Antwoord schriftelijke vragen : Antwoord op vragen van het lid Ergin over de hersteloperatie
Vragen van het lid Ergin (DENK) aan de Staatssecretaris van Financiën over de hersteloperatie (ingezonden 28 november 2025).
Antwoord van Staatssecretaris Palmen (Financiën) (ontvangen 17 december 2025).
Vraag 1
Hoe verklaart u in het artikel uw uitspraak waarin u stelt dat men niet moet stellen
dat niemand geholpen is met betrekking tot de hersteloperatie, terwijl duizenden gedupeerden
nog steeds wachten, (ernstige) psychische problematiek ervaren of in armoede leven
door de falende uitvoering van de hersteloperatie?1
Antwoord 1
Alle gedupeerde ouders hebben – na een eerste toets – via de Catshuisregeling € 30.000
ontvangen. Vervolgens krijgen zij een integrale beoordeling (IB) door de Uitvoeringsorganisatie
Herstel Toeslagen (UHT). Met de IB worden gedupeerde ouders financieel gecompenseerd
voor de onterechte terugvorderingen en ontvangen zij een materiële en immateriële
schadevergoeding. Vrijwel alle ouders hebben de uitkomst van hun integrale beoordeling
(97%). Gemiddeld is aan gedupeerde ouders na de eerste toets en de IB ongeveer € 40.400
toegekend. Voor ouders met schuldenproblematiek die is ontstaan ten tijde van de toeslagenaffaire
geldt: hun publieke schulden zijn kwijtgescholden (98%) en betalingsachterstanden
op private schulden zijn voor hen betaald (97%).
Een gezin dat van alle deelregelingen (exclusief aanvullende schade) gebruik heeft
gemaakt, heeft in totaal gemiddeld voor circa € 117.500 aan financiële compensatie
en ondersteuning ontvangen.
Dit kwartaal worden de laatste integrale beoordelingen afgerond. Een groot deel van
de ouders zet met het afronden van de integrale beoordeling een punt achter het financieel
herstel. Voor een deel van de ouders is daarvoor meer nodig, zij kunnen een route
doorlopen voor compensatie voor aanvullende schade. Sinds begin deze maand zijn, conform
het advies van de Commissie van Dam, twee gelijkwaardige schaderoutes beschikbaar
voor alle ouders met aanvullende schade: Stichting (Gelijk)waardig Herstel (SGH) en
MijnHerstel.
Niet voor alle ouders is dit genoeg. Naast aanvullende schadeafhandeling, geldt dat
ook voor de brede ondersteuning door gemeenten. Hoewel alle ouders recht hebben op
deze brede ondersteuning, is in sommige gemeente sprake van een wachtlijst voor toegang
hiertoe. Wachtlijstproblematiek is dan ook een onderwerp waar de bestuurlijk regisseur
zich op dit moment over buigt. Verder heeft de commissie Van Dam speciale aandacht
gevraagd voor gezinnen die de regie kwijt zijn. Voor hen is een integrale aanpak voor
intensieve begeleiding ontwikkeld die momenteel stapsgewijs wordt uitgerold. In het
kader van mentale gezondheid wordt momenteel gewerkt aan de inrichting van een landelijk
Steunpunt voor Mentaal Welzijn, waarbij de verwachting is dat dit steunpunt in het
eerste kwartaal van 2026 operationeel zal zijn.
Vraag 2
Erkent u dat de herhaalde toezeggingen over versnelling van de hersteloperatie inmiddels
ongeloofwaardig zijn geworden nu er ouders zijn die sinds 2020 wachten en het merendeel
van de dossiers nog niet is afgerond? Zo nee, waarom niet?
Antwoord 2
De ambitie van dit kabinet om eind 2027 alle gedupeerde ouders financieel te hebben
gecompenseerd staat nog steeds. Voor het overige: zie antwoord op vraag 1.
Vraag 3
Hoe verklaart u dat in de uitvoering van de hersteloperatie opnieuw dezelfde patronen
zichtbaar zijn als tijdens de toeslagenmisdaad, waaronder wantrouwen, overmatige bureaucratie,
gebrekkige communicatie en het volgen van eigen standaarden, ondanks waarschuwingen
van de Nationale ombudsman en de Parlementaire enquêtecommissie kinderopvangtoeslag?
Antwoord 3
Ik deel uw opvatting niet. In de hersteloperatie is het verhaal van de ouder leidend
en is het uitgangspunt voor compensatie ruimhartigheid. Voor het uniforme forfaitaire
schadekader geldt dat dit is overgenomen van SGH. Dit kader is vastgesteld door onafhankelijke
experts, in samenwerking met ouders en SGH.
Verder geven we samen met ouders, jongeren en ketenpartners vorm aan de manier waarop
verschillende doelgroepen in de hersteloperatie worden bereikt en ondersteund. We
proberen ouders zoveel mogelijk integraal herstel te bieden.
Er wordt sinds de start van de hersteloperatie met man en macht gewerkt om ouders
zo snel en zorgvuldig mogelijk te helpen. Vanzelfsprekend wil ik dat de hersteloperatie
zo snel mogelijk alle gedupeerde ouders voorbij het onrecht helpt, zodat zij door
kunnen met hun leven. Het kabinet zet alles op alles om ook deze laatste fase van
de hersteloperatie zorgvuldig uit te voeren.
Tegelijk is het een feit dat de hersteloperatie werkendeweg is vormgegeven, zowel
vanuit de wetgever als in de uitvoering. De operatie heeft een omvang gekregen die
bij de start niet was voorzien. Dat heeft ertoe bijgedragen dat niet alles in een
keer goed is gegaan, en dat we op sommige punten met de kennis van nu denken: dat
hadden we beter anders kunnen doen. Deze hersteloperatie kent leerlessen die voor
de toekomst worden geborgd.
Vraag 4
Kunt u schetsen in hoeverre ex-partners, nabestaanden en gedupeerden in het buitenland
toegang hebben tot de herstelroute? Kunnen deze groepen zich aanmelden via «MijnHerstel
route»? Zo nee, welke alternatieve procedure of welk loket is voor hen ingericht?
Antwoord 4
Het is van belang dat ook deze groepen in de hersteloperatie goed en zorgvuldig worden
geholpen.
Gedupeerden in het buitenland kunnen zich via het aanmeldportaal aanmelden voor één
van beide schaderoutes. Voor ex-toeslagpartners wordt momenteel onderzocht op welke
manier voor deze groep het beste invulling kan worden gegeven aan vergoeding van aanvullende
schade. Nabestaanden die vallen onder de nabestaandenregeling hebben momenteel toegang
tot de Commissie Werkelijke Schade (CWS). Voor deze groep wordt onderzocht of zij
ook toegang kunnen krijgen tot SGH en MijnHerstel.
Vraag 5
Hoe wordt omgegaan met gedupeerden in het buitenland die geen DigiD hebben en zich
daardoor niet via de reguliere digitale route kunnen aanmelden?
Antwoord 5
Vanzelfsprekend moeten ouders zonder DigiD hun aanvullende schade ook kunnen indienen.
Ouders die geen DigiD hebben kunnen zich aanmelden per post. Die mogelijkheid is er
op dit moment voor het indienen van een aanvraag voor aanvullende schadevergoeding.
Dit wordt ook mogelijk voor directe aanmelding bij MijnHerstel. Het postformulier
is te vinden op schadeherstel.toeslagen.nl.
Daarnaast kunnen ouders een advocaat of juridisch adviseur machtigen om voor hen een
aanvraag in te dienen en een aanmelding te doen voor SGH of MijnHerstel. Machtigen
kan ook met een postformulier. Het Ondersteuningsteam Ouders in Buitenland (OTB) zal
deze ouders hierover gericht voorlichting geven.
Vraag 6
Hoe wordt geborgd dat dossiers die niet via de standaardprocedure van «MijnHerstel
route» kunnen worden behandeld, tijdig en zorgvuldig worden opgepakt via de maatwerktafel?
Op welke termijn is deze maatwerktafel volledig operationeel?
Antwoord 6
Het uniforme forfaitaire schadekader is vastgesteld vanuit de overtuiging dat met
afstand de meeste ouders hiermee ruimhartig gecompenseerd zullen kunnen worden voor
hun aanvullende schade. Ervaring bij de SGH wijst hier ook op, aangezien zij al ruim
anderhalf jaar met succes ditzelfde kader hanteert. De individuele berekening zal
zo snel als mogelijk worden opgeschaald. Tot die tijd blijft de aanpak van de regieroute-VSO
operationeel voor die gevallen waarvan al eerder blijkt dat een individuele berekening
nodig is.
Vraag 7
Is het juist dat mensen in de wachtstand bij de Commissie Werkelijke Schade (CWS)
een voorrangsroute zouden krijgen richting «MijnHerstel route»? Zo ja, hoe wordt geborgd
dat zij deze route daadwerkelijk kunnen benutten?
Antwoord 7
Dit is grotendeels juist. Ouders kunnen zich sinds 2 december jl. melden bij MijnHerstel.
Zij komen dan direct in een digitale omgeving terecht waarbinnen zij de gebeurtenissen
kunnen doorgeven die tot schade hebben geleid. Wanneer zij dit overzicht compleet
hebben, kunnen ze het geheel indienen en gaat een behandelaar ermee aan de slag. Tot
zover in het proces is het niet nodig of wenselijk te prioriteren in wie wel of geen
voorrang krijgt. Mochten veel ouders tegelijkertijd hun schade indienen, waardoor
het aantal dossiers groter wordt dan de actuele beschikbare behandelcapaciteit, dan
kunnen behandelaars inzien welke ouders al langer wachten bij de CWS en deze ouders
prioriteren. Daarnaast krijgen alle ouders in de wachtrij van de CWS begin 2026 een
flyer in de brievenbus om hen erop te wijzen dat ze de keuze dienen te maken voor
SGH of MijnHerstel om hun aanvullende schade door te geven. Ook hun gemachtigden worden
hierop geattendeerd.
Vraag 8
Wat is de vervolgstap voor deze ouders indien de reguliere route opnieuw geen adequate
uitkomst biedt? Krijgen zij dan opnieuw toegang tot CWS?
Antwoord 8
Wanneer ouders na doorlopen van de route van de SGH of MijnHerstel geen VSO wensen
te tekenen op basis van het uniforme forfaitaire schadekader, rest de mogelijkheid
via de individuele berekening te kijken naar een meer precieze berekening van de schade.
Ook dit traject kan worden afgesloten met een VSO. Mocht ook dat niet tot overeenstemming
leiden, dan zal een beschikking worden afgeven op de aanvullende schade.
Vraag 9
Hoe reageert u op de indruk die ontstaat door uw uitspraak dat «slachtofferschap soms
ook iemands identiteit kan worden»? Hoe verhoudt deze uitspraak zich tot de erkenning
van de daadwerkelijke geleden schade en de ervaringen van ouders?
Antwoord 9
Erkenning van de schade die ouders hebben geleden staat al gedurende de hele hersteloperatie
voorop. De uitspraak is nadrukkelijk niet bedoeld om iets af te doen aan de daadwerkelijke
pijn, het onrecht en de ervaringen die ouders hebben doorstaan. Wat ik ermee wil aangeven,
is dat langdurige onzekerheid, onduidelijkheid en ervaren onrecht soms zo ingrijpend
kunnen zijn, dat zij invloed krijgen op iemands zelfbeeld en op hoe iemand zich door
het leven beweegt. In zulke omstandigheden kan het gevoel van slachtofferschap een
grote rol gaan spelen, omdat het een logisch gevolg is van alles wat iemand is overkomen.
Dat maakt het ook begrijpelijk dat het voor ouders soms moeilijk kan zijn om nog perspectief
of vertrouwen te zien. Tegelijk is het voor mensen van belang om het herstel op een
bepaald moment af te kunnen ronden en achter zich te kunnen laten, om weer vooruit
te kunnen te kijken en de draad van hun leven zelf op te pakken. Het moment en de
manier waarop blijft daarbij natuurlijk voor iedereen persoonlijk. Het doel van de
hersteloperatie blijft om ouders voorbij het onrecht te helpen, door hen erkenning
te bieden, te ondersteunen in herstel en te helpen bij het terugvinden van toekomstperspectief.
Vraag 10
Welke stappen zet u om te voorkomen dat gedupeerden het gevoel krijgen dat hun ervaringen
worden gebagatelliseerd?
Antwoord 10
Vanzelfsprekend is het op geen enkel moment in deze hersteloperatie de bedoeling dat
ouders het gevoel hebben dat hun ervaringen worden gebagatelliseerd. Dat proberen
we te voorkomen door hen de ruimte te geven om hun verhaal te doen, door erkenning
te geven en empathie te tonen voor hun emoties en ervaringen. Ook vind ik het belangrijk
dat we transparant zijn en waar mogelijk niet in juridische termen spreken.
Ook het inzetten van ervaringsdeskundigen speelt een belangrijke rol. Door hun perspectief
consequent mee te nemen, wordt gewerkt aan beleid dat beter aansluit bij wat ouders
daadwerkelijk nodig hebben.
Vraag 11
Hoe beoordeelt u de stelling in het AD-artikel dat de hersteloperatie «bijna klaar»
zou zijn?
Antwoord 11
De hersteloperatie beweegt zich onmiskenbaar richting de laatste fase. Met de lancering
van een centraal aanmeld- en informatieportaal op 25 november 2025, de lancering van
de route MijnHerstel op 2 december 2025 en de vaststelling van één uniform schadekader
gebaseerd op het reeds geruime tijd gehanteerde schadekader van SGH, heeft het kabinet
drie belangrijke stappen gezet om ouders die aanvullende schade hebben ondervonden
sneller en eenvoudiger voorbij het onrecht te helpen. Ondanks dat er nog veel werk
is te verzetten, is hiermee het schadestelsel in essentie gecompleteerd, en zet het
kabinet koers richting het afronden van het financieel herstel in 2027.
Afgelopen maart2 heb ik uw Kamer ook aangegeven dat de ambitie om het financieel herstel in 2027 af
te ronden geenszins betekent dat op dat moment alle inspanningen op het gebied van
herstel zullen eindigen. In de periode naar eind 2027 toe staat ook voor het niet-financiële
deel van herstel nog veel te gebeuren: de bestuurlijk regisseur buigt zich over de
harmonisatie en het oplossen van knelpunten binnen de brede ondersteuning en het Landelijk
Steunpunt Mentaal Welzijn wordt in het eerste kwartaal van 2026 operationeel.
Tegelijk blijft herstel voor iedereen een persoonlijk proces; alle gedupeerden staan
eind 2027 op een ander punt in hun herstel. Het is daarom belangrijk dat wij al ons
werk en al onze kennis zo goed en zorgvuldig mogelijk overdragen naar de reguliere
uitvoering, zowel landelijk als bij gemeenten. Samen met de VNG heb ik de bestuurlijk
regisseur daarom gevraagd om ook hier naar te kijken (zie ook antwoord 12).
Vraag 12
Welke rol ziet u voor gemeenten bij het bieden van brede ondersteuning aan gedupeerden
in de fase na afronding van de hersteloperatie?
Antwoord 12
De brede ondersteuning is een tijdelijke regeling. Erkend gedupeerde ouders en kinderen
die behoefte hebben aan ondersteuning vanuit de gemeente kunnen daar ook een beroep
op doen. Recentelijk heb ik bestuurlijke afspraken gemaakt met de VNG: de uiterste
aanmelddatum voor brede ondersteuning is bepaald op 1 september 2027. Ouders en jongeren
die zich voor de brede ondersteuning hebben aangemeld, hebben na het opstellen van
een Plan van Aanpak nog twee jaar lang recht op uitvoering en wijziging van dat plan.
U bent hierover in een recente Kamerbrief geïnformeerd.3
Op termijn zal de brede ondersteuning worden afgebouwd en kunnen ouders en jongeren
waar nodig terecht bij hun gemeente voor hulp vanuit het regulier sociaal domein.
De bestuurlijk regisseur heeft onder andere als taak om een verantwoorde en breed
gedragen overgang van de gemeentelijke hersteltaken naar het regulier sociaal domein
te begeleiden.
Vraag 13
Hoe wordt voorkomen dat achterstanden, die bij het Ministerie van Financiën worden
ingelopen, vervolgens verschuiven naar gemeenten? Hoe verhoudt dit zich tot het aflopen
van de SPUK-regeling en welke maatregelen treft u om gemeenten voldoende middelen
en ondersteuning te bieden?
Antwoord 13
Er is geen één op één relatie tussen financieel herstel en de brede ondersteuning.
Ouders kunnen op elk moment in hun herstelproces gebruik maken van de brede ondersteuning.
Er zijn al veel gedupeerde ouders die een plan van aanpak hebben opgesteld met de
gemeente, evenals veel jongeren. Gemeenten kunnen de kosten die zij maken om de brede
ondersteuning uit te voeren bij het Ministerie van Financiën indienen via de SPUK-regeling.
Om te zorgen dat gemeenten de komende jaren brede ondersteuning kunnen blijven bieden
aan ouders en kinderen die hier recht op hebben, zal de SPUK worden verlengd. Er is
hiermee duidelijkheid en zekerheid over de looptijd van de brede ondersteuning en
de financiering daarvan. U bent hierover via dezelfde Kamerbrief geïnformeerd.4
Onderdeel van de afspraken is ook dat de voortgang met hulp van de bestuurlijk regisseur
nadrukkelijk gemonitord blijft.
Ondertekenaars
S.T.P.H. Palmen, staatssecretaris van Financiën
Bijlagen
Gerelateerde documenten
Hier vindt u documenten die gerelateerd zijn aan bovenstaand Kamerstuk.