Antwoord schriftelijke vragen : Antwoord op vragen van het lid Boswijk over het bericht dat ‘Israëlische agenten Palestijnen doden ondanks overgave’
Vragen van het lid Boswijk (CDA) aan de Minister van Buitenlandse Zaken over het bericht dat Israëlische agenten Palestijnen doden ondanks overgave (ingezonden 5 december 2025).
Antwoord van Minister Van Weel (Buitenlandse Zaken) (ontvangen 12 januari 2026).
Vraag 1
Hoe beoordeelt u het bericht waarin wordt gemeld dat Israëlische undercoveragenten
in Jenin drie Palestijnse mannen zouden hebben doodgeschoten, ondanks dat zij hun
handen in de lucht zouden hebben gestoken in een teken van overgave?1
Antwoord 1
Het kabinet heeft kennisgenomen van dit bericht waarin wordt beschreven dat twee Palestijnen
zijn doodgeschoten door de Israëlische grenspolitie. Het kabinet kan dit specifieke
incident niet eigenstandig verifiëren en heeft daarom Israël om opheldering gevraagd.
Israël heeft bevestigd dat de Israëlische krijgsmacht het incident onderzoekt. Dit
wacht het kabinet af.
Vraag 2
Kunt u bevestigen of laten verifiëren of deze gebeurtenis daadwerkelijk heeft plaatsgevonden?
Antwoord 2
Zie het antwoord op vraag 1.
Vraag 3
Deelt u de mening dat ook bevriende democratische staten zoals Israël, gehouden zijn
aan het internationaal recht en dat Nederland, als voorvechter daarvan, dit nadrukkelijk
moet uitdragen?
Antwoord 3
Ja. Alle staten zijn gebonden aan het internationaal recht.
Vraag 4
Hoe verhoudt dit optreden van Israël zich tot het internationaal humanitair recht?
Antwoord 4
Zie antwoord op vraag 1. Op basis van de berichtgeving in de media lijkt het relevante
rechtsregime voor dit optreden niet dat van het humanitair oorlogsrecht, maar was
er sprake van rechtshandhaving door Israëlische grenspolitie. Daardoor moet op basis
van mensenrechten worden beoordeeld hoe dit optreden zich verhoudt tot het internationaal
recht.
Vraag 5
Bent u bereid om in EU-verband te pleiten voor een onafhankelijk internationaal onderzoek
naar deze en vergelijkbare incidenten op de Westelijke Jordaanoever? Zo nee, waarom
niet?
Antwoord 5
Gedegen en onafhankelijk onderzoek is nodig. Het is in eerste instantie aan de meest
betrokken staat of staten die terzake rechtsmacht hebben om onderzoek te doen. In
dit geval heeft Israël aan het kabinet bevestigd dat de Israëlische krijgsmacht het
incident onderzoekt. Dit wacht het kabinet af. Nederland roept Israël op, en zal Israël
blijven oproepen, het internationaal recht te respecteren, na te leven, en vermeende
schendingen te onderzoeken en berechten. Nederland spreekt Israël hier consistent
op aan, ook in EU-verband.
Vraag 6
Deelt u de mening dat het associatieverdrag met Israël moet worden heroverwogen als
er ernstige mensenrechtenschendingen plaatsvinden door Israël? Valt dit incident daar
wat u betreft onder?
Antwoord 6
Zie de antwoorden op de vragen 1 en 5.
Vraag 7
Zo ja, bent u bereid om het opschorten van het associatieverdrag bespreekbaar te maken
binnen de eerstvolgende EU-Raad Buitenlandse Zaken van 15 december? Zo nee, waarom
niet?
Antwoord 7
Nee, zie ook de antwoorden op de vragen 1 en 5.
Ondertekenaars
D.M. van Weel, minister van Buitenlandse Zaken
Bijlagen
Gerelateerde documenten
Hier vindt u documenten die gerelateerd zijn aan bovenstaand Kamerstuk.