Antwoord schriftelijke vragen : Antwoord op vragen van het lid Dekker over de situatie in en rondom Venezuela en de rol daarin van de overzeese gebieden van het Nederlandse koninkrijk
Vragen van het lid Dekker (FVD) aan de Ministers van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties en van Buitenlandse Zaken over de situatie in en rondom Venezuela en de rol daarin van de overzeese gebieden van het Nederlandse koninkrijk (ingezonden 3 december 2025).
Antwoord van Minister Van Weel (Buitenlandse Zaken), mede namens de Staatssecretaris
van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties en de Minister van Defensie (ontvangen
14 januari 2026).
Vraag 1
Bent u op de hoogte van het escalerende conflict tussen de Verenigde Staten en Venezuela?
Antwoord 1
Ja.
Vraag 2
Kunt u uiteenzetten hoe het kabinet deze situatie op dit moment beoordeelt en welke
risico’s het ziet voor de rijksdelen in de regio?
Antwoord 2
Het kabinet volgt de ontwikkelingen in en rond Venezuela nauwgezet. Op dit moment
is er geen sprake van een acute militaire dreiging voor het Koninkrijk der Nederlanden.
Venezuela verkeert al geruime tijd in een situatie van aanhoudende politieke, sociaaleconomische
en humanitaire instabiliteit. Gezien de geografische nabijheid is er bijzondere aandacht
voor mogelijke indirecte gevolgen voor de Benedenwindse eilanden. Deze kunnen samenhangen
met oplopende regionale en geopolitieke spanningen, waaronder een (gedeeltelijke)
sluiting van zee- en luchtruim, verstoringen in logistieke verbindingen en risico’s
voor kritieke infrastructuur, zoals energie- en brandstofvoorziening. Daarnaast blijven
migratie- en veiligheidsvraagstukken in de regio een belangrijk aandachtspunt.
Aruba, Curaçao en Bonaire bereiden zich daarom voor op verschillende scenario’s die
uit dergelijke spanningen kunnen voortvloeien. Nederland treft eveneens voorbereidingen
om, waar nodig, bijstand en ondersteuning te kunnen verlenen. Daarbij wordt rekening
gehouden met mogelijke veranderingen in migratiestromen en met bredere implicaties
voor de veiligheid en stabiliteit in de regio.
De genoemde risico’s worden continu gemonitord en betrokken bij de actualisering van
scenario’s, evenals in de reguliere en intensieve samenwerking binnen het Koninkrijk
op het terrein van crisisbeheersing.
Vraag 3
Is er op dit moment contact met de regeringen van Aruba, Curaçao en Sint-Maarten over
de veiligheidssituatie in de regio? Hoe beoordeelt het kabinet de huidige risico’s
voor deze rijksdelen (en de bijzondere gemeenten, indien van toepassing)?
Antwoord 3
Het kabinet houdt de ontwikkelingen nauwgezet in de gaten. Ik sta in nauw contact
met de regeringen van Aruba, Curaçao en Sint Maarten en houdt hen op de hoogte van
de ontwikkelingen.
Er is geen sprake van een acute militaire dreiging voor de eilanden. Desondanks werken
Aruba, Bonaire en Curaçao aan verschillende scenario’s ter voorbereiding op mogelijke
indirecte effecten, zoals genoemd in het antwoord op vraag 2, waaronder logistieke
vraagstukken. De eilanden kunnen daarbij rekenen op ondersteuning van de Nederlandse
departementen. Ook Nederland treft voorbereidingen om, waar nodig, hulp en bijstand
te kunnen verlenen. Dit alles maakt onderdeel uit van de reguliere samenwerking binnen
het Koninkrijk op het gebied van crisisbeheersing.
Vraag 4
Heeft het kabinet aanwijzingen dat de spanningen kunnen leiden tot migratiestromen
richting de Caribische delen van het Koninkrijk? Zo ja, welke voorbereidingen worden
getroffen?
Antwoord 4
Op dit moment is er geen verhoogde instroom vanuit Venezuela. De landen in het Koninkrijk
houden de migratiestromen richting Aruba, Curaçao en Bonaire goed in de gaten. De
vier landen van het Koninkrijk werken op grond van het protocol versterking grenstoezicht
in de Caribische landen van het Koninkrijk en de onderlinge regeling vreemdelingenketen
al nauw samen op het gebied van grenstoezicht. Het Ministerie van Asiel en Migratie
verricht in samenwerking met de betrokken ketenpartners zoals de Koninklijke Marechaussee,
Korps Politie Caribisch Nederland, IND en de openbare lichamen de nodige activiteiten
om het huidige (nood)scenario in het geval van een bovenmatige instroom van migranten,
te actualiseren.
Vraag 5
Welke belangen spelen er voor (de overzeese gebieden van) Nederland in dit conflict?
Antwoord 5
Allereerst is het van belang dat lucht- en zeeverbindingen veilig en betrouwbaar blijven.
Dit is essentieel voor zowel de lokale voedselvoorziening als de economische continuïteit,
waarbij het toerisme een belangrijke pijler vormt van de economieën van de eilanden.
Voor een nadere duiding van mogelijke indirecte effecten verwijs ik naar het antwoord
op vraag 2.
Vraag 6
Hoe waarborgt het kabinet dat Nederland niet ongewild partij wordt in een conflict
tussen de Verenigde Staten en Venezuela, terwijl tegelijkertijd de veiligheid van
het Koninkrijk moet worden gegarandeerd?
Antwoord 6
Het Koninkrijk is niet betrokken bij de huidige militaire operatie van de Verenigde
Staten. Het betreft een nationaal aangestuurde operatie van de VS. Op dit moment is
er geen acute militaire dreiging voor het Koninkrijk: de acties vinden plaats buiten
de territoriale grenzen van het Koninkrijk en er is geen indicatie dat Aruba, Curaçao
of Bonaire betrokken raakt in een eventueel conflict. Wat betreft de veiligheid van
het luchtruim van Curaçao en Aruba is op verschillende niveaus met de Verenigde Staten
gesproken om herhaling te voorkomen.
Het kabinet benadrukt dat alle partijen zich moeten inspannen om verdere escalatie
te voorkomen en zich dienen te houden aan het internationaal recht. Het kabinet roept,
samen met andere EU-lidstaten, hiertoe op. Dit werd op 9 november 2025 ook onderschreven
in de gezamenlijke verklaring van de CELAC-EU-top met Latijns-Amerikaanse – en Caribische
landen.
Vraag 7
Kunt u de Kamer een actuele risicoanalyse toezenden over de impact van dit conflict
op het Koninkrijk, inclusief mogelijke gevolgen voor veiligheid, migratie, economie
en diplomatieke relaties?
Antwoord 7
De actuele risicoanalyse gaat over (mogelijke) impact als gevolg van de spanningen
in en rond Venezuela, zoals ook hierboven beschreven. Deze analyses bevatten vertrouwelijke
informatie over dreigingsinschattingen. Om die reden zijn de onderliggende stukken
niet geschikt voor openbare toezending aan de Kamer.
Vraag 8
Kunt u deze vragen zo volledig en spoedig mogelijk beantwoorden, gezien de snelle
ontwikkelingen?
Antwoord 8
De vragen zijn zo spoedig mogelijk beantwoord.
Ondertekenaars
-
Eerste ondertekenaar
D.M. van Weel, minister van Buitenlandse Zaken -
Mede namens
R.P. Brekelmans, minister van Defensie -
Mede namens
E. van Marum, staatssecretaris van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties
Bijlagen
Gerelateerde documenten
Hier vindt u documenten die gerelateerd zijn aan bovenstaand Kamerstuk.