Antwoord schriftelijke vragen : Antwoord op vragen van de leden Van Lanschot en Boelsma-Hoekstra over het artikel 'Chinese eigenaar doekt ineens Fries bedrijf op. Waar zijn de bedrijfsgeheimen van klanten?’
Vragen van de leden Van Lanschot en Boelsma-Hoekstra (beiden CDA) aan de Ministers van Economische Zaken en van Infrastructuur en Waterstaat over het artikel «Chinese eigenaar doekt ineens Fries bedrijf op. Waar zijn de bedrijfsgeheimen van klanten?» (ingezonden 2 december 2025).
Antwoord van Minister Tieman (Infrastructuur en Waterstaat), mede namens de Minister
van Economische Zaken (ontvangen 21 januari 2026).
Vraag 1
Bent u bekend met het artikel «Chinese eigenaar doekt ineens Fries bedrijf op. Waar
zijn de bedrijfsgeheimen van klanten?» van Follow the Money?1
Antwoord 1
Ja.
Vraag 2
Kunt u een reactie geven op de in het artikel genoemde casus en daarbij ook ingaan
op gevolgen voor de jachtbouwers wiens bedrijfsgevoelige gegevens bij de desbetreffende
keuringsinstantie bekend waren?
Antwoord 2
DCI heeft begin dit jaar de Raad van Accreditatie verzocht om de accreditatie voor
het keuren van pleziervaartuigen en scheepsuitrustingen in te trekken. Per 1 september
2025 is deze accreditatie ingetrokken en is DCI geen erkende instelling (Notified
Body – NoBo) meer. DCI heeft echter ten tijde van het laten intrekken van de accreditatie
niet de technische dossiers overgedragen aan een andere NoBo of aan de markttoezichthouder,
zoals voorgeschreven in de wet. Dit resulteerde in de situatie dat DCI, zonder te
beschikken over de juiste accreditatie, nog in het bezit was van de technische dossiers.
Het ministerie heeft geen berichten ontvangen dat deze situatie tot nadelige gevolgen
voor jachtbouwers heeft geleid. Het ministerie en de markttoezichthouder (ILT) achtten
het onwenselijk dat technische dossiers in het bezit waren van een organisatie waarvan
de accreditatie – op eigen verzoek – was ingetrokken. De markttoezichthouder is dan
ook een procedure gestart om de overdracht van de technische dossiers mogelijk te
maken. Op 8 december jl. heeft de markttoezichthouder alle fysieke en digitale technische
dossiers overgedragen gekregen. De dossiers met betrekking tot pleziervaartuigen zijn
overgedragen aan een andere Nederlandse NoBo. De dossiers met betrekking tot scheepsuitrustingen
zijn momenteel in het bezit van de markttoezichthouder. Deze dossiers staan ter beschikking
van de betreffende eigenaren c.q. fabrikanten van deze dossiers. De fabrikanten zullen
een nieuwe NoBo moeten vinden die beschikt over de juiste erkenning voor wat betreft
scheepsuitrustingen. Binnen de EU zijn voldoende instellingen aanwezig die deze taak
over kunnen nemen.
Vraag 3
Kunt u aangegeven hoeveel private keuringsinstituten, ook wel notified bodies, geprivatiseerde
controleurs of aangemelde instanties, zijn er in Nederland?
Antwoord 3
Nederland kent op dit moment één NoBo voor de richtlijn pleziervaartuigen. Voor de
richtlijn scheepsuitrustingen kent Nederland op dit moment vier NoBo’s, maar geen
van deze instellingen beschikt over de accreditatie scope «reddingsmiddelen», waar
het in dit geval om gaat.
Vraag 4
Kunt u aangegeven hoeveel hiervan in buitenlandse handen zijn, uitgesplitst in Europese
Unie (EU), niet-EU en Chinees?
Antwoord 4
De in antwoord 3 genoemde NoBo’s zijn in Nederlandse handen.
Vraag 5
Erkent u dat er risico’s zijn ten aanzien van onder andere kennislekkage bij verkoop
van private keuringsinstanties aan buitenlandse actoren?
Antwoord 5
In antwoord op vragen d.d. 25 november 2020 over het bericht «Keuringsinstantie DCI Joure (NKIP) in Chinese handen» heeft de Minister van Infrastructuur en Waterstaat, mede namens de Minister van Economische
Zaken en Klimaat en de Minister van Justitie en Veiligheid, aangegeven dat het kabinet
in de overname van dit instituut dat toeziet op de kwaliteit van plezierjachten geen
risico’s ziet voor de nationale veiligheid. Dit antwoord is nog steeds van toepassing
op deze overname.
Vraag 6
Welke mate van toetsing of screening vooraf geldt er op dit moment bij de verkoop
van private keuringsinstituten aan buitenlandse actoren?
Antwoord 6
Investeringstoetsing wetgeving is in Nederland ingevoerd om risico's voor de nationale
veiligheid te beheersen. Private keuringsinstituten vallen buiten het toepassingsbereik
van de nationale investeringstoetsing wetgeving.
Vraag 7
Welke inzet pleegt u in Europees verband om de overname van private keuringsinstituten
door buitenlandse bedrijven aan banden te leggen?
Antwoord 7
Het wordt niet opportuun geacht om in Europees verband een verbod te bedingen op buitenlandse
overname van NoBo’s. Voor wat betreft scheepsuitrusting is deze casus voorgelegd aan
de Europese Commissie, de lidstaten en de branche organisaties. Hierbij is afgesproken
dat de komende revisie van de Richtlijn Scheepsuitrusting in 2026 extra aandacht zal
besteden aan het handelingsperspectief van lidstaten voor die gevallen waarbij keuringsinstanties
regels niet nakomen.
Ondertekenaars
-
Eerste ondertekenaar
R. Tieman, minister van Infrastructuur en Waterstaat -
Mede namens
V.P.G. Karremans, minister van Economische Zaken
Bijlagen
Gerelateerde documenten
Hier vindt u documenten die gerelateerd zijn aan bovenstaand Kamerstuk.