Antwoord schriftelijke vragen : Antwoord op vragen van de leden Diederik van Dijk en Ceder over de gevechten tussen het Syrische leger en de Syrian Democratic Forces (SDF) in Aleppo
Vragen van de leden Ceder (ChristenUnie) en Diederik van Dijk (SGP) aan de Minister van Buitenlandse Zaken over gevechten tussen het Syrische leger en de SDF in Koerdische wijken in Aleppo (ingezonden 8 januari 2026).
Antwoord van Minister Van Weel (Buitenlandse Zaken) (ontvangen 16 januari 2026).
Vraag 1, 2, 3 en 4
Hoe luidt uw reactie op berichten, onder meer van Reuters, over gevechten tussen het
Syrische leger en de Syrian Democratic Forces (SDF)?1
Meent u dat een militaire operatie tegen de SDF in deze wijken gerechtvaardigd is?
Zo ja, waarom? Zo nee, wat is, in EU-verband, uw inzet om het vechten zo snel mogelijk
te stoppen?
Meent u dat deze gevechten de veiligheid en gelijke rechten van de Koerden in gevaar
brengen? Zo nee, waarom niet? Zo ja, welke consequenties verbindt u hieraan, mede
in het licht van de aangenomen motie-Ceder c.s.?2
Hoe groot acht u de kans op verdere escalatie? Wat is uw inzet voor een vrij en democratisch
Syrië waarin alle minderheden, inclusief de Koerden, veilig zijn?
Antwoord 1, 2, 3 en 4
In dit stadium is onduidelijk wie verantwoordelijk is voor welk geweld, en hoe de
situatie tussen de Syrische overgangsregering en de SDF zich verder zal ontwikkelen.
Wel is helder dat sprake is van meerdere dodelijke burgerslachtoffers en tientallen
gewonden en dat duizenden burgers hun huis door het geweld hebben moeten ontvluchten.
Het kabinet is bezorgd over het geweld in Aleppo en monitort de situatie, die inmiddels
gestabiliseerd lijkt, nauwgezet.
Voor de stabiliteit van Syrië en de veiligheid en het welzijn van alle Syrische burgers
is het cruciaal dat de betrokken partijen met elkaar in gesprek blijven en niet over
gaan tot geweld. In rechtstreeks contact, en ook via de EU, roepen wij hiertoe expliciet
op. De EU riep via een verklaring op 10 januari jl. op tot een eind aan de vijandelijkheden,
bescherming van burgers en toegang van humanitaire hulp.3
In de Kamerbrief van 19 september 20254 heeft het kabinet de inzet ten behoeve van een veilig en stabiel Syrië nader uiteen
gezet.
Vraag 5
Klopt het dat de voorzitter van de Europese Commissie en de voorzitter van de Europese
Raad op vrijdag 9 januari een bezoek brengen aan Syrië en de interim-president ontmoeten?
Acht u dit bezoek wenselijk in het licht van deze berichten? Zo ja, waarom? Zo nee,
bent u bereid dit in EU-verband aan de orde te stellen?
Antwoord 5
Ja, de voorzitter van de Europese Commissie, mevrouw Von der Leyen, en de voorzitter
van de Europese Raad, de heer Costa, bezochten de Syrische overgangsregering op 9 januari
in Damascus. Bij dit bezoek is het belang van een vreedzame en inclusieve politieke
transitie expliciet benoemd.
Syrië bevindt zich in een uitzonderlijke en fragiele situatie. Juist in deze overgangsfase
is het van belang dat sprake is van directe contacten met de overgangsautoriteiten.
Deze contacten stellen ons immers in staat om onze verwachtingen, waaronder ten aanzien
van inclusiviteit, bescherming van burgers en mensenrechten, consequent onder de aandacht
te brengen van de Syrische overgangsregering.
Vraag 6
Kunt u deze vragen zo spoedig mogelijk beantwoorden, in ieder geval voor het commissiedebat
van 13 januari aanstaande over de Raad Buitenlandse Zaken 29 januari 2026?
Antwoord 6
De Kamervragen zijn zo spoedig als mogelijk beantwoord.
Ondertekenaars
-
Eerste ondertekenaar
D.M. van Weel, minister van Buitenlandse Zaken
Bijlagen
Gerelateerde documenten
Hier vindt u documenten die gerelateerd zijn aan bovenstaand Kamerstuk.