Antwoord schriftelijke vragen : Antwoord op vragen van het lid Haage en Westerveld over ' Scholen gaan zelf boeken maken: 'Beter, goedkoper, en duurzamer'
Vragen van de leden Haage en Westerveld (beiden GroenLinks-PvdA) aan de Staatssecretaris van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap over het artikel «Scholen gaan zelf boeken maken: «Beter, goedkoper, en duurzamer»» (ingezonden 6 november 2025).
Antwoord van Staatssecretaris Becking (Onderwijs, Cultuur en Wetenschap) (ontvangen
25 november 2025).
Vraag 1
Hoe beoordeelt u het initiatief van het Nederlandse Onderwijsinstituut (Neon), dat
tot doel heeft schoolboeken beter, goedkoper en duurzamer te maken?1
Antwoord 1
Alle initiatieven die tot doel hebben om leermiddelen beter, goedkoper en duurzamer
te maken juich ik van harte toe. Schoolbesturen zijn verantwoordelijk voor het bieden
van kwalitatief goed onderwijs en ontvangen hiervoor bekostiging. Het is aan scholen
om op basis van hun onderwijskundige visie en leerlingpopulatie de optimale leermiddelenmix
samen te stellen. Het is aan aanbieders om leermiddelen te bieden die passen bij de
vraag en behoeften van scholen. Ik vind het belangrijk dat de leermiddelenmarkt goed
functioneert en scholen kunnen kiezen uit een pluriform aanbod van kwalitatief goede
en betaalbare leermiddelen. Wanneer een nieuw initiatief als Neon kan bijdragen aan
een goede leermiddelenmix, dan is dit een goede ontwikkeling voor scholen.
Vraag 2
Kunt u inzicht geven over de stand van zaken met betrekking tot de uitvoering van
de motie van het lid Haage, waarin de regering wordt verzocht in overleg te treden
met educatieve uitgeverijen en het aantal wegwerpboeken drastisch te verminderen?
Bent u voornemens om het initiatief van Neon te betrekken bij de uitvoering van deze
motie? Ziet u een rol voor het Ministerie van Onderwijs. Cultuur en Wetenschap (OCW)
bij verdere ontwikkeling van dit initiatief?2
Antwoord 2
Ik ben in overleg met de branchevereniging van educatieve uitgevers (MEVW) met betrekking
tot de uitvoering van de motie van het lid Haage3, de motie van het lid Oostenbrink4 en de motie van de leden Rooderkerk en Soepboer5, die in het tweeminutendebat Digitalisering en leermiddelen in het funderend onderwijs
zijn aangenomen. Uw Kamer ontvangt voor de begrotingsbehandeling een brief met de
stand van zaken. Daarin zal ik ook het initiatief van Neon betrekken.
Ik volg de ontwikkelingen rond Neon met interesse en ben met hen in gesprek. Neon
bevindt zich nog duidelijk in de startfase en is het initiatief volop in ontwikkeling.
Naar verwachting worden de eerste methodes in 2027 opgeleverd en kan dan worden gekeken
naar de daadwerkelijke eerste resultaten en impact.
Vraag 3
Hoe beoordeelt u het verschil in jaarlijkse kosten per leerling tussen het model van
Neon (circa € 20 tot € 30 per leerling) en de huidige gemiddelde kosten van ongeveer
€ 340 per leerling? Kunt u inzichtelijk maken wat de mogelijke financiële besparing
voor het Ministerie van OCW zou zijn indien alle scholen zouden overstappen op een
non-profitorganisatie met vergelijkbare prijzen als Neon?
Antwoord 3
Neon bevindt zich in de opstartfase. Het onderwijs is erbij gebaat als Neon met de
schoolbesturen in de coöperatie een propositie ontwikkelt die goed aansluit bij de
behoeften van scholen met betrekking tot de prijs, kwaliteit, flexibiliteit en duurzaamheid.
Scholen zijn vrij in hun keuze voor leermiddelen. Schoolbesturen ontvangen een basisbekostiging
waarmee zij het onderwijs kunnen organiseren. Hier valt ook de aanschaf van leermiddelen
onder. Er is dus geen separaat budget voor leermiddelen.
Vraag 4
Hoe kijkt u aan tegen de positie van educatieve uitgeverijen met een winstoogmerk
ten opzichte van een non-profitmodel zoals dat van Neon? Acht u het huidige model
nog steeds wenselijk, waarbij publiek geld via de aanschaf van leermiddelen bij commerciële
uitgevers terechtkomt, waarvan de winsten uiteindelijk naar aandeelhouders vloeien?
Antwoord 4
Ik vind het belangrijk dat scholen voldoende te kiezen hebben. Nieuwe toetreders in
de markt zorgen voor een breder aanbod. Het is aan scholen om een heldere vraag te
formuleren, op basis waarvan aanbieders een kwalitatief goed, pluriform en betaalbaar
aanbod kunnen ontwikkelen.
De zorgen over de betaalbaarheid van leermiddelen hebben mijn aandacht. Zo heb ik
KPMG onderzoek6 laten doen naar de prijzen, kosten en winstmarges van leermiddelen en ben ik in gesprek
met scholen en uitgevers over de uitvoering van de eerder genoemde moties. Ik zal
uw Kamer daar voor de begrotingsbehandeling over informeren.
Vraag 5
Hoe beoordeelt u het idee van Neon om leraren meer invloed te geven op het samenstellen
van hun eigen lesmethoden? Denkt u dat dit kan bijdragen aan een groter gevoel van
professionele autonomie, waarvan leraren nu vaak aangeven dat zij dit in hun werk
missen?
Antwoord 5
Ja, ik denk dat de professionele autonomie van leraren toeneemt als zij meer invloed
hebben op het samenstellen van hun eigen lesmethoden. Dit is één van de doelen van
het programma Impuls Open Leermateriaal, waarmee ik scholen ondersteun.
Vraag 6
Hoe borgt u de kwaliteit van de leermiddelen van nieuwe toetreders tot de schoolboekenmarkt?
Antwoord 6
Leermiddelen leveren, naast leraren, een cruciale bijdrage aan het leerproces. Ik
wil de kwaliteit van leermiddelen bevorderen door een kwaliteitsalliantie en een landelijk
kwaliteitskader voor leermiddelen. Hierover ben ik in gesprek met het onderwijs, ouders,
leerlingen, experts en aanbieders van lesmateriaal, waaronder nieuwe toetreders als
Neon. Het is mijn streven dat leermiddelen van alle aanbieders kwalitatief goed zijn
en dat het kwaliteitskader hen helpt om dat te realiseren. Ik informeer uw Kamer voor
de begrotingsbehandeling over de stand van zaken.
Ondertekenaars
-
Eerste ondertekenaar
K.M. Becking, staatssecretaris van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap
Bijlagen
Gerelateerde documenten
Hier vindt u documenten die gerelateerd zijn aan bovenstaand Kamerstuk.