen het stelsel van bewaken en beveiligen
essentieel is voor zowel de nationale veiligheid als het adequaat kunnen functioneren
van Nederland als gastland voor de voorbereidende fases van het STCA. Deze leden vragen
de Minister of reeds wordt gekeken naar aanvullende financiële middelen of structurele
versterking van deze capaciteit, en zo ja, welke opties daarbij in beeld zijn.
5.
Antwoord van het kabinet
Afgelopen oktober is het besluit genomen door het kabinet om namens Nederland het
gastlandschap aan te bieden. De impact van de Advance Party op Nederland is zowel financieel als qua capaciteit relatief overzichtelijk, aangezien
op dat moment nog geen sprake is van opsporing of vervolging en nog geen sleutelfiguren
zijn geworven of benoemd (president, Vice-President, griffier, rechters).
Het huisvesten van het skelettribunaal in Nederland zal een forse capaciteit vragen
van het Nederlandse veiligheidsapparaat, zoals wanneer te beveiligen personen in Nederland
zouden verblijven. De omvang van de benodigde capaciteit zal pas scherper ingeschat
kunnen worden wanneer er een actueel dreigingsbeeld is en de veiligheidsopgave in
overleg met het Agressietribunaal is vastgesteld. Dit is een secuur proces waar niet
al op vooruit kan worden gelopen.
Het is wel duidelijk dat de benodigde capaciteit – waarvoor hangende nadere invulling
momenteel een schatting is gemaakt van 150–200 fte – additioneel zal moeten worden
opgebouwd om verdringingseffecten te kunnen mitigeren. Ondanks lopende versterkingstrajecten
sinds 2022 blijft het aantal personen in Nederland dat veiligheidsmaatregelen nodig
heeft onverminderd hoog. Extra capaciteit werven voor deze opgave zal gezien de krappe
arbeidsmarkt en de specialistische eisen die aan de capaciteit gesteld worden naar
verwachting lang duren en daarom zal er bij aanvang huisvesting van het skelettribunaal
deels gebruik moeten worden gemaakt van bestaande schaarse capaciteit. Er is momenteel
geen zicht op waar dit tot verdringingseffecten en/of knelpunten zal leiden, maar
dat dit zal gebeuren is bijna zeker. Er zal in de operationele prioritering rekening
mee worden gehouden wanneer dit zover is.
Zoals gesteld in de Kamerbrief van 28 oktober jl., wordt financiering voor alle fases
van het tribunaal, inclusief de bijbehorende gastlandkosten, gedekt door de landen
die zich aansluiten bij het Agressietribunaal via de Raad van Europa. De bijdrage
van Nederland zal beperkt blijven tot een bijdrage voor het lidmaatschap via de jaarlijkse
contributie voor het STCA, die bovenop de jaarlijkse bijdrage van Nederland aan de
Raad van Europa zal komen. Er is op dit moment nog geen inschatting van de extra bijdrage
die gevraagd zal worden aan Nederland. Alle additionele kosten van de uitvoering die
door Nederland plaatsvindt dienen te worden omgeslagen over lidstaten en komen niet
ten laste van de begroting van Justitie en Veiligheid danwel andere betrokken ministeries.
Vragen en opmerkingen van de leden van de VVD-fractie
De leden van de VVD-fractie maken zich grote zorgen over mogelijke Russische cyberaanvallen
of andere vormen van buitenlandse inmenging om de voorbereidingen van het Agressietribunaal
te verstoren of beïnvloeden. Hoe gaat de Minister in samenwerking met de Minister
van Defensie zich inzetten om te voorkomen dat Rusland toegang krijgt tot kritieke
informatie tijdens fase 1 en 2? Welke maatregelen zijn er voorbereid om de veiligheid
van de IT-infrastructuur in fase 1 te waarborgen? Zijn er daarnaast extra maatregelen
nodig tijdens de uitvoering van fase 1 en 2 voor andere overheidsinstanties of kritieke
infrastructuur?
6.
Antwoord van het kabinet
Zie antwoord op vraag 4.
Daarnaast lezen de leden van de VVD-fractie dat zo’n 150–200 fte uit het stelsel bewaken
en beveiligen nodig is tijdens fase 2. De Minister geeft aan dat dit ten koste gaat
van bestaande capaciteit wat zal leiden tot verdringingseffecten op lopende casussen.
Deze leden maken zich hier grote zorgen om. Kan de Minister zich inzetten om samen
met de Minister van Justitie en Veiligheid ervoor te zorgen dat er voldoende capaciteitsuitbreiding
van het stelsel bewaken en beveiligen is, die ten goede komt aan de voorbereiding
van het Agressietribunaal in fase 2? Is het mogelijk om in samenwerking met bondgenoten
voor voldoende beveiligingscapaciteit voor sleutelfiguren van het Agressietribunaal
te zorgen?
7.
Antwoord van het kabinet
Zie het antwoord op vraag 5.
De leden van de VVD-fractie zien het invullen van de voorbereidende fases als een
belangrijk politiek signaal richting Rusland dat haar grootschalige en systematische
schendingen van het VN-geweldsverbod niet straffeloos zullen blijven. Deze leden vragen
de Minister om een reactie hoe dit signaal gewaarborgd kan blijven tijdens onderhandelingen
tussen Rusland en Oekraïne over een vredesdeal. Deze leden lezen in mediaberichten
dat in het Amerikaanse voorstel voor vrede er geen tribunaal voor een strafrechtelijk
proces zal komen om oorlogsmisdaden te veroordelen. Hoe zou zo een mogelijk voorstel
invloed kunnen hebben op de uiteindelijke uitwerking van het Agressietribunaal? Daarnaast,
hoe verhoudt het vooruitstrevende aspect van het Agressietribunaal om de trojka (staatshoofd,
regeringsleider en Minister van Buitenlandse Zaken) te vervolgen zich tot een mogelijke
vredesdeal? Kan dit aspect nog worden gewijzigd in het Statuut van het Agressietribunaal?
8.
Antwoord van het kabinet
Het kabinet deelt de opvatting dat het oprichten van het Agressietribunaal een krachtig
politiek signaal is dat deze schending van het VN-geweldsverbod niet zonder gevolgen
kan blijven. Dit signaal wordt versterkt door de voortrekkersrol van Nederland in
het waarborgen van gerechtigheid en accountability, waarmee Nederland bijdraagt aan
het effectief functioneren van de internationale rechtsorde. Het kabinet benadrukt
dat agressie niet mag worden beloond en dat gerechtigheid onderdeel zou moeten zijn
van een duurzame en rechtvaardige vrede. Nederland blijft dit actief uitdragen in
bilaterale gesprekken en multilaterale fora, zoals de VN, de RvE en de EU.
Met betrekking tot het vervolgen van de «trojka» kan het Agressietribunaal overgaan
tot onderzoek naar staatshoofd, regeringsleider en Minister van Buitenlandse Zaken
als er gegronde redenen zijn om aan te nemen dat zij zich schuldig hebben gemaakt
aan het plegen van het misdrijf agressie tegen Oekraïne onder het Statuut van het
Agressietribunaal. Het is aan het Agressietribunaal om te beoordelen of dit het geval
is. Vervolging kan evenwel pas plaats vinden als deze personen niet langer in functie
zijn dan wel wanneer nadrukkelijk afstand is gedaan van de persoonlijk immuniteit
die zij genieten. Wijzigingen van het Statuut van het Agressietribunaal zijn juridisch
mogelijk. Naast overeenstemming tussen de Raad van Europa en Oekraïne, is daarvoor
ook goedkeuring nodig van de binnen de Raad van Europa op te richten Beheersraad van
het Agressietribunaal.
Allerlaatst lezen de leden van de VVD-fractie dat in fase 3 zal worden onderzocht
waar de huisvesting van het tribunaal zal plaatsvinden. Is de Minister bekend met
of andere landen mogelijk het tribunaal zouden willen huisvesten?
9.
Antwoord van het kabinet
Zie het antwoord op vraag 3.
Deze leden moedigen de Minister aan om tijdig kenbaar te maken binnen de Raad van
Europa dat Nederland bereid is het uiteindelijke Agressietribunaal te huisvesten.
De Minister schrijft dat het beschikken over voldoende capaciteit om in fase 3 als
gastland te fungeren, een belangrijk vereiste is voor een toekomstig besluit. Op welke
termijn is de Minister van plan hier een besluit over te nemen? Wanneer kan hij de
Kamer hier verder over informeren? Deze leden zijn dan specifiek benieuwd naar de
benodigdheden voor het huisvesten van het Agressietribunaal en de operationele vereisten
die dat met zich meebrengt.
10.
Antwoord van het kabinet
Zie het antwoord op vraag 2.
II Volledige agenda
– Brief Minister van Buitenlandse Zaken, D.M. van Weel, d.d. 28-10-2025, Speciaal Tribunaal
voor het Misdrijf Agressie tegen Oekraïne – eerste stappen in Nederland (Kamerstuk
36 045, nr. 240).
Ondertekenaars
-
Eerste ondertekenaar
J.F. Klaver, voorzitter van de vaste commissie voor Buitenlandse Zaken -
Mede ondertekenaar
S.L. Dekker, adjunct-griffier