Schriftelijke vragen : Het bericht 'Pensioenfondsen steken honderden miljoenen in 933 huurwoningen bij ArenA: ‘Maar bodem kas voor woningbouw komt in zicht’'
Vragen van de leden Van Eijk en Peter de Groot (beiden VVD) aan de Staatssecretaris van Financiën en de Minister van Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening over het bericht «Pensioenfondsen steken honderden miljoenen in 933 huurwoningen bij ArenA: «Maar bodem kas voor woningbouw komt in zicht»» (ingezonden 22 januari 2026).
Vraag 1
Bent u bekend met het bericht «Pensioenfondsen steken honderden miljoenen in 933 huurwoningen
bij ArenA: «Maar bodem kas voor woningbouw komt in zicht»»1?
Vraag 2
Klopt het dat in 2025 slechts twee procent van de investeringen in de woningbouw door
institutionele beleggers (zoals pensioenfondsen) uit het buitenland kwam? Hoe hoog
is dat percentage in andere landen?
Vraag 3
Hoeveel investeringen zijn de komende jaren nodig om te zorgen voor voldoende woningbouw
in Nederland?
Vraag 4
Hoeveel huurwoningen hebben buitenlandse en binnenlandse investeerders toegevoegd
in 2023 en 2024?
Vraag 5
Hoeveel investeringen zijn momenteel afkomstig uit kapitaal van binnenlandse institutionele
beleggers? Is het uw verwachting dat binnenlandse investeringen door institutionele
beleggers alle noodzakelijke investeringen in de woningbouw kunnen dekken de komende
jaren?
Vraag 6
Indien het antwoord op de vorige vraag ontkennend luidt, wat bent u van plan om te
doen om het aantrekkelijker te maken voor buitenlandse investeerders om te investeren
in de woningbouw in Nederland?
Vraag 7
Welke stappen zijn er de afgelopen twee jaar gezet om Nederland aantrekkelijk te houden
voor buitenlandse en binnenlandse investeerders?
Vraag 8
Kunt u bevestigen dat de opmerking over de vennootschapsbelasting in het in vraag
1 genoemde artikel de wijziging van het regime voor de fiscale beleggingsinstelling
(«fbi») per 1 januari 2025 betreft? Zo nee, op welke wetswijziging ziet de opmerking
dan?
Vraag 9
Tijdens de parlementaire behandeling van de Wet aanpassing fiscale beleggingsinstelling
is omvorming naar een fiscaal transparante structuur genoemd als een werkbaar alternatief
voor onder andere pensioenfondsen, klopt het dat voor buitenlandse (zowel EU als non-EU)
pensioenfondsen het verkrijgen van een subjectieve vrijstelling voor de vennootschapsbelasting
ingewikkeld is? Wat zijn de criteria en hoe toetst de Belastingdienst deze criteria?
Vraag 10
Hoeveel verzoeken heeft de Belastingdienst hiervoor ontvangen en wat is hiervan de
gemiddelde doorlooptijd? Welk aandeel van de verzoeken is toegewezen en welk aandeel
van de verzoeken is afgewezen?
Vraag 11
Maakt de wijziging van het fbi-regime per 1 januari 2025 het investeren in Nederlandse
woningbouw minder aantrekkelijk voor buitenlandse (institutionele) investeerders,
zoals buitenlandse pensioenfondsen, dan voor Nederlandse pensioenfondsen die een subjectieve
vrijstelling genieten?
Vraag 12
Welke alternatieven die zijn aangedragen tijdens het wetgevingsproces rondom de wijziging
van het fbi-regime per 1 januari 2025 hadden voor minder impact op buitenlandse investeringen
in Nederlandse woningbouw gezorgd? Waarom is bij het wetsvoorstel niet gekozen voor
één van die alternatieven? In hoeverre zouden buitenlandse (private) investeringen
de noodzaak voor publieke investeringen in de woningbouw kunnen vervangen?
Vraag 13
Deelt u de mening dat dit probleem met «een paar pennenstreken» opgelost kan worden?
Vraag 14
Welke andere recent genomen fiscale maatregelen maken het potentieel minder aantrekkelijk
om te investeren in Nederlandse woningbouw?
Vraag 15
Kan de strenge Nederlandse implementatie van de earningsstrippingmaatregel uit ATAD
1 bijvoorbeeld een dempend effect hebben op investeringen in de woningbouw? Wat is
de impact van het 8%-tarief in de overdrachtsbelasting voor woningen? Hoe verhoudt
dit tarief zich tot andere EU-lidstaten waar buitenlandse investeerders kunnen investeren
in de woningbouw en het EU gemiddelde op dit punt?
Vraag 16
Speelt de omzetbelasting nog een rol bij nieuwe woningen? Hoe verhoudt de Nederlandse
omzetbelasting zich bijvoorbeeld tot de Italiaanse omzetbelasting bij de verkoop van
nieuwe woningen?
Vraag 17
Bereiken u in algemene zin signalen dat buitenlandse investeerders in toenemende mate
afzien van het investeren in Nederlandse woningen vanwege in het recente verleden
doorgevoerde, snel opvolgende wijzigingen in fiscale en juridische wet- en regelgeving
en een als gevolg hiervan toenemende onvoorspelbaarheid van deze wet- en regelgeving
voor deze buitenlandse investeerders?
Vraag 18
Welke plannen liggen er momenteel om het aantrekkelijker te maken voor buitenlandse
investeerders om in Nederlandse woningbouw te investeren? Welke plannen liggen er
momenteel om het aantrekkelijker te maken voor binnenlandse investeerders om in Nederlandse
woningbouw te investeren?
Vraag 19
Kunt u in navolging op de Kamerbrief van uw ambtsvoorganger van 7 juni 2024, kamerstuknummer
2024-0000341126 een REIT-regime verder laten uitwerken?
Indieners
-
Gericht aan
M.C.G. Keijzer, minister van Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening -
Gericht aan
E.H.J. Heijnen, staatssecretaris van Financiën -
Indiener
Wendy van Eijk, Kamerlid -
Medeindiener
Peter de Groot, Kamerlid