Schriftelijke vragen : Zorgwekkende toename van kinderobesitas
Vragen van de leden Synhaeve en Huizenga (beiden D66) aan de Staatssecretaris van Volksgezondheid, Welzijn en Sport over zorgwekkende toename van kinderobesitas (ingezonden 10 december 2025).
Vraag 1
Bent u bekend met het artikel uit het AD «Jong kind met ernstig overgewicht «wordt gemiddeld maar 39 jaar oud»: artsen slaan
alarm om groeiende groep» van 9 december?1 En bent u bekend met het Panteia-rapport «Monitor Kindermarketing»2, waarin wordt gesteld dat kinderen nog steeds veelvuldig worden blootgesteld aan
marketing voor ongezond eten?
Vraag 2
Herkent u de signalen van kinderartsen over de alarmerende stijging van overgewicht
en (ernstige) obesitas bij kinderen (0–18 jaar)? Erkent u de ernstige gezondheidsrisico’s
hiervan, zoals leververvetting en diabetes type 2?
Vraag 3
Hoe kijkt u naar de observatie dat de omgeving kinderen zo ziek maakt dat er de afgelopen
vier jaar vijf keer zo vaak is ingegrepen met gewichtsverminderende of eetlustremmende
medicatie?
Vraag 4
Hoe kijkt u naar de cijfers uit het persbericht dat van de € 1,6 miljard die voedselbedrijven
jaarlijks besteden aan reclame in totaal 80% gaat naar reclame voor ongezonde producten?
Deelt u de zorg dat kindermarketing voor ongezond voedsel toeneemt, zowel in de online
als de fysieke omgeving van kinderen?
Vraag 5
Wat is uw reactie op het signaal dat kinderartsen in grote steden (Amsterdam, Rotterdam
en Den Bosch) een forse toename van patiënten en een verdubbeling van de wachtlijsten
zien? Deelt u de zorg dat de zorgcapaciteit voor deze kwetsbare groep onder druk staat?
Vraag 6
Hoe geeft u invulling aan de zorgplicht van de overheid om de kindergezondheid te
beschermen? Welke stappen zet u om actiever in te grijpen via wetgeving, bijvoorbeeld
door gezonde voeding relatief goedkoper te maken of kindermarketing voor ongezonde
voeding en dranken te verbieden?
Vraag 7
Bent u bereid het advies in het Panteia-rapport over te nemen om de definitie van
marketing «gericht op kinderen» in de regelgeving te verbreden? Erkent u dat de huidige
definitie te veel ontsnappingsmogelijkheden biedt, waardoor kinderen in de praktijk
alsnog worden blootgesteld aan marketing voor ongezonde voeding?
Vraag 8
Vindt u het niet onwenselijk dat de invoering van een wettelijk verbod op kindermarketing
voor ongezonde voeding keer op keer vertraging oploopt? Zo ja, kunt u aangeven wanneer
het wetsvoorstel naar de Kamer wordt gestuurd?
Vraag 9
Welke inzet pleegt u om tot Europese afspraken te komen gericht op het verbieden van
kindermarketing voor ongezonde voeding en dranken, zowel in de online als de fysieke
omgeving van kinderen?
Vraag 10
Hoe gaat u gehoor geven aan de dringende oproep van de Nederlandse Vereniging voor
Kindergeneeskunde (NVK) tot een «stevig preventiebeleid»? Welke concrete maatregelen
neemt u om de omgeving van het kind gezonder te maken?
Vraag 11
Deelt u de mening dat naast gezond eten ook sporten en bewegen belangrijk is om overgewicht
te voorkomen en fysiek en mentaal sterker te worden? Welke aanvullende maatregelen
op het gebied van sporten en bewegen liggen voor naar aanleiding van deze zorgwekkende
berichtgeving?
Vraag 12
Kunt u deze vragen voorafgaand aan een eerstvolgende debat kinderobesitas dan wel
het WGO Jeugd beantwoorden?
Indieners
-
Gericht aan
J.Z.C.M. Tielen, staatssecretaris van Volksgezondheid, Welzijn en Sport -
Indiener
Marijke Synhaeve, Kamerlid -
Medeindiener
Renilde Huizenga, Kamerlid
Gerelateerde documenten
Hier vindt u documenten die gerelateerd zijn aan bovenstaand Kamerstuk.